Subsidieregeling Lokale Aanpak Isolatie gemeente Borsele 2026
Locatie
Soort
APV
Gepubliceerd op
2026-09-30
Gepubliceerd door
Gemeente Borsele
Informatie
Subsidieregeling Lokale Aanpak Isolatie gemeente Borsele 2026 Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Borsele, gelet op de Regeling specifieke uitkering lokale aanpak isolatie; gelet op titel 4.2 Algemene wet bestuursrecht en de Algemene subsidieverordening gemeente Borsele 2016 overwegende dat het college een vervolg wil geven aan Lokale Aanpak Isolatie gemeente Borsele 2025 overwegende dat het college in het kader van klimaatmaatregelen het isoleren van particuliere woningen wil stimuleren; besluit vast te stellen de: Subsidieregeling Lokale Aanpak Isolatie gemeente Borsele 2026 HOOFDSTUK 1 ALGEMENE BEPALINGEN Artikel 1 Begripsomschrijvingen In deze subsidieregeling wordt verstaan onder: a. appartement: aandeel in een gebouw waarvoor een vereniging van eigenaars is opgericht; b. ASV: Algemene subsidieverordening gemeente Borsele 2016 c. biobased milieuvriendelijk isolatiemateriaal: isolatiemateriaal als bedoeld in artikel 4.5.1. van de Regeling nationale EZ-, LVVN- en KGG-subsidies; d. bouwbedrijf: bedrijf dat in een handelsregister van een lidstaat van de Europese Unie of een van de overige staten die partij zijn bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte, is ingeschreven in de sectie bouwnijverheid of een vergelijkbare sectie; e. bouwkundig deskundige: een deskundige werkzaam bij een bedrijf dat in het handelsregister van een lidstaat van de Europese Unie of een van de overige staten die partij zijn bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte is ingeschreven en expertise heeft op gebied van de aangevraagde isolatiemaatregel; f. doe-het-zelf maatregel: maatregel als bedoeld in artikel 2, tweede lid van de Regeling specifieke uitkering Lokale Aanpak Isolatie, die door een ander wordt uitgevoerd dan door een bouwbedrijf; g. ecologisch deskundige: een persoon met aantoonbare specifieke ecologische kennis en ervaring. Hij of zij geeft ecologisch advies en/of begeleidt werkzaamheden op het gebied van habitats (natuurlijke leefgebieden) en soorten en heeft voldoende kennis en jarenlange ervaring om ecologisch onderzoek te kunnen doen; h. eDNA onderzoek: onderzoeksmethode waarbij op basis van in de omgeving aangetroffen DNA-sporen wordt vastgesteld of beschermde diersoorten aanwezig zijn. Wanneer eDNA-onderzoek de afwezigheid van soorten aantoont, kan isolatiewerk worden uitgevoerd zonder aanvullende ecologische onderzoeken of vergunningplicht. i. eigenaar-bewoner: een natuurlijke persoon die: 1.een woning in eigendom heeft waarin hij zijn hoofdverblijf heeft of direct na renovatie van deze woning zal hebben; of 2.gerechtigde is van een bestaand appartementsrecht en in het desbetreffende appartement zijn hoofdverblijf heeft of direct na renovatie van dat appartement zal hebben; j. energielabel: een energielabel als bedoeld in ‘bijlage I bij artikel 1 van het Besluit bouwwerken leefomgeving’; k. energiezuinige ventilatiemaatregelen: het voor de eerste keer aanleggen van een systeem voor een CO2-gestuurde ventilatie of het voor de eerste keer aanleggen van een systeem voor balansventilatie met warmteterugwinning met een rendement van ten minste 90%; l. erkend financieel adviseur: een geregistreerd natuurlijk persoon bij de Stichting Erkend Hypotheekadviseur; m. factuurdatum: de datum waarop de factuur ter beschikking wordt gesteld aan de eigenaar-bewoner of gemengde vereniging; n. gemengde vereniging: vereniging van eigenaars ten behoeve van gebouwen waarin zich ten minste één woning van een eigenaar-bewoner bevindt; o. hoofdverblijf: een registratie in de Basisregistratie Personen op het adres van de woning waarvoor subsidie wordt aangevraagd; p. meldcode: code behorend bij merk- en productnamen van isolatiematerialen die zijn opgenomen op de meldcodelijst van RVO en in aanmerking komen voor subsidie; q. natuurvrij maken: het treffen van maatregelen om te borgen dat er geen beschermde dieren gedood of verstoord worden in bouwdelen die geïsoleerd worden, conform de Handreiking Natuurvriendelijk Isoleren; r. NVI-certificaat: een certificaat Natuurvriendelijk Isoleren. Bedrijven met een certificaat zijn te vinden op https://www.natuurvriendelijkisoleren.nl; s. slecht geïsoleerde woning: a.een woning van een eigenaar-bewoner met een energielabelklasse D, E, F, G of een met die labelklassen vergelijkbare energetische staat, waaronder wordt verstaan een woning waarin ten minste twee van de volgende bestaande bouwdelen niet of slecht geïsoleerd zijn overeenkomstig Bijlage 1 van deze subsidieregeling: 1.de vloer en de bodem; 2.de gevel, waaronder de spouwmuur; 3.het dak en de zoldervloer en vlieringvloer; 4.de ramen, panelen in kozijnen en deuren; b.een woning in een gebouw waarvoor een gemengde vereniging bestaat en waarin ten minste twee van de volgende bestaande bouwdelen van het gebouw niet of slecht geïsoleerd zijn overeenkomstig Bijlage 1 van deze subsidieregeling: 1.de vloer en de bodem; 2.de gevel, waaronder de spouwmuur; 3.het dak en de zoldervloer en vlieringvloer; 4.de ramen, panelen in kozijnen en deuren; en waarbij de woning fysiek grenst aan het bouwdeel van het gebouw waaraan ten minste één van de voorgenomen energiebesparende isolatiemaatregelen als bedoeld in artikel 7, worden getroffen; t. subsidie(deel)plafond: het budget dat voor een bepaalde periode beschikbaar is gesteld; u. thermische schil: thermische schil als beschreven in ISSO 82.1, zesde druk; v. UF-schuim: ureumformaldehydeschuim, hetgeen een tweecomponentenschuim is op basis van ureumformaldehyde; w. vereniging van eigenaars: vereniging van de eigenaars als bedoeld in artikel 112, eerste lid, onderdeel e, van Boek 5 van het Burgerlijk Wetboek; x. woning: woongelegenheid als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Woningwet, waaronder tevens wordt begrepen een appartement, en als zodanig bewoond is geweest alvorens een renovatie plaatsvindt en in de basisregistratie als bedoeld in artikel 2 van de Wet basisregistratie adressen en gebouwen met een woonfunctie is geregistreerd; y. WOZ-waarde: de op grond van de Wet waardering onroerende zaken onherroepelijke waarde van een woning; z. zeer kleine woning: een woning waar het totale oppervlak van een bouwdeel kleiner is dan het minimaal verplichte oppervlak als bedoeld in artikel 4.5.2. derde lid van de Regeling nationale EZ-, LVVN- en KGG-subsidies. HOOFDSTUK 2 SUBSIDIEVOORWAARDEN Artikel 2 Doelstelling Het verlenen van subsidie aan eigenaar-bewoners met een slecht geïsoleerde woning met als doel het terugdringen van de uitstoot van CO2, het realiseren van een energieneutrale gebouwde omgeving en het bestrijden en voorkomen van energiearmoede. Artikel 3 Doelgroep De subsidie wordt uitsluitend verleend ten behoeve van eigenaar-bewoners van woningen in de gemeente Borsele. Artikel 4 Subsidievoorwaarden De subsidie wordt verleend onder de volgende voorwaarden: a.de aanvrager is eigenaar-bewoner van de woning waarvoor subsidie wordt aangevraagd. De vereniging van eigenaars kan namens de eigenaar-bewoner van een appartementsrecht een aanvraag indienen; b.er is sprake van een slecht geïsoleerde woning; c.de WOZ-waarde van de woning met peildatum 1 januari 2022 bedraagt niet meer dan €500.000. Als de hogere WOZ-waarde na deze datum is verlaagd tot of minder dan €500.000, kan aanvrager verzoeken om uit te gaan van de lagere WOZ-waarde. d.het isoleren van de woning gebeurt natuurvriendelijk met inachtneming van Bijlage 2 van deze subsidieregeling; e.voor gevelisolatie, spouwmuurisolatie, bodemisolatie, vloerisolatie en dakisolatie waarbij isolatiemateriaal wordt ingeblazen of ingespoten, wordt uitsluitend subsidie verstrekt indien de werkzaamheden zijn uitgevoerd door een bedrijf dat is toegelaten op grond van de in bijlage 