Beleidsregel ontheffing vuurwerkverbod gemeente Het Hogeland 2026

ic_location.svg

Locatie

ic_category.svg

Soort

Mededelingen

ic_calendar.svg

Gepubliceerd op

2026-09-22

ic_publisher.svg

Gepubliceerd door

Gemeente Het Hogeland

Informatie

Beleidsregel ontheffing vuurwerkverbod gemeente Het Hogeland 2026 De burgemeester van de gemeente Het Hogeland Gelet op: 1.Artikel 9.2.2.1a, vierde lid, van de Wet milieubeheer; 2.Artikel 4:81, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht; 3.Artikel 2.3.2 van het Vuurwerkbesluit; Overwegende dat: – De Wet veilige jaarwisseling het voor de burgemeester mogelijk maakt om lokaal ontheffingen te verlenen om in georganiseerd verband vuurwerk van de categorie F2 af te steken tijdens de jaarwisseling; Besluit vast te stellen de ‘Beleidsregel ontheffing vuurwerkverbod gemeente Het Hogeland 2026’. Artikel 1. Begripsbepalingen In deze beleidsregel wordt verstaan onder: 1.Aanvrager: Een vereniging of stichting met lokale binding die staat ingeschreven in het handelsregister, zoals het KVK; 2.Afsteekplaats: Gedeelte van het afsteekterrein waar het vuurwerk tot ontbranding wordt gebracht; 3.Afsteekterrein: Terrein bestaande uit de afsteekplaats en het gebied rondom de afsteekplaats met een minimumafstand van 10 meter vanaf de buitenrand van de afsteekplaats tot de buitenrand van het afsteekterrein; 4.Besluit: Het Vuurwerkbesluit; 5.Grondvuurwerk: vuurwerk waarbij de effectlading meteen tot ontbranding komt vanuit het vuurwerk; 6.Luchtvuurwerk: vuurwerk waarbij de effectlading eerst wordt uitgestoten vanuit het vuurwerk en daarna tot ontbranding komt; 7.Lokale binding: kan onder andere blijken uit het vestigingsadres, eerdere activiteiten of de statutaire doelstelling van de vereniging of stichting. 8.Ontbranders: door de ontheffinghouder aangewezen personen die vuurwerk tot ontbranding mogen brengen en onder leiding van een supervisor staan; 9.Ontheffing: Een ontheffing van het vuurwerkverbod op grond van de Wet; 10.Supervisor: door de ontheffinghouder aangewezen persoon die ter plaatse verantwoordelijk is voor een goede gang van zaken; 11Veiligheidsafstand: Minimumafstand tussen afsteekplaats en publiek; 12Veiligheidszone: Gebied rondom de afsteekplaats met een straal die ten minste gelijk is aan de veiligheidsafstand die bij het tot ontbranding brengen van het betreffende vuurwerk in acht moet worden genomen. 13Wet: De Wet veilige jaarwisseling. 14Categorie F2 vuurwerk: F2 vuurwerk als bedoeld in de Regeling Aanwijzing Consumentenvuurwerk (RAC). Artikel 2. Toepassingsbereik De bepalingen uit deze beleidsregel zien enkel op de door de burgemeester te verlenen ontheffingen op basis van de Wet en het Besluit. Artikel 3 Aanvraagprocedure 1.De aanvrager dient uiterlijk 15 oktober 2026 een aanvraag voor een ontheffing van het vuurwerkverbod in via het door de burgemeester vastgestelde aanvraagformulier. 2.Indien de verstrekte gegevens en bescheiden naar het oordeel van de burgemeester onvoldoende zijn voor de beoordeling van de aanvraag, dan stelt de burgemeester de aanvrager overeenkomstig artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht in de gelegenheid om de aanvraag aan te vullen, tot uiterlijk 1 november 2026. 3.Aanvragen kunnen worden ingediend vanaf 19 september 2026 tot en met 15 oktober 2026 4.De burgemeester wint bij het beoordelen van de aanvraag advies in bij de politie, brandweer, omgevingsdienst en eventuele andere relevante partners. Artikel 4. Voorwaarden voor verlening De burgemeester verleent een ontheffing slechts indien: 1.De aanvrager een vereniging of stichting is met lokale binding die staat ingeschreven in het handelsregister van het KVK; 2.De aanvraag vergezeld gaat van een naar het oordeel van de burgemeester afdoende veiligheidsplan met situatietekening en een overzicht van het af te steken vuurwerk waarin wordt beschreven hoe de aan de ontheffing te verbinden voorschriften zullen worden nageleefd; 3.Het afsteekterrein waarop de aanvraag ziet, niet de binnenruimte is van een gebouw, goed bereikbaar is voor hulpdiensten, zodanig is gelegen dat voldoende ruimte bestaat voor de voorgeschreven veiligheidszone waarin zich geen zeer kwetsbare gebouwen en locaties bevinden, bedrijfsmatig dieren worden gehouden, brandbare objecten of voer- of