Aanwijzingsbesluit vergunningplicht bedrijfsmatige activiteiten Jan Luykenlaan/Van Baerlestraat Den Haag 2026

ic_location.svg

Locatie

ic_category.svg

Soort

mededelingen

ic_calendar.svg

Gepubliceerd op

2026-02-16

ic_publisher.svg

Gepubliceerd door

Gemeente 's-Gravenhage

Informatie

Aanwijzingsbesluit vergunningplicht bedrijfsmatige activiteiten Jan Luykenlaan/Van Baerlestraat Den Haag 2026 Algemene toelichting In afdeling 19 van de APV (Tegengaan onveilig, niet leefbaar of malafide ondernemersklimaat) is in artikel 2:98 lid 2 bepaald dat de burgemeester een gebied, branche of gebouw kan aanwijzen indien hij van mening is dat de leefbaarheid of de openbare orde en veiligheid in of rondom het gebied onder druk komt te staan. Doel van de vergunning is het opwerpen van een barrière in een gebied, branche of gebouw, zodat malafide ondernemers zich daarin minder makkelijk kunnen vestigen of daar minder makkelijk gevestigd kunnen blijven en de kans op meer bonafide ondernemers juist wordt vergroot. Inzet van deze bevoegdheid kan een belangrijke bijdrage leveren aan de vergroting van de leefbaarheid in het gebied en het tegengaan van risico’s voor de openbare orde in dat gebied. Juist in winkelstraten hebben ondernemers namelijk een bepalende invloed op deze leefbaarheid en veiligheid. Zowel hun eigen handelen, als het publiek dat zij aantrekken maken het verschil. De vergunningplicht maakt het mogelijk dat de burgemeester kan beoordelen of bedrijven binnen een gebied of branche de openbare orde of de leefbaarheid in een gebied door hun (ondermijnende, meer onzichtbare) wijze van exploitatie onder druk zetten. Daarmee is de vergunningplicht een middel om de openbare orde en de leefbaarheid binnen een gebied of branche te verbeteren en te waarborgen. Met het behouden van een vergunningplicht en de daarbij behorende levensgedrag- en Bibob-toetsen houdt de gemeente de mogelijkheid malafide ondernemers te weren uit het betreffende gebied op de Jan Luykenlaan en de Van Baerlestraat. Daarmee worden ook bezoekers die overlast of criminaliteit met zich meebrengen geweerd uit het gebied waardoor de leefbaarheid en openbare orde en veiligheid in het gebied verbeteren. Dat deze maatregel effectief is in een dergelijke winkelstraat blijkt ook uit de evaluatie die in oktober 2023 heeft plaatsgevonden naar de vergunningplicht op de Weimarstraat en Beeklaan. Den Haag kent meerdere gebieden waarvan het vorige en het huidige gemeentebestuur heeft aangegeven extra en integrale inzet te plegen vanwege zorgen om de leefbaarheid en veiligheid. In meerdere van die gebieden maakt een omvangrijk winkelgebied onderdeel van die omgeving en in een aantal van die gebieden is er inmiddels voor gekozen om de vergunningplicht in te voeren. Dit betreft de Weimarstraat/Beeklaan; de Goeverneurlaan; de Paul Krugerlaan en dus de Jan Luykenlaan/Van Baerlestraat. De Jan Luykenlaan en Van Baerlestraat staan daarbij nu op een cruciaal punt waarbij er enerzijds een mogelijkheid is om de verbetering die is ingezet door te zetten en anderzijds er een risico is dat het gebied weer afglijdt naar de situatie waar het zich in bevond vóór de invoering van de vergunningplicht. Met het onderhavige aanwijsbesluit wordt het gebied op de Jan Luykenlaan en Van Baerlestraat opnieuw aangewezen voor de vergunningplicht. Het eerdere besluit loopt op 20 februari 2026 af. Het onderhavige besluit beoogt de vergunningplicht zoals hij was door te zetten. In de toelichting wordt daarom gesproken over het verlengen of behouden van de vergunningplicht. In de periode van september en oktober 2025 is met verschillende betrokken ketenpartners gesproken om de effecten van de vergunningplicht op de Jan Luykenlaan in kaart te brengen en te beoordelen of voortzetting van deze vergunningsplicht in dit gebied nog doelmatig en noodzakelijk is. De resultaten van deze verkenning zijn opgenomen in een memo van 19 december 2025 en de handhavingsorganisatie, politie, woningcorporaties Haag Wonen en Hof Wonen en medewerkers van stadsdeel Zuiderpark van gemeente Den Haag. Daar kwam uit naar voren dat de vergunningplicht een positief