Beleidsregel veilige jaarwisseling Ridderkerk 2026

ic_location.svg

Locatie

ic_category.svg

Soort

Mededelingen

ic_calendar.svg

Gepubliceerd op

2026-08-04

ic_publisher.svg

Gepubliceerd door

Gemeente Ridderkerk

Informatie

Beleidsregel veilige jaarwisseling Ridderkerk 2026 De burgemeester van de gemeente Ridderkerk: overwegende dat: -op grond van de Wet veilige jaarwisseling een vuurwerkverbod in de Wet milieubeheer is opgenomen; -het bezit en het gebruik van vuurwerk van de categorieën F2 en F3 voor anderen dan personen met gespecialiseerde kennis is verboden, evenals de verkoop daarvan; -de regels voor het verlenen van een ontheffing op grond van het Besluit veilige jaarwisseling in het Vuurwerkbesluit zijn opgenomen; -de burgemeester ontheffingen kan verlenen, maar dit niet hoeft te doen; -hij in overleg met de lokale driehoek kan besluiten om geen ontheffingen te verlenen; -een besluit om geen ontheffingen te verlenen vervolgens kan worden neergelegd in een beleidsregel; gelet op de artikelen: -9.2.2.1a, van de Wet milieubeheer; -2.3.2. e.v. van het Vuurwerkbesluit; besluit vast te stellen: de Beleidsregel veilige jaarwisseling Ridderkerk 2026 Artikel 1. Inleiding In 2025 hebben de Eerste en Tweede kamer ingestemd met de Wet veilige jaarwisseling. Met deze wet wordt in de Wet milieubeheer een algemeen vuurwerkverbod opgenomen. Gelijktijdig is bepaald dat de burgemeester ontheffing kan verlenen van dit verbod aan stichtingen en verenigingen. De voorwaarden waaronder een aanvraag tot ontheffing kan worden verleend is geregeld in een algemene maatregel van bestuur (AMvB). De AMvB waarin deze voorwaarden en voorschriften voor een ontheffing zijn geregeld, is het Besluit veilige jaarwisseling. Met deze AMvB wordt het vuurwerkbesluit uitgebreid met regels voor het verlenen van ontheffingen. Uit de Nota van toelichting bij het Besluit veilige jaarwisseling blijkt dat de burgemeester beleidsvrijheid heeft bij het al dan niet verlenen van ontheffingen: “De burgemeester kan een ontheffing verlenen, maar hoeft dat niet te doen. Hij kan daartoe zelf beleid opstellen in een beleidsregel. De burgemeester kan beslissen in overleg met de lokale driehoek om geen, of een maximumaantal, ontheffingen te verlenen in zijn gemeente” 1 Bij Koninklijk Besluit van 1 juli 2026 is bepaald dat de Wet veilige jaarwisseling en het Besluit veilige jaarwisseling in werking zullen treden op 1 augustus 2026. Met deze beleidsregel wordt duidelijkheid verschaft over het al dan niet verlenen van ontheffingen. Artikel 2. Uitgangspunt De burgemeester van Ridderkerk zal voorafgaand aan de jaarwisseling 2026-2027 geen ontheffing als bedoeld in artikel 9.2.2.1a, vierde lid, van de Wet milieubeheer verlenen. Dit betekent dat in Ridderkerk geen ontheffing zal worden verleend voor het tot ontbranding brengen van F2-vuurwerk tussen 31 december 2026 18:00 en 1 januari 2027 02:00 uur. Eventuele ontheffingsaanvragen die toch bij de gemeente Ridderkerk worden ingediend zullen worden afgewezen onder verwijzing naar deze beleidsregel. 2 Uit afstemming met de lokale driehoek blijkt dat het Openbaar Ministerie en de politie zich kunnen vinden in een besluit om voor de jaarwisseling 2026-2027 geen ontheffingen voor het afsteken van vuurwerk te verlenen. Ook de brandweer onderschrijft het nut van de beperking om vuurwerk af te steken en de voordelen die dat voor de veiligheid van hulpverleners kan hebben. Artikel 3. Overwegingen om geen ontheffingen te verlenen Aan het besluit om tijdens de jaarwisseling 2026-2027 geen ontheffingen voor het afsteken van het vuurwerk te verlenen, liggen de volgende overwegingen ten grondslag: 3.1 Doel en strekking van de wet De Wet Veilige jaarwisseling heeft als uitgangspunt het verminderen van vuurwerkgerelateerde schade, letsel en verstoringen van de openbare orde door een landelijk verbod op consumentenvuurwerk in te voeren. De ontheffingsbevoegdheid vormt daarop een beperkte uitzondering en niet het uitgangspunt. 