vaartuigen bevinden en, naar het oordeel van de burgemeester, geschikt is voor het op veilige wijze tot ontbranding brengen en het daaraan voorafgaand bewaren van vuurwerk zoals aangevraagd; 4.De aanvraag betrekking heeft op maximaal 200 kg verpakt bij ministeriële regeling aangewezen vuurwerk van categorie F2; 5.De aanvrager wijst een of twee supervisors aan die ter plaatse verantwoordelijk zijn voor een goede gang van zaken alsmede ten hoogste acht ontbranders heeft aangewezen die vuurwerk tot ontbranding mogen brengen en een telefoonnummer overlegt waarop de supervisor of supervisors bereikbaar zijn. Artikel 5. Weigeringsgronden 1.De burgemeester kan een ontheffing in ieder geval weigeren in het belang van: a.De openbare orde; b.De openbare veiligheid; c.De volksgezondheid en dierenwelzijn; d.De bescherming van het milieu; e.De bescherming van de woon- en leefomgeving. 2.Daarnaast kan de burgemeester de ontheffing ook weigeren indien: a.Is geconstateerd dat de aanvrager bij een eerdere activiteit waarvoor een vergunning of ontheffing is verleend, één of meerdere keren de aan die vergunning of ontheffing verbonden voorschriften overtreden heeft; b.Er gevaar bestaat voor ernstige verkeersbelemmeringen; c.De aanvraag niet tijdig is ingediend. d.De aanvraag onvolledig of niet compleet is. Artikel 6. Aan de ontheffing te verbinden voorschriften 1.Aan de ontheffing worden de volgende, op het afsteekterrein en de veiligheidszone betrekking hebbende voorschriften verbonden: a.Het afsteekterrein en de veiligheidszone worden ingericht overeenkomstig het veiligheidsplan en zijn goed bereikbaar voor de hulpdiensten; b.De veiligheidsafstand bedraagt: 15 meter indien alleen grondvuurwerk wordt afgeschoten, 40 meter indien luchtvuurwerk met een kaliber tot en met 1 inch wordt afgeschoten, en 60 meter indien luchtvuurwerk met een kaliber vanaf 1 inch tot 2 inch wordt afgeschoten; de afstanden voor luchtvuurwerk worden vermenigvuldigd met 1,5 indien dit schuin richting publiek wordt afgeschoten; c.Voordat het vuurwerk op het afsteekterrein wordt neergelegd, wordt het afsteekterrein afgesloten voor het publiek; d.Op het afsteekterrein wordt niet meer dan 200 kg verpakt vuurwerk van categorie F2 op veilige wijze en op ten minste 8 meter van de buitenrand van de veiligheidszone neergelegd en onder permanent toezicht geplaatst door de ontheffinghouder; e.Op het afsteekterrein zijn aanwezig: een afschrift van de ontheffing met de daaraan verbonden voorschriften en een afschrift van de factuur waarop het aanwezige vuurwerk staat vermeld; f.Binnen de veiligheidszone is geen open vuur aanwezig en wordt niet gerookt; g.Op het afsteekterrein zijn ten minste twee goedgekeurde handblusapparaten met een inhoud van ten minste 6 kg ABC-poeder of 9 kg schuim aanwezig waarmee een beginnende brand zo snel mogelijk wordt bestreden. Deze handblusapparaten bevatten geen PFAS; h.Tijdens het tot ontbranding brengen van vuurwerk mag de veiligheidszone niet worden betreden door anderen dan de supervisor, de ontbranders en de toezichthouder; i.Handelingen nabij het vuurwerk die kunnen leiden tot statische elektriciteit, brand, brandgevaar of onbedoelde ontsteking zijn niet toegestaan; j.De veiligheidszone wordt direct na afloop van het tot ontbranding brengen van het vuurwerk opgeruimd en schoon opgeleverd; 2.Aan de ontheffing worden voorts de volgende, op de supervisor en de ontbranders betrekking hebbende voorschriften verbonden: a.Het vuurwerk mag tot ontbranding worden gebracht door maximaal acht in de aanvraag genoemde ontbranders die ten minste 18 jaar oud zijn; b.De ontbranders staan onder leiding van ten minste één in de aanvraag genoemde supervisor die ten minste 18 jaar oud is; c.De supervisor houdt tijdens de ontbranding zicht op het vuurwerk, de afsteekplaats, de veiligheidszone en de ontbranders; d.De supervisor en de ontbranders hebben kennis over het veilig omgaan met vuurwerk; e.De supervisor en de ontbranders dragen een vuurwerkbril en de ontbranders gebruiken een aansteeklont bij het tot ontbranding brengen van het vuurwerk; f.De supervisor en de ontbranders zijn niet onder invloed van alcohol of andere verdovende of stimulerende middelen als bedoeld in artikel 8 van de Wegenverkeerswet 1994 gelezen in samenhang met artikel 3 van het Besluit alcohol, drugs en geneesmiddelen in het verkeer. 