effect heeft gehad op de leefbaarheid, openbare orde en veiligheid in het focusgebied. Het is aantoonbaar dat enkele malafide ondernemingen hun activiteiten hebben gestaakt en dat daarvoor in de plaats ondernemers teruggekomen zijn die het winkelaanbod hebben verrijkt. De concentratie van malafide ondernemingen in het kantelgebied is daarmee afgenomen. De ketenpartners zijn unaniem van mening dat de leefbaarheid en veiligheid in de buurt verbeterd zijn en dat het winkelaanbod aantrekkelijker is geworden. Uit de gesprekken bleek voorts dat bewoners en de woningcorporaties positieve gevolgen ervaren van de komst van een aantal nieuwe ondernemingen in de straat Jan Luykenlaan en de verbeterde uitstraling in die straat. Om de administratieve last als gevolg van dit nieuwe aanwijzingsbesluit te beperken is overgangsrecht opgenomen. Dit zal in deze toelichting nog worden beschreven. Sinds de invoering van de vergunningplicht zijn er in totaal 41 vergunningaanvragen verwerkt door de gemeente en op dit moment zijn er drie nieuwe aanvragen in behandeling. Ongeveer twee derde van vergunningplichtige ondernemingen bevindt zich op het aangewezen deel van de Jan Luykenlaan en de rest op het aangewezen deel van de Van Baerlestraat. Bij vijf van deze aanvragen is om uiteenlopende redenen geen vergunning verleend. Deze ondernemers zijn inmiddels ook allemaal vertrokken uit het gebied. In een zesde geval is een ondernemer na meerdere aanschrijvingen om een vergunning aan te vragen op eigen gelegenheid vertrokken. Dit maakt dat zes ondernemingen zijn vertrokken of niet zijn begonnen als gevolg van de vergunningplicht. Het betreft in twee gevallen supermarkten, een branche die in het Ondermijningsbeeld expliciet genoemd wordt als kwetsbaar voor ondermijning. In twee gevallen betrof het een uitzendbureau. Ook uitzendbureaus zijn kwetsbaar voor misstanden, zeker in een stad met zoveel arbeidsmigranten als Den Haag. Gelet hierop worden uitzendbureaus ook expliciet genoemd in het actieplan Arbeidsmigranten in goede banen (RIS316674) en komt er een landelijk toelatingsstelsel op uitzendbureaus via de Wet toelating terbeschikkingstelling van arbeidskrachten. Parallel aan de vergunningplicht is een transformatiemanager aangesteld om nieuwe ondernemingen aan te trekken voor de leeggekomen ondernemingen. De voorgevels aan één van de zijdes van de Jan Luykenlaan worden momenteel door de woningcorporaties aangepakt. Hiermee heeft deze straat op korte termijn een aantrekkelijker voorkomen. De woningcorporaties geven aan dat er het afgelopen jaar meer vraag is naar de bedrijfsruimtes op de Jan Luykenlaan, waaruit de conclusie getrokken kan worden dat het gebied voor ondernemers aantrekkelijker is geworden. De handhavingsorganisatie heeft, in aanvulling op de gevoerde gesprekken, bij schrijven van 18 november 2025 input geleverd. Hieruit blijkt dat er recent een volledige (her)controle heeft plaatsgevonden op onder andere de aanwezigheid van een benodigde bedrijfsactiviteitenvergunning, waardoor er nu een goed overzicht is van de situatie en de naleving binnen alle ondernemingen op de Jan Luykenlaan en de Van Baerlestraat. Bij deze controles bleek dat veel ondernemingen in orde waren, maar dat er ook veel ondernemingen waren, waar nog de nodige aandachtspunten werden aangetroffen. Hierbij valt te denken aan het ontbreken van een afvalcontract, de afwezigheid van de op de vergunning aangegeven beheerder en vermoedens dat in sommige gevallen bedrijfsactiviteiten plaatsvinden die niet overeenkomen met de aangevraagde vergunning. Ook werd een aantal keren illegale exploitatie vastgesteld. Op basis van rapportages van de Handhavingsorganisatie zijn sinds de invoering van de vergunningplicht meermaals waarschuwingen verstuurd over misstanden bij de ondernemingen. In twee gevallen heeft dit zelfs geleid tot sluitingen van het pand omdat de ondernemers zich meermaals niet hielden aan de geldende regels. Uit de voornoemde evaluatie naar de vergunningplicht op de Weimarstraat en Beeklaan blijkt dat de werking van de vergunningplicht zowel curatief als preventief is. Dit beeld werd bevestigd