3.2 Onvoldoende toezicht mogelijk De mogelijkheden voor toezicht en handhaving vormen een belangrijk aandachtspunt bij de afweging of het wenselijk is om ontheffingen voor het afsteken van vuurwerk tijdens de jaarwisseling te verlenen. Op grond van het Besluit veilige jaarwisseling dienen aan een ontheffing diverse voorschriften te worden verbonden, onder meer met betrekking op de inrichting van het afsteekterrein, de veiligheidszone en de kwalificaties van ontbranders en supervisors. Daarnaast worden ook voorschriften verbonden aan de wijze waarop, de omstandigheden waaronder en het moment waarop het vuurwerk tot ontbranding wordt gebracht. Een deel van het toezicht op deze voorschriften kan voorafgaand aan het afsteekmoment plaatsvinden, bijvoorbeeld door controle van de inrichting van het afsteekterrein en de aanwezigheid van de vereiste voorzieningen. Op het moment waarop het vuurwerk daadwerkelijk wordt afgestoken en de risico’s het grootst zijn, is effectief toezicht echter niet mogelijk. Vanwege onder meer de veiligheidsrisico’s tijdens de jaarwisseling zijn gemeentelijke toezichthouders en buitengewoon opsporingsambtenaren (boa’s) vanaf 18.00 uur niet meer op straat. Zodra de openbare orde of veiligheid in het geding komt, trekken zij zich terug en ligt de verantwoordelijkheid bij de politie. De politie heeft tijdens de jaarwisseling haar capaciteit primair nodig voor het optreden bij excessen en ernstige ordeverstoringen, waarbij tevens speelt dat het totaal onduidelijk is hoe de praktijk zich manifesteert in de eerste jaarwisseling met het algehele vuurwerkverbod. Toezicht op de naleving van de voorschriften die aan een ontheffing verbonden zijn, behoort dan niet tot de reguliere inzet. Dit betekent dat juist tijdens het tijdvak waarin het afsteken van vuurwerk plaatsvindt, tussen 18.00 uur en 02.00 uur, geen structureel toezicht aanwezig is op de naleving van de aan de ontheffing verbonden voorschriften. Hoewel voorafgaand toezicht en het verbinden van voorschriften aan een ontheffing kunnen bijdragen aan de naleving, kunnen deze het ontbreken van toezicht tijdens het daadwerkelijke afsteekmoment niet compenseren. Hierdoor kan niet worden vastgesteld of de voorschriften daadwerkelijk worden nageleefd. Gelet op de veiligheidsrisico’s die ontstaan als de ontheffingsvoorschriften niet worden nageleefd, de verantwoordelijkheid van de burgemeester voor een zorgvuldige toepassing van de ontheffingsbevoegdheid en het ontbreken van voldoende mogelijkheid om de naleving te controleren, acht de burgemeester het niet verantwoord gebruik te maken van de bevoegdheid om ontheffingen te verlenen. 3.3 Huidige problematiek & lokale omstandigheden Bij de vaststelling van deze beleidsregel heeft de burgemeester de specifieke lokale omstandigheden binnen de gemeente Ridderkerk betrokken. Ridderkerk kent meerdere aaneengesloten woonkernen met een relatief hoge bebouwingsdichtheid. Woningen, appartementen, scholen, zorginstellingen, sportvoorzieningen, winkelcentra en andere maatschappelijke voorzieningen liggen veelal op korte afstand van elkaar. Daarnaast beschikt de gemeente over diverse parken, natuur- en groengebieden en oevers langs de Oude Maas. De beschikbare openbare ruimte is hierdoor slechts beperkt geschikt om te voldoen aan de wettelijke eisen die het Besluit veilige jaarwisseling stelt aan een afsteekterrein, de veiligheidszone en de bereikbaarheid voor hulpdiensten. Bovendien kan het afsteken van vuurwerk in of nabij deze gebieden leiden tot extra overlast voor omwonenden, risico's voor dieren, schade aan de openbare ruimte en verstoring van de openbare orde en veiligheid. Het afsteken van vuurwerk leidt bovendien jaarlijks tot aanzienlijke materiële schade. De schade aan gemeentelijke eigendommen bedroeg tijdens de jaarwisseling 2024-2025 € 21.774,16 en tijdens de jaarwisseling 2025-2026 € 41.627,-. Daarbij is uitgegaan van schade die is geconstateerd in de week voorafgaand aan en de week volgend op de jaarwisseling. Gelet op deze lokale omstandigheden en de huidige problematiek acht de burgemeester het niet wenselijk om gebruik te maken van de bevoegdheid om ontheffingen te verlenen. Deze afweging sluit aan bij het doel van de Wet veilige jaarwisseling om vuurwerkgerelateerde schade, letsel en verstoringen van de openbare orde zoveel mogelijk te beperken. 