3.Aan de ontheffing worden voorts de volgende voorschriften verbonden, die betrekking hebben op het bezit van vuurwerk en op de wijze en het moment waarop het vuurwerk tot ontbranding wordt gebracht: a.Het vuurwerk wordt uitsluitend tot ontbranding gebracht tussen 31 december 2026 18.00 uur en 1 januari 2027 02.00 uur; b.Het vuurwerk wordt afgestoken zoals vastgelegd in het veiligheidsplan dat bij de aanvraag is ingediend en aldus onderdeel uitmaakt van de verleende ontheffing; c.Het vuurwerk wordt niet bewerkt en wordt uitsluitend handmatig afgestoken met een aansteeklont; d.Het tot ontbranding brengen vindt plaats volgens de gebruiksaanwijzing of het veiligheidsinformatieblad behorend bij het vuurwerkartikel, voor zover niet anders is bepaald; e.Het vuurwerk is stabiel en op de grond opgesteld, loodrecht op het grondoppervlak; f.De ondergrond die wordt gebruikt voor het opstellen van het vuurwerk is niet brandbaar; g.Alvorens het vuurwerk tot ontbranding te brengen, wordt gecontroleerd of de minimale veiligheidsafstanden in acht worden genomen; h.Indien nabij de veiligheidszone vuurwerk anders dan fop- en schertsvuurwerk wordt afgestoken of derden de veiligheidszone betreden, wordt het tot ontbranding brengen van vuurwerk onmiddellijk gestaakt; i.Indien weers- of andere omstandigheden het veilig tot ontbranding brengen van vuurwerk bemoeilijken of belemmeren, wordt het tot ontbranding brengen van vuurwerk onmiddellijk gestaakt; j.Niet ontbrand vuurwerk wordt uiterlijk 1 januari 18.00 uur direct volgend op de jaarwisseling geretourneerd aan de verkoper. Artikel 7 Intrekking en wijziging van de verleende ontheffing 1.De burgemeester trekt een verleende ontheffing onverwijld geheel of gedeeltelijk in indien: a.De weers- of andere omstandigheden ten tijde van de periode en ter plaatse van de locatie waarvoor ontheffing is verleend naar verwachting van dien aard zijn dat het veilig tot ontbranding brengen van vuurwerk niet gewaarborgd is; b.Blijkt dat bij de aanvraag onjuiste gegevens zijn verstrekt terwijl verstrekking van de juiste gegevens zou hebben geleid tot weigering van de ontheffing; c.Sedert de aanvraag wijzigingen zijn opgetreden ten opzichte van de bij de aanvraag verstrekte gegevens die, als zij ten tijde van de aanvraag bekend waren geweest, zouden hebben geleid tot weigering van de ontheffing. 2.De burgemeester kan een verleende ontheffing intrekken indien: a.De ontheffinghouder één of meer van de aan de ontheffing verbonden voorschriften niet naleeft; b.Blijkt dat bij de aanvraag onjuiste gegevens zijn verstrekt terwijl verstrekking van de juiste gegevens mogelijk zou hebben geleid tot weigering van de ontheffing; c.Sedert de aanvraag wijzigingen zijn opgetreden ten opzichte van de bij de aanvraag verstrekte gegevens die, als zij ten tijde van de aanvraag bekend waren geweest, mogelijk zouden hebben geleid tot weigering van de ontheffing. Artikel 8. Verdeelsystematiek 1.Per locatie en tijdsperiode wordt maximaal één ontheffing verleend. Indien voor dezelfde locatie en dezelfde tijdsperiode meerdere aanvragen worden ingediend die voor ontheffing in aanmerking komen, worden de aanvragen behandeld op volgorde van binnenkomst van de volledige aanvraag. 2.Indien volledige aanvragen voor dezelfde locatie op exact dezelfde dag en hetzelfde tijdstip worden ontvangen, dan beslist de burgemeester door middel van loting. 3.In afwijking van de overige leden van dit artikel, indien voor dezelfde locatie en dezelfde tijdsperiode een aanvraag voor een vreugdevuur of carbid schieten en een aanvraag voor het ontbranden van vuurwerk worden ingediend, dan heeft de aanvraag voor het vreugdevuur of carbid schieten voorrang boven een aanvraag voor het ontbranden van vuurwerk op dezelfde locatie, indien er op de locatie een aanvraag is gedaan voor vreugdevuren of carbid schieten in de twee voorafgaande jaren. Artikel 9 Inwerkingtreding en citeertitel 1.Deze beleidsregel treedt in werking op de dag na bekendmaking. 2.Deze beleidsregel vervalt van rechtswege op 2 januari 2027. 3.Deze beleidsregel wordt aangehaald als de ‘Beleidsregel ontheffing vuurwerkverbod gemeente Het Hogeland 2026’. Aldus vastgesteld op 18 september 2026J.C.F. Broekhuizen, burgemeester van Het Hogeland