door de gesprekken met de ketenpartners. De vergunningplicht is curatief omdat malafide ondernemers gedwongen werden hun activiteiten in het gebied te staken door hen een vergunning te onthouden of het bedrijf (tijdelijk) te sluiten wanneer naderhand alsnog sprake blijkt van onvergunde of illegale activiteiten. Het is preventief omdat de vergunning van nieuwe malafide ondernemers zal worden geweigerd. Met deze dubbele werking staken malafide ondernemers hun activiteiten in het focusgebied. Met het vertrek van deze exploitanten verdwijnt ook (een belangrijk deel van) de overlast en (ondermijnende) criminaliteit uit te buurt. Juist vanwege die laatste reden is het belangrijk de vergunningplicht door te zetten. Uit een rapportage van de politie van 15 december 2025 valt af te leiden dat in de periode van 1 februari 2023 tot en met 5 augustus 2025 een grote inzet is gepleegd door de politie in het gebied rond de Jan Luykenlaan en omgeving Van Baerlestraat. Op de Jan Luykenlaan zijn in die periode 365 incidenten geregistreerd. Op de Van Baerlestraat betreft het 139 incidenten. De aard van de incidenten lopen uiteen van meldingen over verminderde leefbaarheid tot meer ernstige incidenten. Zo is bijvoorbeeld bij een bedrijfspand aan de Van Baerlestraat in 2023 een drugslab aangetroffen met een grote hoeveelheid chemicaliën. Uit het sfeerbeeld van de wijkagent, opgenomen in de bestuurlijke rapportage, blijkt dat veel wijkbewoners zich met name ’s avonds niet veilig voelen op de Jan Luykenlaan en Van Baerlestraat. Er hangen veel mensen, met name jonge mannen, rond op straat en bezoekers die in deze straten worden gecontroleerd door de politie bij hun reguliere werkzaamheden hebben vaak antecedenten op het gebied van misdrijven. In december 2023 is in één van de bedrijfspanden op de Van Baerlestraat een grote hoeveelheid chemicaliën aangetroffen die worden gebruikt bij het vervaardigen en/of verwerken van harddrugs. Het oprollen van deze chemicaliën en overige spullen die hier toen zijn aangetroffen ging dan ook gepaard met grootschalige politie-inzet. Na langdurige leegstand is er voor dit pand een organisatie begonnen waar ongeveer 20 mensen met een beperking onder begeleiding leren timmeren en leren omgaan met computers. In de bestuurlijke rapportage wordt ingegaan op een aantal ondernemingen die als gevolg van de vergunningplicht uit het gebied zijn vertrokken. Over twee vertrokken supermarkten wordt aangegeven dat deze een aanzuigende werking hadden op overlastgevend publiek. In één van deze supermarkten is inmiddels een kringloopwinkel gestart en voor de andere wordt momenteel gezocht naar een passende bestemming. Over een koffiehuis op de Jan Luykenlaan geeft de politie aan dat deze een aanzuigende werking had op personen met criminele antecedenten en dat deze onderneming voor stevige (geluids)overlast zorgde. Gelet op het bovenstaande kan worden geconcludeerd dat er sprake is van een stevige verbetering van het ondernemersklimaat op de Jan Luykenlaan en de Van Baerlestraat. Tegelijkertijd blijkt uit de rapportage van de politie dat de veiligheid en leefbaarheid in dit gebied nog steeds niet zijn hersteld. Het is daarom van belang de vergunningplicht voor drie jaar te verlengen om hiermee de verbetering die plaatsvindt in dit gebied door te zetten. Er is recent nog een onderneming vertrokken als gevolg van de vergunningplicht en er worden nog steeds vergunningen beoordeeld. Hieruit blijkt dat zowel het curatieve, als het preventieve element van de vergunningplicht nog steeds van waarde zijn. Met het verlengen van de vergunningplicht wordt voorkomen dat het voor malafide ondernemers weer mogelijk wordt zich te vestigen in het gebied en de reeds bereikte resultaten teniet worden gedaan. Voortzetting van de vergunningplicht in dit gebied ligt bovendien in de rede, omdat de problematiek zich niet beperkt tot één of meer panden of branches. De aanwezigheid van bedrijven in het aanwijzingsgebied die de openbare orde en de leefbaarheid onder druk zetten, moet als zodanig worden tegengegaan, om de algehele openbare orde en de leefbaarheid aldaar en de omringende