3 opgenomen toelatingsprocedure en vermeld is op www.zeeuwsisolatieprogramma.nl/bedrijven. Deze voorwaarde is uitsluitend van toepassing op aanvragen waarbij de factuurdatum op of na 1 november 2026 ligt; f.de aanvraag wordt binnen 12 maanden na de factuurdatum van de isolatiemaatregel ingediend; g.de vereiste documenten als bedoeld in deze regeling in de Nederlandse taal en in goed leesbare vorm zijn opgesteld; h.de aanvraag heeft uitsluitend betrekking op kosten als bedoeld in artikel 6 en heeft geen betrekking op arbeidskosten, materiaalkosten voor de afwerking in plaats van voor de isolatiemaatregel, de kosten van eigen uren, vergunningen, ontheffingen, offertes of het indienen van de subsidieaanvraag; i.er geen UF-schuim is gebruikt, tenzij dit voor 1 april 2026 is aangeschaft; j.er is nog geen subsidie op hetzelfde adres verstrekt op grond van deze subsidieregeling of de subsidieregeling Lokale Aanpak Isolatie 2024 of de subsidieregeling Lokale Aanpak Isolatie 2025. k.het subsidie(deel)plafond is nog niet bereikt. HOOFDSTUK 3 SUBSIDIEBEDRAG EN SUBSIDIABELE MAATREGELEN Artikel 5 Subsidieplafond en subsidiebedrag 1.Het subsidieplafond voor deze subsidieregeling is het totaalbedrag van €1.098.7392.Het subsidiedeelplafond voor de subsidie in het vijfde lid is €943.500.3.Het subsidiedeelplafond voor de subsidie in het achtste lid is €102.000.4.De verdeling van de subsidie vindt plaats op volgorde van ontvangst van de aanvragen. 5.Het subsidiebedrag dat eenmalig op grond van deze subsidieregeling voor dezelfde woning kan worden verleend is €2050.6.Voor bodemisolatie is het subsidiebedrag uit het vijfde lid beperkt tot € 26,34 per vierkante meter te isoleren oppervlakte.7.Voor spouwmuurisolatie is het subsidiebedrag uit het vijfde lid beperkt tot € 18,28 per vierkante meter te isoleren oppervlakte aangevuld met € 300 voor eDNA onderzoek/ natuurvrij maken van de woning. Indien het totaal berekende subsidiebedrag lager is dan €1.100, wordt €1.100 verstrekt.8.Indien is geïnvesteerd in biobased milieuvriendelijk isolatiemateriaal wordt in aanvulling op het subsidiebedrag uit het vijfde lid de berekende subsidie per vierkante meter vermeerderd met: a.€ 5 in geval van een investering in dakisolatie; b.€ 1,50 in geval van een investering in zolder- of vlieringvloerisolatie; c.€ 6 in geval van een investering in gevelisolatie; d.€ 1,50 in geval van een investering in spouwmuurisolatie; e.€ 2 in geval van een investering in vloerisolatie; f.€ 1 in geval van een investering in bodemisolatie. 9.Het subsidiebedrag inclusief het subsidiebedrag voor biobased isolatiemateriaal kan nooit meer bedragen dan het factuurbedrag. Artikel 6 Inzet subsidie Subsidie op grond van deze subsidieregeling mag ingezet worden voor: a.de in redelijkheid gemaakte kosten van de bouwproducten die benodigd zijn voor het zelf uitvoeren van maximaal twee isolerende maatregelen aan de eigen woning zoals aangegeven in de subsidieaanvraag; b.de in redelijkheid gemaakte kosten voor de inzet van een bouwkundig deskundige, ecologisch deskundige of erkend financieel adviseur met betrekking tot isolerende maatregelen aan de eigen woning; of c.de in redelijkheid gemaakte kosten voor het laten uitvoeren van maximaal één isolerende maatregel aan de eigen woning door een bouwbedrijf. Artikel 7 Subsidiabele maatregelen 1.In onderstaande tabel staan de twee afzonderlijke isolatiemogelijkheden waaruit isolatiemaatregelen gekozen kunnen worden, te weten: doe-het-zelf maatregel of de inzet van een bouwbedrijf. In de tabel is met een ‘x’ aangegeven of een isolatiemaatregel subsidiabel is binnen de gekozen isolatiemogelijkheid. Doe-het-zelf maatregel Inzet bouwbedrijf Dak/Zolder/vlieringvloerisolatie x x Gevelisolatie x x Vloerisolatie x x Bodemisolatie x Spouwmuur x Glas en kozijnpanelen x Isolerende deuren x CO2-gestuurde ventilatie* x Balansventilatie met WTW* x *i.c.m. één van de andere genoemde isolatiemaatregelen 2.De minimale isolatiewaarden en oppervlakten en overige eisen per onderdeel genoemd in het eerste lid van dit artikel waaraan voldaan moet worden, zijn beschreven in artikel 4.5.2. derde lid van de Regeling nationale EZ- en LNNV- en KGG-subsidies.3.In afwijking van het tweede lid bedraagt het minimale oppervlak bij spouwmuurisolatie uit ten minste 20 vierkante meter van de bestaande thermische schil;4.Indien er sprake is van een zeer kleine woning mag het college afwijken van de eisen ten aanzien van de minimaal te isoleren vierkante meters. HOOFDSTUK 4 AANVRAAG EN VASTSTELLING SUBSIDIE Artikel 8 Subsidieaanvraag 1.In afwijking van de Algemene Subsidie Verordening gemeente Borsele 2016 wordt bij een subsidieaanvraag de volgende informatie overgelegd: a.naam, adres, postcode, woonplaats, e-mailadres en bankrekeningnummer van de aanvrager; b.het energielabel of een beschrijving van de staat van de woning als bedoeld in artikel 1, slecht geïsoleerde woning; en c.de WOZ-waarde als bedoeld in artikel 4, onder c. 2.Bij het zelf uitvoeren van de isolatiemaatregel als bedoeld in artikel 6, onder a, wordt ook de volgende informatie en worden de volgende documenten overgelegd: a.facturen op adres van de aanvrager en een betaalbewijs voor het aangeschafte subsidiabele materiaal, waarop het deel van de kosten die subsidiabel zijn duidelijk uitgesplitst en herkenbaar zijn; b.de meldcode van het aangeschafte isolatiemateriaal, de isolatiewaarde en netto oppervlakte van de isolatiemaatregel(en) in m2 wat voldoet aan de eisen uit artikel 7, tweede lid; c.foto’s van de te isoleren bouwdelen van de woning voor uitvoering van de isolatiemaatregel(en); en d.foto’s van het etiket van het isolatiemateriaal met de dikte, isolatiewaarde en productnaam. 3.Bij het laten uitvoeren van de isolatiemaatregel door een bouwbedrijf als bedoeld in artikel 6, onder c, wordt ook de volgende informatie en de volgende documenten overgelegd: a.offerte van het bouwbedrijf op adres van de aanvrager met een meldcode waaruit de uit te voeren maatregelen, de kosten, de meldcode en netto oppervlakte van de isolatiemaatregelen in m2 zijn af te lezen en voldoet aan de eisen uit artikel 7, tweede lid; b.een NVI-certificaat van het bouwbedrijf indien dit op basis van Bijlage 2 van deze subsidieregeling is vereist. Artikel 9 Behandeling aanvraag subsidieverlening en subsidievoorschriften 1.Het college beslist op een aanvraag binnen acht weken nadat de aanvraag is ingediend en alle gegevens en bescheiden die voor de beslissing op de aanvraag nodig zijn en waarover de aanvrager redelijkerwijs de beschikking kan krijgen, zijn overgelegd. 2.Het besluit tot subsidieverlening bevat naast de subsidiegrondslag in ieder geval het bedrag, de omschrijving van de prestaties die door de subsidieontvanger verricht moeten worden en de met de prestaties beoogde resultaten en een termijn (van 12 maanden) waarbinnen verantwoording dient te worden afgelegd over de gerealiseerde isolatiemaatregelen.3.