3.4 Aansprakelijkheid Het verlenen van een ontheffing voor het ontbranden van vuurwerk brengt aansprakelijkheidsrisico’s met zich mee. Het ontbranden van vuurwerk kan leiden tot schade en letsel. Hoewel het veilig organiseren en uitvoeren van de vuurwerkactiviteit de primaire verantwoordelijkheid van de ontheffinghouder is, kan de burgemeester of gemeente onder omstandigheden civielrechtelijk aansprakelijk worden gesteld wanneer sprake is van onzorgvuldig handelen of een onrechtmatige daad.3 Daarnaast kan iemand die schade leidt als gevolg van met een ontheffing afgestoken vuurwerk ook een vereniging of stichting die de ontheffing heeft gekregen aansprakelijk stellen. Hierbij kan het in de praktijk lastig zijn vast te stellen door welk vuurwerk schade en/of letsel is veroorzaakt en wie daarvoor aansprakelijk is. De VNG wijst er in haar uitvoeringstoets op dat verenigingen en stichtingen veelal niet beschikken over voldoende financiële draagkracht om omvangrijke schadeclaims te voldoen. Indien verhaal op de organisator of niet of onvoldoende mogelijk is, kan dit lijden tot civielrechtelijke procedures waarin de rol van de burgemeester en gemeente ter discussie wordt gesteld. Gelet op de aansprakelijkheidsrisico’s en de verantwoordelijkheid van de burgemeester voor een zorgvuldig besluitvormingsproces, acht de burgemeester het niet verantwoord om gebruik te maken van de ontheffingsmogelijkheid. Het belang van het beperken van juridische en financiële risico’s weegt in dit verband minder zwaar dan de openbare orde en veiligheid, maar vormt een aanvullende omstandigheid die de gekozen beleidslijn ondersteund. 3.5 Regionale afstemming De burgemeester heeft bij de totstandkoming van deze beleidsregel kennis genomen van de afwegingen die binnen de Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond en de regionale samenwerking tussen gemeenten zijn gemaakt ten aanzien van de uitvoering van de Wet veilige jaarwisseling. Binnen de regio bestaat brede overeenstemming dat het verlenen van ontheffingen leidt tot vergelijkbare vraagstukken op het gebied van toezicht, handhaafbaarheid, uitvoerbaarheid en openbare orde en veiligheid. Om deze reden hebben gemeenten in de regio afgesproken in beginsel geen gebruik te maken van de bevoegdheid om ontheffingen te verlenen. De burgemeester acht deze regionale afstemming van belang omdat een zoveel mogelijk uniforme beleidslijn bijdraagt aan de duidelijkheid voor inwoners, verenigingen/stichtingen en ondernemers, het beperken van waterbedeffecten tussen gemeenten in de regio en een eenduidige uitvoering en handhaving van de Wet veilige jaarwisseling. 3.6 Haalbaarheid en implementatie Het beoordelen en verlenen van ontheffingen voor het afsteken van vuurwerk is een nieuwe taak, waar de gemeentelijke organisatie nog niet op is ingericht. Vanaf 1 augustus 2026 is het mogelijk om een aanvraag voor een ontheffing in te dienen. Om aanvragen voor ontheffingen in behandeling te kunnen nemen en te kunnen beoordelen, moeten onder meer een aanvraagprocedure, beoordelingskader, werkprocessen en interne afstemming worden ingericht. Bovendien zullen er processen en afspraken met de ketenpartners van de gemeente moeten worden ingericht, zoals de politie, de Dienst Centraal Milieubeheer Rijnmond (DCMR) en mogelijk de veiligheidsregio. Ook voor de aanvragers van een ontheffing is het nieuw. Het kost tijd en geld om een vereniging of stichting op te richten, supervisors en ontbranders te vinden, een geschikt afsteekterrein te vinden, een veiligheidsplan op te stellen en om aan alle andere wettelijke eisen voor een ontheffing te voldoen. Gelet op de beperkte implementatietijd en de omvang van de vereiste voorbereidingen, acht de burgemeester het niet mogelijk om deze nieuwe taak op een zorgvuldige, uitvoerbare en handhaafbare wijze vorm te geven. Deze omstandigheid ondersteund de keuze om geen gebruik te maken van de bevoegdheid om ontheffingen te verlenen. 3.7 Alternatieven voor het afsteken van vuurwerk In het coalitieakkoord van de gemeente Ridderkerk is de wens opgenomen om vanaf de jaarwisseling 2028-2029 een centrale vuurwerkshow te organiseren. De wijze waarop hier invulling aan wordt gegeven, bijvoorbeeld door als uitgangspunt te hanteren dit uitsluitend te laten verzorgen door een professionele partij, wordt op een later moment nader uitgewerkt. Daarbij zal worden bezien welke vorm het beste aansluit bij de doelstellingen van de Wet veilige jaarwisseling, waaronder het beperken van vuurwerkgerelateerde schade, letsel en het bevorderen van een veilige en feestelijke jaarwisseling. Artikel 4. Inwerkingtreding en citeertitel 1.Deze beleidsregel treed in werking op de dag na bekendmaking.2.Deze beleidsregel worden aangehaald als: Beleidsregel veilige jaarwisseling Ridderkerk 2026 Aldus vastgesteld op d.d., 27 juli 2026 de burgemeester van RidderkerkC.A. Oosterwijk