straten te verbeteren. Een recente analyse van de politie ondersteunt deze aanpak. De politie heeft aangegeven dat blijkt dat de huidige vergunningsplicht over het algemeen een positieve bijdrage heeft geleverd in termen van betere regulering van bedrijfsactiviteiten, verbeterde veiligheid en verhoogde leefbaarheid binnen het aangewezen en geprioriteerde gebied. De politie adviseert nadrukkelijk om de vergunningsplicht voor ondernemers in het gebied te handhaven. Het doel van dit aanwijzingsbesluit is om de beoogde verbeteringen (leefbaarheid) te handhaven en verder te bevorderen. Dat ondernemers in dit deel van de Jan Luykenlaan en Van Baerlestraat een vergunning moeten aanvragen voor het uitvoeren van hun bedrijfsmatige activiteiten, vormt geen onevenredig hoge drempel voor de vestiging van ondernemers. De vergunningen die onder het vorige aanwijzingsbesluit verleend zijn, blijven op grond van het overgangsrecht in dit aanwijzingsbesluit geldig. Hiervoor zijn geen leges verschuldigd. Dit vergt ook geen (administratieve) handelingen voor de ondernemers. Ook voor nieuw aan te vragen vergunningen geldt dat er geen leges zullen worden geheven. De aan de vergunning te verbinden voorschriften zullen uitsluitend zijn gericht op het stimuleren van een bonafide ondernemingsklimaat. Ondernemers die hun bedrijfsvoering en financiering op orde hebben en zich niet inlaten met criminele activiteiten, zullen dus geen negatieve gevolgen ondervinden van het aanwijzingsbesluit. In artikel 2:98 APV is bepaald dat een gebied uitsluitend voor een bepaalde termijn wordt aangewezen. Omdat in dit gebied wordt ingezet op een integrale, gebiedsgerichte aanpak die vraagt om aanvullende bestuurlijke maatregelen, wordt het gebied nogmaals aangewezen voor de duur van drie jaar. Na afloop van deze periode zal opnieuw beoordeeld worden of het noodzakelijk is een nieuw aanwijzingsbesluit te nemen. Het doel van de verlenging is het bestendigen van de huidige integrale aanpak. Hiervoor is van belang dat de vergunningplicht voor een langere periode van toepassing blijft in het gebied. Om deze reden is gekozen voor een periode van drie jaar. Na de periode van drie jaar zal weer bekeken worden of een nieuwe verlenging aan de orde zal zijn. Dienstenrichtlijn De Dienstenrichtlijn streeft ernaar om de belemmeringen voor dienstverleners om zich in een lidstaat te vestigen of om er tijdelijk diensten te kunnen verrichten zoveel mogelijk weg te nemen. Op een vergunningstelsel dat de uitoefening van dienstenactiviteiten reguleert zijn de artikelen 9 en 10 van de Dienstenrichtlijn van toepassing. Dit betekent dat het inroepen van een vergunningstelsel als deze een gerechtvaardigde beperking van het vrij verrichten van diensten inhoudt, niet discriminatoir en doelmatig is en het nagestreefde doel niet door een minder beperkende maatregel kan worden bereikt (ABRvS 3 maart 2021, ECLI:NL:RVS:2021:461). Er bestaat ten aanzien van de Jan Luykenlaan en Van Baerlestraat een dringende reden van algemeen belang voor het invoeren van een vergunningstelsel voor bedrijfsmatige activiteiten in dit gebied. Een gedeelte van de bedrijfsmatige activiteiten die hier plaatsvinden blijkt crimineel besmet. De openbare orde en de leefbaarheid in het winkelgebied Jan Luykenlaan en Van Baerlestraat staan mede hierdoor al langere tijd onder druk. De Jan Luykenlaan en Van Baerlestraat kennen een concentratie van ondernemingen die daadwerkelijk vatbaar zijn gebleken voor ondermijnende activiteiten en betrokken zijn geweest bij overtredingen en openbare orde incidenten. Dergelijke ondernemingen kunnen met een vergunningstelsel uit het gebied worden geweerd en geweerd blijven. Dit draagt bij aan de verbetering van de veiligheid en leefbaarheid in het gebied. Het in het leven roepen van een vergunningstelsel is voorts onderdeel van een integrale aanpak binnen het gebied. De maatregel is ook doelmatig en het nagestreefde doel kan niet met een minder beperkende maatregel worden bereikt. In dat kader wordt gewezen op het feit dat er in het verleden al diverse maatregelen zijn getroffen in dit gebied om het nagestreefde doel (het