[Als een gemotiveerd verzoek hiertoe wordt ingediend, kan de te verleende subsidie als voorschot worden verstrekt.]4.Door het college kunnen steekproefsgewijze controles worden uitgevoerd op uitvoering en rechtmatige besteding van de subsidie.5.Het college kan aan de subsidieverlening nadere voorschriften en verplichtingen verbinden. Artikel 10 Weigeringsgronden Het college weigert de subsidie (gedeeltelijk) als: a.de aanvraag niet past binnen de subsidiabele activiteiten als bedoeld in artikel 2; b.de aanvrager niet behoort tot de doelgroep als bedoeld in artikel 3; c.de aanvrager niet voldoet aan de subsidievoorwaarden als bedoeld in artikel 4; d.het subsidie(deel)plafond als bedoeld in artikel 5 is bereikt of door toekenning van de subsidie zou worden overschreden; e.de aanvraag niet valt onder een van de isolatiemaatregelen als bedoeld in artikel 6 en 7. Artikel 11 Subsidievaststelling 1.Een aanvraag tot subsidievaststelling dient te worden ingediend maximaal 12 maanden na de factuurdatum. Indien na afloop van deze termijn geen aanvraag is ingediend, kan de subsidie ambtshalve worden vastgesteld op nihil.2.Bij de aanvraag tot subsidievaststelling wordt per isolatiemaatregel de volgende informatie en documenten overgelegd: a.Bij het zelf uitvoeren van de isolatiemaatregel als bedoeld in artikel 6, onder a: 1.de datum van uitvoering van de isolatiemaatregel(en) die voldoet aan de eisen uit artikel 7, tweede lid; 2.foto’s van de te isoleren bouwdelen tijdens en ná uitvoering van de isolatiemaatregel(en); en 3.een rapportage van een ecologisch deskundige indien dit op basis van Bijlage 2 van deze subsidieregeling is vereist. b.Bij het laten uitvoeren van de isolatiemaatregel door een bouwbedrijf als bedoeld in artikel 6, onder c: 1.facturen en betaalbewijzen voor de uitgevoerde subsidiabele activiteiten, waarop het deel van de kosten die subsidiabel zijn uitgesplitst en herkenbaar zijn, inclusief datum van uitvoering; en 2.een rapportage van een ecologisch deskundige indien dit op basis van Bijlage 2 van deze subsidieregeling is vereist. 3.Het college beslist op een aanvraag tot subsidievaststelling binnen acht weken nadat de aanvraag volledig is ingediend. De beslistermijn vangt aan op de dag nadat alle gegevens en bescheiden die voor de beoordeling van de aanvraag nodig zijn en waarover de aanvrager redelijkerwijs de beschikking kan krijgen, zijn overgelegd.4.De subsidie wordt door het college vastgesteld op basis van de werkelijke kosten tot het subsidiebedrag als bedoeld in artikel 5, vijfde tot en met het negende lid.5.De subsidie kan lager worden vastgesteld indien: a.de activiteiten waarvoor subsidie is verleend niet of niet geheel hebben plaatsgevonden; b.de subsidieontvanger niet heeft voldaan aan de aan de subsidie verbonden verplichtingen; c.de subsidieontvanger onjuiste of onvolledige gegevens heeft verstrekt en de verstrekking van juiste of volledige gegevens tot een ander besluit op de aanvraag tot subsidieverlening zou hebben geleid; of d.de subsidieverlening anderszins onjuist was en de subsidieontvanger dit wist of behoorde te weten. HOOFDSTUK 5 SLOTBEPALINGEN Artikel 12 Hardheidsclausule Het college kan deze subsidieregeling in individuele gevallen buiten toepassing laten of daarvan afwijken voor zover de toepassing van de bepalingen in deze regeling voor de subsidieaanvrager of -ontvanger gevolgen zou hebben die vanwege bijzondere omstandigheden onevenredig zijn in verhouding tot de met de betrokken bepalingen te dienen doelen. Artikel 13 Inwerkingtreding, overgangsrecht en citeertitel 1.Deze subsidieregeling treedt in werking op 1 oktober 2026.2.Bij het in werking treden van deze subsidieregeling wordt de Subsidieregeling Lokale Aanpak Isolatie gemeente Borsele 2025 ingetrokken. 3.Deze subsidieregeling eindigt op 31 december 2028. 4.Op aanvragen die voor in werking treden van deze subsidieregeling zijn ingediend, blijft de Subsidieregeling Lokale Aanpak Isolatie gemeente Borsele 2025 van toepassing totdat het besluit tot subsidievaststelling onherroepelijk wordt. 5.De subsidieplafonds als bedoeld in artikel 5 gelden vanaf 23 mei 2024 en omvatten zowel de eerder vastgestelde regeling(en) als de met dit besluit vast te stellen regeling.6.Deze subsidieregeling is aan te halen als “Subsidieregeling Lokale Aanpak Isolatie gemeente Borsele 2026”. Aldus besloten in de vergadering van het college van 29 september 2026. Burgemeester en Wethouders van gemeente Borsele gemeentesecretaris, J.M. Jansen burgemeester,G.M. Dijksterhuis Bijlage 1 - Overzicht slecht geïsoleerde bouwdelen Een bouwdeel is slecht geïsoleerd als de waardes gelijk of lager zijn dan de waardes in de rechterkolom van onderstaande tabel. 1°.de vloer en de bodem; 2°.de gevel, waaronder de spouwmuur; 3°.het dak en de zoldervloer en vlieringvloer; 4°.de ramen, panelen in kozijnen en deuren; Bouwdeel Wanneer aanpakken? Indicatie dikte of Rc of U-waarde Dak en de zoldervloer en vlieringvloer Geen, slechte en matige dakisolatie Minder dan 9 cm aanwezig / een Rc ≤ 2,0 Als er geen zolder-/vlieringvloerisolatie aanwezig is Rc ≤ 0,5 Gevel, waaronder de spouwmuur Geen spouwmuurisolatie, voorzetwand of buitengevelisolatie aanwezig Rc ≤ 1,1 Vloer en de bodem Geen of slechte vloer- en bodemisolatie aanwezig Minder dan 5cm aanwezig, Rc ≤ 1,3 Ramen, panelen in kozijnen en deuren Enkel glas, oud dubbelglas en HR glas Ug waarde ≥ 1,6 Bijlage 2 - Handreiking Natuurvriendelijk isoleren METHODIEK NATUURVRIENDELIJK ISOLEREN (NVI) IN GEVAL VAN: ▪DAKISOLATIE ▪SPOUWMUURISOLATIE ▪BORSTWERINGISOLATIE ▪BINNENMUURISOLATIE ▪BUITENMUURISOLATIE ▪PLAATSEN ZONNEPANLEN VOOR PARTICULIERE, GRONDGEBONDEN WONINGEN Definities Ecologische begeleiding en natuurvrij maken Term Definitie Ecologisch deskundige Een ecologisch deskundige is een persoon met aantoonbare specifieke ecologische kennis en ervaring. Hij of zij geeft ecologisch advies en/of begeleidt werkzaamheden op het gebied van habitats (natuurlijke leefgebieden) en soorten. Hij of zij heeft voldoende kennis en jarenlange ervaring om ecologisch onderzoek te kunnen doen. Hiermee wordt bedoeld dat de ecologisch deskundige: ▪de functionaliteit van leefgebieden van beschermde soorten (her)kent; ▪kennis heeft van algemeen erkende onderzoeksmethoden; ▪ecologische werkprotocollen kan uitwerken; ▪ specifieke maatregelen kan begeleiden. De ecologisch deskundige geeft ecologische begeleiding bij werkzaamheden waar dat vereist is (zie verder in PROTOCOLLEN). Natuurvrij maken Ervoor zorgen dat aanwezige vleermuizen en vogels een woning zelfstandig kunnen verlaten en niet kunnen terugkeren, om te voorkomen dat deze gedood/verwond worden tijdens de werkzaamheden (exclusion). Mag alleen conform de natuurkalender. Na 5 dagen is de woning natuurvrij. Als er meer tijd zit tussen het natuurvrij maken en de uiteindelijke werkzaamheden, moeten deze maatregelen in de tussentijd aantoonbaar functioneel blijven. Als dit niet het geval is, moet een woning opnieuw natuurvrij worden gemaakt (conform de natuurkalender). Bij het natuurvrij maken moet met de volgende zaken rekening gehouden worden: ▪Bij het natuurvrij maken moeten alle potentiële invliegopeningen worden afgedicht en voorzien van exclusion flaps zodat vleermuizen niet ingesloten worden maar ook geen mogelijkheid meer hebben het gebouw binnen te komen. ▪Het afdichten van nestplekken van broedvogels dient overdag plaats te vinden als de dieren afwezig zijn of zijn weggevlogen. Term Definitie ▪Het natuurvrij maken moet terug te draaien zijn (bijvoorbeeld als een project onverwacht vertraging oploopt, moeten natuurwerende-voorzieningen verwijderd kunnen worden). ▪Na uitvoering van de isolatiewerkzaamheden moeten de maatregelen van het natuurvrij maken worden verwijderd Hoe exact gedegen natuurvrij gemaakt moet worden is onderdeel van de cursus training ‘Natuurvriendelijk isoleren’. Alleen NVI- gecertificeerde medewerkers mogen natuurvrij maken. Het certificaat moet getoond kunnen worden op locatie. Dit mag digitaal zijn. Bij bepaalde werkzaamheden zoals buitendakisolatie (zie verderop in PROTOCOLLEN) is aanvullend begeleiding noodzakelijk van een ecologische deskundige. Exclusion Flaps Eénrichtingswegvoorzieningen die gebruikt worden om gebouwen natuurvrij te maken. De dieren kunnen het gebouw wel verlaten maar door het gladde verticale oppervlak van de exclusion flap het gebouw niet meer opnieuw betreden. Exclusion flaps die in het kader van NVI gebruikt worden, moeten groot genoeg zijn zodat ook grotere vleermuissoorten zoals laatvlieger en meervleermuis comfortabel de flap kunnen passeren. De voorkeur gaat uit naar het gebruik van standaard exclusion flaps. De diameter van de in-/uitgang (het deel van de exclusion flap waar de vleermuizen de flap betreden en dat over bijvoorbeeld een stootvoeg wordt geplaatst) moet minimaal 50 