Categorie: Mededelingen

De categorie 'mededelingen' is een restcategorie. De inhoud hiervan is sterk wisselend per gemeente en bevat zaken zoals gedoogbesluiten, huisnummerbesluiten, agenda’s en notulen, openingstijden en verkiezingen. Geadviseerd wordt om deze categorie niet zonder additionele zoektermen te gebruiken.

Meer meldingen zoals "Beleidsregel veilige jaarwisseling Ridderkerk 2026"

Mededelingen

Mededelingen

Beleidsregel veilige jaarwisseling Ridderkerk 2026

APV

APV

Stimuleringsregeling natuurvriendelijke oevers 2023-2027

Weerwaarschuwingen

Weerwaarschuwingen

Weerwaarschuwing KNMI - code geel: Temperatuur

Omgeving

Omgeving

Toestemming voor het aanleggen van een nieuwe in- of uitrit op de locatie Floris Klooswerf 6 te Alblasserdam zaaknummer 9003663007

APV

APV

Besluit van gedeputeerde staten van Zuid-Holland van 2 juni 2026, PZH-2026-890984252, tot vaststelling van het subsidieplafond voor 2026 voor de Subsidieregeling Toekomstbestendige bedrijventerreinen Zuid-Holland (Besluit subsidieplafond 2026...

APV

APV

Subsidieregeling Toekomstbestendige bedrijventerreinen Zuid-Holland

Omgeving

Omgeving

Kennisgeving aanvraag omgevingsvergunning Z2026-00000649, Diverse locatie in Ridderkerk

Mededelingen

Mededelingen

Beleidsregels bij waterschapsverordening Waterschap Rivierenland

Omgeving

Omgeving

Waterschap Rivierenland - verlenen omgevingsvergunning voor het realiseren van een nieuwbouwwoning ter plaatse van West Kinderdijk te Alblasserdam, sectie A nummer 8857

Mededelingen

Mededelingen

Budgethoudersregeling Hendrik-Ido-Ambacht 2026

Mededelingen

Mededelingen

Beleidsregel Landelijke Handhavingsstrategie Seveso-inrichtingen (LHS Seveso-inrichtingen)

Omgeving

Omgeving

Aanvraag vergunning voor Aanvragen extra huisnummer op de locatie West Kinderdijk 119 te Alblasserdam zaaknummer 9003668622