Categorie: Mededelingen

De categorie 'mededelingen' is een restcategorie. De inhoud hiervan is sterk wisselend per gemeente en bevat zaken zoals gedoogbesluiten, huisnummerbesluiten, agenda’s en notulen, openingstijden en verkiezingen. Geadviseerd wordt om deze categorie niet zonder additionele zoektermen te gebruiken.

Meer meldingen zoals "Beleidsregel ontheffing vuurwerkverbod gemeente Het Hogeland 2026"

Mededelingen

Mededelingen

Beleidsregel ontheffing vuurwerkverbod gemeente Het Hogeland 2026

Mededelingen

Mededelingen

Bekendmaking voorgenomen uitgifte opstalrechten nabij 2 adressen te Groningen en Harkstede t.b.v. nutsvoorzieningen

APV

APV

Openstellingsbesluit Subsidieregeling Landbouwexperimenten provincie Groningen

APV

APV

Subsidieregeling landbouwexperimenten provincie Groningen

Mededelingen

Mededelingen

Nota integraal drugsbeleid gemeente Groningen 2026

Mededelingen

Mededelingen

Aanwijzingsbesluit scheepvaart gemeente Groningen 2026

Mededelingen

Mededelingen

Aanwijzingsbesluit externe toezichthouders 2026

Mededelingen

Mededelingen

Bekendmaking voorgenomen verkoop (ruiling) Capellastraat 9 te Groningen

Mededelingen

Mededelingen

Voornemen tot verkoop van twee percelen ten behoeve van sanering door de gemeente Eemsdelta

APV

APV

Openstellingsbesluit Subsidieregeling Innovatie Oogst van Groningen

Mededelingen

Mededelingen

Ontwerp omgevingsprogramma De Nieuwe Held

Mededelingen

Mededelingen

Concept-volgordelijst eerder aanvragen elektriciteitsaansluiting woningbouw en onderwijs gemeente Groningen