x 25 mm zijn en de flap moet minimaal 30 mm ruimte (de afstand tussen de voor- en achterzijde van de flap) bieden. Mitigatie- en compensatieplan Plan opgesteld door ecologisch deskundige waarin omschreven staat hoe schade aan natuurwaarden wordt gecompenseerd (voorkomen doden/verwonden en realiseren alternatief verblijf). Alleen van toepassing bij binnendakisolatie én als dak richting binnenruimte passeerbaar is voor vleermuizen/vogels (zie verderop, PROTOCOL binnendakisolatie). Verblijfplaatsen Term Definitie Spouwverblijf Een voorziening die voor vleermuizen gerealiseerd moet worden in een spouwmuur wanneer er bij werkzaamheden, zoals spouwmuurisolatie, een compensatieplicht geldt. Niet van toepassing bij binnenmuurisolatie. Een voorziening heeft drie openingen (bijvoorbeeld open stootvoegen) die toegang geven voor vleermuizen. Verblijfplaatsoppervlak De voor vleermuizen beschikbare, interne ruimte in een voorziening (som van oppervlaktes van binnenruimtes). Voor vleermuizen wordt per verblijflaag/spleetvormige ruimte, ondanks dat vleermuizen aan beide wanden van een spleetvormige ruimte kunnen hangen, met één wandzijde gerekend omdat er binnen dezelfde spleetvormige ruimte een vergelijkbaar microklimaat heerst. Bij een spouwverblijf met interne afmetingen van 100 x 100 cm is het verblijfplaatsoppervlak dus 1 m2. Bij een drielaagse voorziening met interne afmetingen (per laag) van 50 x 50 cm is het verblijfplaatsoppervlak 0,75 m2 (vierkante meter). Spleetruimte De ruimte tussen de twee zijden van een spleetvormige ruimte in een vleermuisvoorziening waar vleermuizen in kunnen verblijven. Werkzaamheden Term Definitie Isolatie spouwmuur Het vullen van de bestaande spouw door het inspuiten van isolatiematerialen. Het afdichten van kieren of gaten in de muur of bij kozijnen valt hier ook onder. Isolatie borstwering Isoleren van de holle ruimte tussen (betonnen of houten) plaatmateriaal en binnenmuur. Binnendakisolatie Het isoleren van pannendaken aan de binnenzijde door aan het dakbeschot isolatiemateriaal te bevestigen waarna de binnenwandafwerking eroverheen wordt geplaatst. Een ruimte vullen tussen dakbeschot en binnenwandafwerking met gespoten isolatiemateriaal is niet toegestaan onder NVI, en behoort niet tot de hier beschouwde isolatiewerkzaamheden. Buitendakisolatie Dakisolatie door het verwijderen van dakpannen, het bevestigen van isolatieplaten op het dak en het vervolgens plaatsen van regels en pannen. Het spuiten van isolatieschuim onder de pannen is niet Term Definitie toegestaan onder NVI, en behoort niet tot de hier beschouwde isolatiewerkzaamheden. Binnenmuurisolatie Het plaatsen van voorzetwanden met isolatiemateriaal tegen de buitenmuur via de binnenzijde van de woning. Buitenmuurisolatie Het plaatsen van voorzetwanden met isolatiemateriaal tegen de buitenmuur via de buitenzijde van de woning. Tussenwoning Een woning waar twee gevels worden gedeeld met de aangrenzende woningen, m.a.w. de woning wordt aan beide zijden ingesloten door andere woningen. Bij een tussenwoning worden maximaal twee gevels geïsoleerd. Hoekwoning of tweeonder-één-kapwoning Een woning waar doorgaans één gevel wordt gedeeld met een aangrenzende woning. Hier zijn in de regel drie te isoleren gevels aanwezig. Extra gevels van een uitbouw tellen niet mee. Vrijstaande woning Woning heeft vier eigen gevels zonder deze te delen met een aangrenzende woning. Woningen die geschakeld zijn door het delen van gevels, van maximaal 1 bouwlaag (bijvoorbeeld garages) vallen onder vrijstaande woning. Lage woning Woning lager dan ‘twee bouwlagen met vliering’. Uitgangspunten NVI methodiek Gebruik van NVI methodiek algemeen De NVI methodiek is ontwikkeld in het kader van de gebiedsgerichte pre-SMP vergunning, voor gebruik bij particuliere, grondgebonden woningen waarin geen (bekende) bijzondere vleermuisverblijfplaatsen aanwezig zijn. De NVI methodiek kan niet worden gebruikt als: ▪het gaat om andere gebouwen/woningen dan particuliere, grondgebonden woningen (de regeling geldt niet voor corporatiewoningen, hoogbouw/VVE’s of andere panden); ▪na een positieve eDNA-test; ▪en/of wanneer een vleermuiskraamverblijf is vastgesteld/wordt verwacht in de betreffende woning.1 De NVI methodiek is in regel bedoeld voor het uitvoeren van isolatiewerkzaamheden aan particuliere grondgebonden woningen onder een gemeentelijke pre-SMP vergunning. Wel zijn er gevallen waarbij de NVI ook buiten een pre-SMP vergunning kan worden toegepast, zoals bij gemeenten waar in een SMP-vergunning expliciet is opgenomen dat isolatiewerkzaamheden aan grondgebonden particuliere woningen met de NVI methodiek mag worden uitgevoerd. Om na te gaan of/onder welke voorwaarden NVI kan worden toegepast, kan de NVI meldingsapplicatie worden geraadpleegd en/of contact worden opgenomen met de gemeente. NVI methodiek gebruik door particulieren Particulieren mogen ook gebruik maken van de NVI methodiek bij werkzaamheden waarbij natuurvrij maken niet noodzakelijk is (waarvoor geen NVI-certificaat benodigd). Het gaat om specifieke werkzaamheden als binnendakisolatie en binnenmuurisolatie. Deze werkzaamheden zijn wel meldingsplichtig in de Meldingsapplicatie NVI. De werkzaamheden dienen aan de gemeente te worden doorgegeven, zodat de gemeente melding kan doen in de Meldingsapplicatie NVI namens de particulier. Ecologische begeleiding De ecologisch deskundige (zie DEFINITIES) bepaalt of en in welke mate ecologische begeleiding (bij werkzaamheden waar ecologische begeleiding van toepassing is, zie PROTOCOLLEN) noodzakelijk is. In bepaalde situaties (als onvoldoende duidelijk wat ecologische potenties zijn op basis van beeldmateriaal) is ecologische begeleiding ter plaatse noodzakelijk. Ecologische begeleiding bij werkzaamheden kan in veel gevallen (als voldoende duidelijk wat ecologische potenties zijn op basis van beeldmateriaal) wél op afstand (digitaal en/of telefonisch) worden gedaan door een ecologisch deskundige. De ecologisch begeleider legt uit hoe de woning in dit specifieke geval natuurvrij gemaakt kan worden en hoe het verlies van nest- en verblijfplaatsen van vogels en vleermuizen gecompenseerd moet worden. In het geval er digitaal/telefonisch contact met de ecologische deskundige is, worden zowel na het natuurvrij maken als na het realiseren van de compensatie foto’s hiervan ter goedkeuring naar de ecologisch begeleider gestuurd. De ecologisch deskundigen mogen ook zelf natuurvrij maken indien zij beschikken over het ‘Natuurvriendelijk isoleren’ certificaat. Passeerbaarheid voor vogels en vleermuizen Om verwarring en discussies te voorkomen worden er in de protocollen geen maten meer genoemd van passeerbaarheid van gevels en daken door vogels en vleermuizen. Als er kieren of gaten aanwezig zijn dan dient er altijd (ongeacht afmeting kieren/gaten) aangenomen te worden dat deze passeerbaar zijn voor vogels en vleermuizen. NVI PROTOCOL 1 - Dakisolatie Binnenzijde DAKISOLATIE BINNENZIJDE - VERPLICHTING 1 Voorkom het doden en verstoren van vogels en vleermuizen 1a) Het isoleren van daken is meldingsplichtig in de Meldingsapplicatie NVI. Meldt de werkzaamheden in de applicatie minimaal 48 uur voorafgaand aan het uitvoeren van de werkzaamheden. Aan de melding moeten de volgende bewijzen worden toegevoegd: ▪Mitigatie- en compensatieplan (indien van toepassing, zie 1e). ▪Fotobewijs2 van alternatieve vogel- en vleermuisvoorzieningen als deze zijn gerealiseerd. 1b) Bij binnendakisolatie mag het dak aan de buitenzijde niet worden beroerd. 1c) Is het dakbeschot niet passeerbaar voor vogels en vleermuizen, dan kan binnendakisolatie jaarrond plaatsvinden. Natuurvrij maken is dan ook niet noodzakelijk. 