beschermen van de openbare orde en de leefbaarheid in het gebied en het tegengaan van ondermijnende criminaliteit). Deze maatregelen hebben echter onvoldoende effect gehad. Zwaardere instrumenten zijn dus nodig om het beoogde doel te bereiken. Een vergunningplicht biedt zo een zwaarder instrument. Door middel van een vergunningplicht zijn er meer mogelijkheden tot toezicht, handhaving en toepassing van de Wet Bibob. Deze middelen zijn niet beschikbaar bij een minder vergaand instrument. Deze instrumenten zijn ook nodig, omdat het merendeel van de ondermijnende activiteiten vanuit ondernemingen die niet reeds over een andere band vergunningplichtig zijn. De maatregel is ook niet discriminatoir. Er wordt een specifiek gebied aangewezen en daarbinnen wordt niet verder gedifferentieerd. Alle ondernemingen binnen het gebied die vallen onder de reikwijdte van artikel 2:98 APV zullen na het in werking treden van dit besluit vergunningplichtig blijven. Besluitvorming De burgemeester van Den Haag, gelet op: - artikel 2:98 van de Algemene plaatselijke verordening voor de gemeente Den Haag (hierna APV); - Beleidsregel bedrijfsactiviteitenvergunning Den Haag 2024; besluit: I. het navolgende gebied aan te wijzen als gebied waar bedrijfsmatige activiteiten vergunningplichtig zijn als bedoeld in artikel 2:98 van de APV: Jan Luykenlaan/Van Baerlestraat, zoals aangegeven op de onderstaande bij dit besluit behorende kaart; II. dat een vergunning, verleend op grond van en voor de duur van het ‘Aanwijzingsbesluit Jan Luykenlaan/Van Baerlestraat vergunningplicht bedrijfsmatige activiteiten ex artikel 2:98 APV d.d. 14 februari 2023’ (RIS314549) geldt als een vergunning op grond van artikel 2:98 APV op grond van het onderhavige aanwijzingsbesluit en geldt voor de duur van het onderhavige aanwijzingsbesluit; III. dat dit besluit bekend gemaakt wordt in het Gemeenteblad en in werking treedt met ingang van 19 februari 2026; IV. dat dit besluit vervalt met ingang van 20 februari 2029. Den Haag, 10 februari 2026 Jan van Zanen Bezwaar Belanghebbenden kunnen tegen dit besluit binnen zes weken na publicatie ervan in het Gemeenteblad een bezwaarschrift indienen bij de burgemeester. Dit bezwaarschrift moet ondertekend zijn en moet ten minste bevatten: - naam en adres van de indiener; - telefoonnummer van de indiener, zodat contact opgenomen kan worden om samen te bespreken wat de beste aanpak van het bezwaarschrift is; - datum bezwaarschrift; - de gronden van het bezwaar; - een omschrijving van het besluit waartegen het bezwaar zich richt. U wordt verzocht tevens een kopie van dit besluit mee te zenden. Het bezwaarschrift moet worden gezonden naar: De burgemeester van Den Haag, t.a.v. de Adviescommissie bezwaarschriften, postbus 12600, 2500 DJ te DEN HAAG. Faxnummer Adviescommissie bezwaarschriften: (070) 353 2331. U kunt uw bezwaarschrift ook via een webformulier indienen. U heeft daarvoor wel een DigiD, of als bedrijf een E-herkenning, nodig. Deze kunt u aanvragen via www.digid.nl, respectievelijk www.eherkenning.nl. Het webformulier is te vinden op de website www.denhaag.nl/nl/bestuur-en-organisatie/contact-met-de-gemeente/klachten-bezwaar-en-compliment/bezwaar-maken-overige-zaken.htm Het indienen van een bezwaarschrift schort de werking van het aanwijzingsbesluit niet op. U kunt, indien u een bezwaarschrift bij de burgemeester heeft ingediend, een verzoek om voorlopige voorziening (o.a. schorsing) indienen bij: Rechtbank Den Haag, Sector Bestuursrecht, Postbus 20302, 2500 EH te DEN HAAG. Voor een dergelijk verzoek is griffierecht verschuldigd.

Categorie: mededelingen

De categorie 'mededelingen' is een restcategorie. De inhoud hiervan is sterk wisselend per gemeente en bevat zaken zoals gedoogbesluiten, huisnummerbesluiten, agenda’s en notulen, openingstijden en verkiezingen. Geadviseerd wordt om deze categorie niet zonder additionele zoektermen te gebruiken.

Extra details

Categorie

mededelingen

Gepubliceerd op

16 feb 2026

Melding-ID

8387072

Meer meldingen zoals "Aanwijzingsbesluit vergunningplicht bedrijfsmatige activiteiten Jan Luykenlaan/Van Baerlestraat Den Haag 2026"