1d) Is het dakbeschot wel passeerbaar voor vogels en vleermuizen? Vraag dan een ecologisch deskundige om de woning te onderzoeken op aanwijzingen dat vogels en/of vleermuizen gebruik maken van de zolder of vliering en kunnen worden ingesloten. Het gaat hier om zolders en vlieringen die niet worden gebruikt en waar geen menselijke verstoring optreedt en die toegankelijk zijn voor vogels of vleermuizen. DAKISOLATIE BINNENZIJDE - VERPLICHTING 2 Beperk het verlies van verblijfplaatsen van vogels en vleermuizen 1e) Als er aanwijzingen zijn dat er vogels en/of vleermuizen op de zolder of vliering aanwezig zijn (zie 1d) dan wordt bij werkzaamheden als eerst gezocht naar mogelijkheden om de zolder toegankelijk te houden voor deze soorten. Is dit niet mogelijk, dan kan voor de zolder worden gekozen om vervangende voorzieningen te plaatsen volgens de vigerende kennisdocumenten. Er dient dan in overleg met een ecologisch deskundige een gedegen mitigatie- en compensatieplan te worden opgesteld. Dit is altijd maatwerk. Indien er geen aanwijzingen zijn dat er vogels en/of vleermuizen op de zolder aanwezig zijn (volgt uit 1d), dan zijn ook geen voorzieningen nodig. NVI PROTOCOL 2 - Dakisolatie Buitenzijde DAKISOLATIE BUITENZIJDE - VERPLICHTING 1 Voorkom het doden en verstoren van vogels en vleermuizen 2a) Het isoleren van daken is meldingsplichtig in de Meldingsapplicatie NVI. Meldt de werkzaamheden in de applicatie minimaal 48 uur voorafgaand aan het natuurvrij maken. Aan de melding moeten de volgende bewijzen worden toegevoegd: ▪Voeg uiterlijk binnen 24 uur na natuurvrij fotobewijs3 van het natuurvrij maken. ▪Indien van toepassing (bij natuurvrij maken in overgangsperioden natuurkalender) schriftelijke verklaring van deskundig ecoloog dat vogel- en vleermuiswerende maatregelen voldoende effectief zijn. ▪Na uitvoering van de werkzaamheden fotobewijs van het geschikt houden van het dak voor vogels en vleermuizen. ▪Indien van toepassing bewijs4 als om technische redenen (zie hoofdstuk ‘OVERZICHT COMPENSATIETAAKSTELLING’) het dak niet geschikt gemaakt kan worden voor vleermuizen en vogels en daarom alternatieve vogel- en vleermuisvoorzieningen zijn gerealiseerd. ▪Fotobewijs van alternatieve vogel- en vleermuisvoorzieningen als deze zijn gerealiseerd. 2b) Het natuurvrij maken van een woning van vogels en vleermuizen moet onder begeleiding van een ecologisch deskundige (zie hoofdstuk ‘Uitgangspunten NVI methodiek’). 2c) Voor het natuurvrij maken geldt de natuurkalender opgenomen in dit protocol. Is de woning tijdig natuurvrij, conform de natuurkalender, dan mogen de werkzaamheden jaarrond plaatsvinden. Let op, bij het natuurvij maken in de overgangsperioden (eerste helft maart en eerste helft november), is een bevestiging van een deskundig ecoloog nodig dat/na hoeveel dagen de vogel- en vleermuiswerende voorzieningen voldoende effectief zijn (hangt af van weersomstandigheden en/of waargenomen vleermuisactiviteit). 2d) Als er tijd zit tussen het natuurvrij maken en de uiteindelijke werkzaamheden, moeten deze maatregelen in de tussentijd functioneel blijven. Als dit niet het geval is, moet een woning opnieuw natuurvrij worden gemaakt (conform natuurkalender). Een voorbeeld is als er voorafgaande aan de winterperiode natuurvrij wordt gemaakt en pas in het voorjaar wordt gestart met de werkzaamheden. Dan dienen de maatregelen geregeld gecontroleerd te worden of de voorzieningen nog functioneel zijn (bijvoorbeeld of de exclusion flaps niet zijn losgekomen, er geen nieuwe spleten/kieren zijn, etc.). Na uitvoering van de isolatiewerkzaamheden moeten de maatregelen van het natuurvrij maken worden verwijderd. 2e) Wanneer het dak geïsoleerd wordt en de spouw van boven open is moet inregening worden voorkomen. Dit kan door de spouw van bovenaf (tijdelijk, alleen gedurende de werkzaamheden) dicht te zetten, mits er dan zekerheid is dat er open stootvoegen in de muur zitten (of gemaakt worden). De stootvoegen dienen minimaal 25 bij 50 mm te zijn. Dit is zodat vleermuizen die in de muur zitten en nu niet meer via de dakrand de spouw uit kunnen nog wel via de (gemaakte) stootvoegen naar buiten kunnen. Bij gebruik van steigers mogen de (gemaakte) stootvoegen niet geblokkeerd worden door steigers en steigerdoeken (eventueel kunnen steigerdoeken tussen zonsondergang en zonsopkomst worden weggehaald). Figuur 1 De Natuurkalender DAKISOLATIE BUITENZIJDE - VERPLICHTING 2 Beperk het verlies van verblijfplaatsen van vogels en vleermuizen 2f) Optie 1: Het dak moet na de dakisolatie toegankelijk zijn voor vleermuizen en vogels door hen invliegopeningen onder de pannen te bieden van minimaal 35 mm tussen pan en dakrand. Plaats onder deze daken geen vogelschroot onder de eerste drie rijen dakpan vanaf onderen. De toegang tot het dak aan de zijkant moet lopen via de gevelpannen of de windveer en aan de onderkant via de daklijst of de muurplaat. Tussen isolatiemateriaal en dakpannen moet minimaal 80 mm zitten. De dakisolatie moet ruw of met speciaal gripgaas zijn afgewerkt om vogels en vleermuizen grip te geven. Ook wordt hiermee schade aan het isolatiemateriaal en verstrengeling in bijvoorbeeld dampopen folies voorkomen. Als de toegang naar de spouw via het dak verdwijnt, dienen extra stootvoegen aan de spouw toegevoegd te worden om deze toegankelijk te houden. 2g) Optie 2: Is het toegankelijk houden van het dak om technische redenen niet mogelijk (met bewijslast via de meldingsapplicatie NVI), kijk dan of het mogelijk is om in het overstek of aan de dakrand/daklijsten voorzieningen voor vogels te creëren. Het gaat in totaal om vier vogelvoorzieningen. Mocht dit ook niet mogelijk zijn dan mag dit worden vervangen voor een andere vogelvoorziening (zie beslisboom in ‘OVERZICHT COMPENSATIETAAKSTELLING’), zolang het aantal voorzieningen gelijk blijft. 2h) De eisen aan een geschikte vleermuisvoorziening en/of een geschikte vogelvoorziening staan bij het hoofdstuk ‘OVERZICHT COMPENSATIETAAKSTELLING’. NVI PROTOCOL 3 – Spouwmuurisolatie SPOUWMUURISOLATIE - VERPLICHTING 1 Voorkom het doden en verstoren van vogels en vleermuizen 3a) Het isoleren van spouwmuren is meldingsplichtig in de Meldingsapplicatie NVI. Meldt de werkzaamheden in de applicatie minimaal 48 uur voorafgaand aan het natuurvrij maken. Aan de melding moeten de volgende bewijzen worden toegevoegd: ▪Voeg uiterlijk binnen 24 uur na natuurvrij fotobewijs5 van het natuurvrij maken. ▪Indien van toepassing (bij natuurvrij maken in overgangsperioden natuurkalender) schriftelijke verklaring van deskundig ecoloog dat vogel- en vleermuiswerende maatregelen voldoende effectief zijn. ▪Na uitvoering van de werkzaamheden fotobewijs van de compensatie. ▪Indien van toepassing bewijs6 als om technische redenen (zie hoofdstuk ‘OVERZICHT COMPENSATIETAAKSTELLING’) een uitsparing in de muur niet mogelijk is, en daarmee een andere vleermuisvoorziening is gerealiseerd. 3b) Maak alle spouwen altijd natuurvrij voordat er wordt gestart met de spouwmuurisolatie. Plaats vleermuis - en vogelwerende voorzieningen, door het afdichten van kieren, gaten, etc. Sluit ook de toegang tot de spouw via aangrenzende gebouwen of via het dak af door middel van vleermuis- en vogelwerende voorzieningen. Te allen tijde moeten de dieren de ruimte wel kunnen verlaten, maar er niet kunnen terugkeren. 3c) Voor het natuurvrij maken van een spouw moet door de uitvoerdermedewerker een bewijs getoond worden een training ‘Natuurvriendelijk isoleren’ is gevolgd. Alleen NVI-gecertificeerde medewerkers mogen natuurvrij maken. Het certificaat moet getoond kunnen worden op locatie bij eventuele handhaving. 3d) Het aanbrengen van vleermuis- en vogelwerende maatregelen is toegestaan conform de natuurkalender in dit protocol. Het aanbrengen moet 5 dagen of meer voorafgaand aan het isoleren uitgevoerd worden zodat de dieren de kans krijgen om te vertrekken. In de winterperiode moet echter de hele winter gewacht worden tot de spouw natuurvrij mag worden verklaard. 3e) Is de woning tijdig natuurvrij gemaakt, dan kan jaarrond worden geïsoleerd. Ook in de kwetsbare kraamperiode (rood) of in de winterperiode (oranje) kan worden geïsoleerd zolang de vleermuis- en vogelwerende maatregelen tijdig vóór die kwetsbare periode zijn aangebracht. Let op, bij het natuurvij maken in de overgangsperioden (eerste helft maart en eerste helft november), is een bevestiging van een deskundig ecoloog nodig dat/na hoeveel dagen de vogel- en vleermuiswerende voorzieningen voldoende effectief zijn (hangt af van weersomstandigheden en/of waargenomen vleermuisactiviteit). 3f) Als er tijd zit tussen het natuurvrij maken en de uiteindelijke werkzaamheden, moeten deze maatregelen in de tussentijd functioneel blijven. Als dit niet het geval is, moet een woning opnieuw natuurvrij worden gemaakt (conform natuurkalender). Een voorbeeld is als er voorafgaande aan de winterperiode natuurvrij wordt gemaakt en pas in het voorjaar wordt gestart met de werkzaamheden. Dan dienen de maatregelen geregeld gecontroleerd te worden of de voorzieningen nog functioneel zijn (bijvoorbeeld of de exclusion flaps niet zijn losgekomen, er geen nieuwe spleten/kieren zijn, etc.). Na uitvoering van de isolatiewerkzaamheden moeten de maatregelen van het natuurvrij maken worden verwijderd. Figuur 2 De Natuurkalender SPOUWMUURISOLATIE - VERPLICHTING 2 Beperk het verlies van verblijfplaatsen van vogels en vleermuizen 3g) Maak bij tussenwoningen per gevel een klein spouwverblijf van 30 x 30 cm. Kan om technische redenen (met bewijslast via de meldingsapplicatie NVI) geen klein spouwverblijf worden gerealiseerd, dan mag dit worden vervangen voor een andere vleermuisvoorziening (zie beslisboom in ‘OVERZICHT COMPENSATIETAAKSTELLING’), zolang het aantal voorzieningen gelijk blijft. 3h) In geval van een hoekwoning, eindwoning of vrijstaande woning moet in de nok per woning een groot spouwverblijf van 100 x 100 cm worden aangebracht. Wanneer om technische redenen (met bewijslast via de meldingsapplicatie NVI) geen groot spouwverblijf kan worden gerealiseerd, mag dit worden vervangen door een andere vleermuisvoorziening (zie beslisboom in ‘OVERZICHT COMPENSATIETAAKSTELLING’), zolang het aantal voorzieningen gelijk blijft. 3i) De eisen aan een spouwverblijf of een geschikte vleermuisvoorziening staan in het hoofdstuk ‘OVERZICHT COMPENSATIETAAKSTELLING’. NVI PROTOCOL 4 – Isolatie Borstwering ISOLATIE BORSTWERING - VERPLICHTING 1 Voorkom het doden en verstoren van vogels en vleermuizen 4a) Het isoleren van borstweringen is meldingsplichtig in de Meldingsapplicatie NVI. Meldt de werkzaamheden in de applicatie minimaal 48 uur voorafgaand aan het natuurvrij maken. Aan de melding moeten de volgende bewijzen worden toegevoegd: ▪Voeg uiterlijk binnen 24 uur na natuurvrij fotobewijs7 van het natuurvrij maken. ▪Indien van toepassing (bij natuurvrij maken in overgangsperioden natuurkalender) schriftelijke verklaring van deskundig ecoloog dat vogel- en vleermuiswerende maatregelen voldoende effectief zijn. ▪Na uitvoering van de werkzaamheden fotobewijs van de compensatie. ▪Indien van toepassing bewijs8 als om technische redenen (zie hoofdstuk ‘OVERZICHT COMPENSATIETAAKSTELLING’) een uitsparing in de muur niet mogelijk is, en daarmee een andere vleermuisvoorziening is gerealiseerd. 4b) Maak borstweringen natuurvrij voordat u start met de isolatie. Plaats vogel- en vleermuiswerende voorzieningen, door het afdichten van kieren, gaten, etc. Te allen tijde moeten de dieren de ruimte wel kunnen verlaten, maar er niet kunnen terugkeren. 4c) Voor het natuurvrij maken van een spouw moet door de uitvoerdermedewerker een bewijs getoond worden een training ‘Natuurvriendelijk isoleren’ is gevolgd. Alleen NVI-gecertificeerde medewerkers mogen natuurvrij maken. Het certificaat moet getoond kunnen worden op locatie bij eventuele handhaving. 4d) Het aanbrengen van vleermuis- en vogelwerende maatregelen is toegestaan conform de natuurkalender in dit protocol. Het aanbrengen moet 5 dagen of meer voorafgaand aan het isoleren uitgevoerd worden zodat de dieren de kans krijgen om te vertrekken. In de winterperiode moet echter de hele winter gewacht worden tot de spouw natuurvrij mag worden verklaard. 4e) Is de woning tijdig natuurvrij gemaakt, dan kan jaarrond worden geïsoleerd. Ook in de kwetsbare kraamperiode (rood) of in de winterperiode (oranje) kan worden geïsoleerd zolang de vleermuis- en vogelwerende maatregelen tijdig vóór die kwetsbare periode zijn aangebracht. Let op, bij het natuurvij maken in de overgangsperioden (eerste helft maart en eerste helft november), is een bevestiging van een deskundig ecoloog nodig dat/na hoeveel dagen de vogel- en vleermuiswerende voorzieningen voldoende effectief zijn (hangt af van weersomstandigheden en/of waargenomen vleermuisactiviteit). 4f) Als er tijd zit tussen het natuurvrij maken en de uiteindelijke werkzaamheden, moeten deze maatregelen in de tussentijd functioneel blijven. Als dit niet het geval is, moet een woning opnieuw natuurvrij worden gemaakt (conform natuurkalender). Een voorbeeld is als er voorafgaande aan de winterperiode natuurvrij wordt gemaakt en pas in het voorjaar wordt gestart met de werkzaamheden. Dan dienen de maatregelen geregeld gecontroleerd te worden of de voorzieningen nog functioneel zijn (bijvoorbeeld of de exclusion flaps niet zijn losgekomen, er geen nieuwe spleten/kieren zijn, etc.). Na uitvoering van de isolatiewerkzaamheden moeten de maatregelen van het natuurvrij maken worden verwijderd. Figuur 3 De Natuurkalender ISOLATIE BORSTWERING - VERPLICHTING 2 Beperk het verlies van verblijfplaatsen van vogels en vleermuizen 4g) Blijft de spouw toegankelijk of wordt de spouw ook natuurvriendelijk geïsoleerd, dan zijn geen extra vleermuisvoorzieningen nodig boven op de compensatie voor het isoleren van de spouw (zie ‘NVI PROTOCOL 3 - SPOUWMUURISOLATIE’). In alle andere gevallen realiseer per borstwering één vleermuisvoorziening. 4h) De eisen aan een geschikte vleermuisvoorziening staan in het hoofdstuk ‘OVERZICHT COMPENSATIETAAKSTELLING’. NVI PROTOCOL 5 – Binnenmuurisolatie BINNENMUURISOLATIE - VERPLICHTING 1 Voorkom het doden en verstoren van vogels en vleermuizen 5a) Het isoleren van de binnenmuren is meldingsplichtig in de meldingsapplicatie NVI. Meldt de werkzaamheden in de applicatie minimaal 48 uur voorafgaand aan het uitvoeren van de werkzaamheden. 5b) Bij het isoleren van de buitenmuren door het plaatsen van voorzetwanden aan de binnenzijde van de woning gelden geen voorwaarden/maatregelen om het doden van beschermde soorten te voorkomen. BINNENMUURISOLATIE - VERPLICHTING 2 Beperk het verlies van verblijfplaatsen van vogels en vleermuizen 5c) Er geldt voor deze werkzaamheden geen compensatieplicht. NVI PROTOCOL 6 – Buitenmuurisolatie BUITENMUURISOLATIE - VERPLICHTING 1 Voorkom het doden en verstoren van vogels en vleermuizen 6a) Het isoleren van buitenmuren is meldingsplichtig in de Meldingsapplicatie NVI. Meldt de werkzaamheden in de applicatie minimaal 48 uur voorafgaand aan het natuurvrij maken. Aan de melding moeten de volgende bewijzen worden toegevoegd: ▪Voeg uiterlijk binnen 24 uur na natuurvrij fotobewijs9 van het natuurvrij maken. ▪Indien van toepassing (bij natuurvrij maken in overgangsperioden natuurkalender) schriftelijke verklaring van deskundig ecoloog dat vogel- en vleermuiswerende maatregelen voldoende effectief zijn. ▪Na uitvoering van de werkzaamheden fotobewijs van de compensatie. ▪Indien van toepassing bewijs10 als om technische redenen (zie hoofdstuk ‘OVERZICHT COMPENSATIETAAKSTELLING’) een uitsparing in de muur niet mogelijk is, en daarmee een andere vleermuisvoorziening is gerealiseerd. 6b) Maak alle spouwen altijd natuurvrij voordat er wordt gestart met de buitenmuurisolatie. Plaats vleermuis - en vogelwerende voorzieningen, door het afdichten van kieren, gaten, etc. Sluit ook de toegang tot de spouw via aangrenzende gebouwen of via het dak af door middel van vleermuis - en vogelwerende voorzieningen. Te allen tijde moeten de dieren de ruimte wel kunnen verlaten, maar er niet kunnen terugkeren. 6c) Voor het natuurvrij maken van een spouw moet door de uitvoerdermedewerker een bewijs getoond worden een training ‘Natuurvriendelijk isoleren’ is gevolgd. Alleen NVI-gecertificeerde medewerkers mogen natuurvrij maken. Het certificaat moet getoond kunnen worden op locatie bij eventuele handhaving. 6d) Het aanbrengen van vleermuis- en vogelwerende maatregelen is toegestaan conform de natuurkalender in dit protocol. Het aanbrengen moet 5 dagen of meer voorafgaand aan het isoleren uitgevoerd worden zodat de dieren de kans krijgen om te vertrekken. In de winterperiode moet echter de hele winter gewacht worden tot de spouw natuurvrij mag worden verklaard. 6e) Is de woning tijdig natuurvrij gemaakt, dan kan jaarrond worden geïsoleerd. Ook in de kwetsbare kraamperiode (rood) of in de winterperiode (oranje) kan worden geïsoleerd zolang de vleermuis- en vogelwerende maatregelen tijdig vóór die kwetsbare periode zijn aangebracht. Let op, bij het natuurvij maken in de overgangsperioden (eerste helft maart en eerste helft november), is een bevestiging van een deskundig ecoloog nodig dat/na hoeveel dagen de vogel- en vleermuiswerende voorzieningen voldoende effectief zijn (hangt af van weersomstandigheden en/of waargenomen vleermuisactiviteit). 6f) Als er tijd zit tussen het natuurvrij maken en de uiteindelijke werkzaamheden, moeten deze maatregelen in de tussentijd functioneel blijven. Als dit niet het geval is, moet een woning opnieuw natuurvrij worden gemaakt (conform natuurkalender). Een voorbeeld is als er voorafgaande aan de winterperiode natuurvrij wordt gemaakt en pas in het voorjaar wordt gestart met de werkzaamheden. Dan dienen de maatregelen geregeld gecontroleerd te worden of de voorzieningen nog functioneel zijn (bijvoorbeeld of de exclusion flaps niet zijn losgekomen, er geen nieuwe spleten/kieren zijn, etc.). Na uitvoering van de isolatiewerkzaamheden moeten de maatregelen van het natuurvrij maken worden verwijderd. Figuur 4 De Natuurkalender BUITENMUURISOLATIE - VERPLICHTING 2 Beperk het verlies van verblijfplaatsen van vogels en vleermuizen 6g) Verdwijnen door het plaatsen van de voorzetmuur kieren of spleten in de muur, dan wel bij kozijnen of bij de dakrand, plaats dan per gevel een vogelvoorziening en maak per gevel een vleermuisvoorziening. 6h) De eisen aan een geschikte vogel- en vleermuisvoorziening staan in het hoofdstuk ‘OVERZICHT COMPENSATIETAAKSTELLING’. NVI PROTOCOL 7 – Plaatsen Zonnepanelen PLAATSEN ZONNEPANELEN - VERPLICHTING 1 Voorkom het doden en verstoren van vogels en vleermuizen 7a) Het plaatsen van zonnepanelen is meldingsplichtig in de meldingsapplicatie NVI. Meldt de werkzaamheden in de applicatie minimaal 7 dagen voorafgaand aan het uitvoeren van de werkzaamheden. 7b) Het plaatsen van zonnepanelen op platte daken is buiten het broedseizoen (1 augustus tot 1 april) altijd toegestaan. In het broedseizoen (1 april tot 1 augustus) zijn werkzaamheden enkel toegestaan als er geen nest aanwezig is op het dak; wordt in deze periode wel een nest op het dak waargenomen dan worden de werkzaamheden uitgesteld tot na het broedseizoen. 7c) Het plaatsen van zonnepanelen op hellende daken dient altijd plaats te vinden buiten het broedseizoen (1 augustus tot 1 april). 7d) Dakpannen dienen voorzichtig te worden verwijderd als op de daken moet worden gelopen om het dooddrukken van vleermuizen te voorkomen. PLAATSEN ZONNEPANELEN - VERPLICHTING 2 Beperk het verlies van verblijfplaatsen van vogels en vleermuizen 7e) Laat bij het plaatsen van zonnepanelen aan de randen van het dak (zijkanten en rand van de dakgoot) een zone over waarop geen zonnepanelen worden gelegd. Deze randen zijn drie dakpannen breed of hoog. Compensatietaakstelling Overzicht compensatietaakstelling In onderstaande tabel wordt de compensatietaakstelling voor particuliere grondgebonden, woningen in één overzicht weergegeven. Tabel 1 Overzicht compensatietaakstelling per type werkzaamheden Type werkzaamheden Compensatietaakstelling Dakisolatie binnenzijde - in het geval dat het dakbeschot niet passeerbaar was voor vogels en vleermuizen Geen compensatieverplichting. Dakisolatie binnenzijde - in het geval dat het dakbeschot wél passeervaar was voor vogels en vleermuizen Een op maat gemaakt mitigatie- en compensatieplan volgens vigerende kennisdocumenten (in afstemming met een ecologisch deskundige en onder ecologische begeleiding). Dakisolatie buitenzijde - in het geval dat het dak wel geschikt te houden is voor vogels en vleermuizen ▪Toegangen van minimaal 35 mm tussen pan en dakrand. ▪Geen vogelschroot onder de eerste drie rijen dakpannen. ▪Tussen isolatiemateriaal en dakpannen dient 80 mm te zitten. ▪De dakisolatie moet ruw of met speciaal gripgaas zijn afgewerkt en mag niet rafelen. (Betrek bij deze werkzaamheden een ecologische deskundige voor ecologische begeleiding). Dakisolatie buitenzijde - in het geval dat het dak niet geschikt te houden is voor vogels en vleermuizen In het overstek of aan de dakrand/daklijsten 4 voorzieningen voor vogels. Spouwmuurisolatie – bij tussenwoning 1 klein spouwverblijf per gevel (30x30 cm). Spouwmuurisolatie – bij hoekwoning, eindwoning of vrijstaand. 1 groot (100x100 cm) spouwverblijf per woning. Type werkzaamheden Compensatietaakstelling Isolatie borstweringen – als de spouw toegankelijk blijft of de spouw ook natuurvriendelijk wordt geïsoleerd Geen extra compensatieverplichting (bovenop deze voor spouwisolatie). Isolatie borstweringen – overige gevallen (als spouw niet (meer) toegankelijk is en spouw niet natuurvriendelijk is geïsoleerd) Per borstwering één vleermuisvoorziening. Binnenmuurisolatie Geen compensatieverplichting. Buitenmuurisolatie – als door het plaatsen van de voorzetmuur er kieren verdwijnen in de muur, bij kozijnen of bij de dakrand Per gevel 1 vogelvoorziening en 1 vleermuisvoorziening. Buitenmuurisolatie – als geen kieren verdwijnen Geen compensatieverplichting. Plaatsen zonnepanelen Geen compensatieverplichting. Algemene eisen compensatie Algemene eisen compensatie voor vogels ▪Zo veel mogelijk beschut tegen zon en regen. Bij voorkeur op het noord- of noordoosten. ▪Minimale vrije uitvliegruimte van 3 meter (uitgaan van oorspronkelijke situatie). ▪Op minimaal 50 cm afstand van de andere vogelvoorziening. Algemene eisen compensatie voor vleermuizen ▪Minimale vrije uitvliegruimte van 3 meter (uitgaan van oorspronkelijk situatie). ▪Niet beschenen door kunstlicht. ▪Is niet boven/vlakbij een raam of een deur. ▪Is de gevel heel glad, zorg dan voor een vleermuisvoorziening die een landingsplaats heeft. Beslisboom compensatie (op basis van prioriteit) De onderstaande beslisboom is bedoeld om invulling te geven aan de compensatietaakstelling waarbij er verschillende opties zijn, afhankelijk van wat er bij de desbetreffende woning in de praktijk mogelijk is. De opties van vleermuis- en vogelvoorzieningen kennen een prioritering. Vandaar dient deze beslisboom te worden doorlopen van boven naar beneden om te kijken wat in het specifieke geval kan (en dus moet). De gemaakte afweging en onderbouwing dient bij de melding in de meldingsapplicatie beschreven te worden. Figuur 5 Beslisboom voor voorzieningen bij gevelwerkzaamheden Figuur 6 Beslisboom voor compensatie bij dak werkzaamheden Technische aspecten spouwverblijf ▪Een spouwverblijf is een verblijfplaats die gemaakt wordt door bij de isolatie van spouwmuren een bepaalde ruimte vrij te houden van isolatiemateriaal. De spouwborstels (of andere technische oplossingen) moeten al het isolatiemateriaal tegenhouden. ▪De spouwverblijven worden gemaakt na het natuurvrij maken van de gevel. ▪Vleermuiswerende maatregelen mogen de toegang tot de spouwverblijven niet belemmeren. ▪Maak het spouwverblijf aan de bovenzijde van de spouwmuur. Breng bijvoorbeeld vanaf de bovenzijde een spouwborstel in een U-vorm in de spouw. In de onderstaande afbeelding is dit de rode lijn. Eén spouwverblijf is idealiter vierkant, maar mag ook meerdere aaneengesloten ruimtes zijn. Gebruik evt. een wedi-plaat (zie foto’s hieronder). Minimaal 1 m2 verblijfplaatsoppervlak (100x100 cm) bij grote spouwverblijven in een hoekwoning, eindwoning of vrijstaand. Minimaal 30x30 cm bij een tussenwoning. ▪Zorg ervoor dat het spouwverblijf aan de bovenzijde openblijft zodat deze in verbinding staat met het dak. Is de spouw van de bovenzijde gesloten? Dan moet u deze met een smalle sleuf van minimaal 25 mm breed x 50 mm lang, openen zodat het spouwverblijf in verbinding komt met het dak. ▪Maak in de gevel verspreid over de gehele onderzijde (om kastconstipatie te voorkomen) drie openingen die toegang geven tot het spouwverblijf. Deze openingen hebben een afmeting van minimaal 25 mm bij 50 mm en kunnen zowel verticaal als horizontaal worden geplaatst. Deze openingen kunnen bijvoorbeeld bestaan uit open stootvoegen of horizontale openingen en bieden zo ook toegang voor grotere vleermuissoorten. In de onderstaande afbeelding is dit het blauwe vlakje. Figuur ▪ 7 Vooraanzicht spouwverblijf in kopgevel met locaties invliegopeningen (blauw). Hetzelfde principe geldt voor een klein spouwverblijf bij een tussenwoning, met de aangepaste afmetingen 30 ▪ x30 cm. Figuur 8 Opbouw spouwverblijf met wedi-voorziening (voorkomt koudebrug). Tekening: Emiel Oude Wesselink Technische aspecten prefab inbouwvoorziening Geschikte inbouw vogelvoorziening geschikt voor zowel gierzwaluw als huismus ea. ▪Compartiment-binnenmaten: minimaal 30 cm breed, 13 cm diep en 13 cm hoog (conform kennisdocument Gierzwaluw). ▪Opening: 6,5 cm breed en 3 cm hoog, en niet hoger dan 2 cm boven de bodem. Figuur 9 Impressie geschikte vogelvoorziening Geschikte inbouw vleermuisvoorziening ▪Minimaal 1 m2 verblijfplaatsoppervlak bij enkellaagse voorziening. ▪Minimaal 0,75 m2 verblijfplaatsoppervlak bij meerlaagse voorziening. ▪Kleinere afmetingen worden niet geaccepteerd omdat het een meerwaarde moet hebben tov. een spouwverblijf. ▪Spleetruimte van 2,0-3,0 cm. Figuur 10 Impressie van een inbouwvoorziening voor vleermuizen. Tekening: NatuurInclusief – Ecologisch advies en projectbureau Technische aspecten overige natuurinclusieve oplossingen Geschikte vogelvoorziening ▪Compartiment-binnenmaten: minimaal 30 cm breed, 13 cm diep en 13 cm hoog. ▪Opening: 6,5 cm breed en 3 cm hoog, en niet hoger dan 2 cm boven de bodem. Figuur 11 Voorbeeld maatwerk onder dakrand, als natuurinclusieve voorziening voor vogels. Foto: NatuurInclusief Ecologisch advies en projectbureau Geschikte vleermuisvoorzieningen ▪Minimum verblijfplaatsoppervlak van 1 m2 bij enkellaagse voorziening met een minimale hoogte van 50 cm ▪Minimaal 0,75 m2 verblijfplaatsoppervlak bij meerlaagse voorziening met een minimale hoogte van 50 cm. ▪Kleinere afmetingen worden niet geaccepteerd omdat de voorziening een meerwaarde moet hebben tov. een spouwverblijf. ▪Spleetruimte van 2,0-3,0 cm. Figuur 12 Voorbeeld van natuurinclusieve oplossingen voor vleermuizen: links verblijfplaatsen in/onder dakrand, rechts: betimmering bij nok. Technische aspecten externe voorziening Een externe voorziening mag alleen toegepast worden als onderbouwd wordt dat bovenstaande maatregelen niet mogelijk zijn. Voor externe voorzieningen gelden onderstaande kwaliteitseisen: Geschikte externe vogelvoorziening ▪Compartiment-binnenmaten: minimaal 30 cm breed, 13 cm diep en 13 cm hoog. ▪Opening: 6,5 cm breed en 3 cm hoog, en niet hoger dan 2 cm boven de bodem. ▪Levensduur van minimaal 15 jaar. ▪Hangt zo veel mogelijk beschut tegen zon en regen. Bij voorkeur op het noord- of noordoosten. ▪Minimale vrije uitvliegruimte van 3 meter. ▪Hangt op minimaal 50 cm afstand van de andere vogelvoorziening. Geschikte externe vleermuisvoorziening ▪Minimaal 3-laags (3 lagen intern of 2 lagen intern + 1 laag tussen voorziening en gevel) (of 3 lagen of meer intern + 1 laag tussen voorziening en gevel) ▪Een deel van de lagen (bijvoorbeeld de helft van de middelste laag of de derde laag) moet geïsoleerd zijn om extra variatie van microklimaat te garanderen. ▪Minimaal 0,75 m2 verblijfplaatsoppervlak bij drielaagse voorziening. ▪Minimaal 0,6 m2 verblijfplaatsoppervlak bij vierlaagse voorziening. ▪Voorzieningen met kleinere afmetingen en/of met minder lagen, zoals enkellaagse vleermuiskasten of muurschalen (zie foto’s hieronder) worden niet geaccepteerd omdat de externe voorziening een meerwaarde moet hebben tov. een spouwverblijf. ▪Spleetruimte van 2,0-3,0 cm. ▪Levensduur van minimaal 15 jaar. ▪Bij voorkeur licht van kleur. Donkere voorzieningen alleen plaatsen op plekken waar deze vrij zijn van zonbeschijning. ▪Minimale vrije uitvliegruimte van 3 meter. ▪Niet beschenen door kunstlicht. ▪Hangt niet boven een raam of een deur. ▪Is de gevel heel glad, zorg dan voor een vleermuisvoorziening die een landingsplaats heeft. De MELDINGSAPPLICATIE NVI Om de werkzaamheden aan te melden bij de gemeente, zodat de werkzaamheden onder de legalisatie van de gebiedsgerichte vergunning komen te vallen, is de Meldingsapplicatie NVI ontwikkeld. Figuur 13 Meldingsapplicatie NVI, inlogscherm voor het aanmelden van isolatiewerkzaamheden Link en code Voor bedrijven die de training “Natuurvriendelijk isoleren” met succes hebben afgerond ontvangen bij de training een inlogcode om toegang te krijgen tot de applicatie. Ook ecologen en natuuraannemers kunnen een training volgen en het certificaat NVI verkrijgen, waarmee ze een inlogcode ontvangen om meldingen te doen. Deze aanvraag kan via https://natuurvriendelijk-isoleren-bij12eur.hub.arcgis.com/ https://natuurvriendelijkisolerenbij12eur.hub.arcgis.com. Invullen Vul in de applicatie de volgende informatie in: ▪Type werkzaamheden ▪Datum natuurvrij maken (indien van toepassing) ▪Datum isoleren of plaatsen zonnepanelen. De melding dient in de regel 48 uur voorafgaand aan het natuurvrij maken te zijn ingediend. Bij zonnepanelen dient dit 7 dagen voorafgaand aan de werkzaamheden te gebeuren. Er komt geen ontvangstbevestiging. Bij deze melding moeten de volgende bewijzen zitten: ▪Voeg uiterlijk binnen 24 uur na natuurvrij fotobewijs11 van het natuurvrij maken. ▪Na uitvoering van de werkzaamheden fotobewijs van de compensatie. ▪Indien van toepassing (bij natuurvrij maken in overgangsperioden natuurkalender) schriftelijke verklaring van deskundig ecoloog dat vogel- en vleermuiswerende maatregelen voldoende effectief zijn. ▪Indien van toepassing bewijs als om technische redenen (zie ‘Overzicht compensatietaakstelling’) een uitsparing in de muur niet mogelijk is, en daarmee een andere vleermuisvoorziening is gerealiseerd Zowel de gemeente als de omgevingsdienst en provincie hebben toegang tot de Meldingsapplicatie NVI. De omgevingsdienst ziet toe op de naleving van de vergunning door toe te zien op het natuurvrij maken. Overzicht trainingsplicht en meldingsplicht In de hiernavolgende tabel is voor de verschillende type werkzaamheden beschreven wie de melding doet, of er sprake is van een NVI-trainingsplicht (verplicht certificaat), en wat/wanneer er gemeld moet worden. Tabel 2 Overzicht meldingsplicht, trainingsplicht bij verschillende werkzaamheden Werkzaamheden Wie meldt? Trainingsplicht? Wat en wanneer melden? Natuurvrij maken van spouwmuur Isolatie- bedrijf/natuuraannemer/ecologisch deskundige Ja Melden 48 uur voorafgaand aan natuurvrij maken, binnen 24 uur na natuurvrij maken en compensatie: Zie voorwaarden in het protocol. Natuurvrij maken van borstwering Isolatie- bedrijf/natuuraannemer/ecologisch deskundige Ja Melden 48 uur voorafgaand aan natuurvrij maken, binnen 24 uur na natuurvrij maken en compensatie: Zie voorwaarden in het protocol. Natuurvrij maken van dak bij buitendakisolatie Isolatie- bedrijf/natuuraannemer/ecologisch deskundige Nee, een ecoloog begeleidt de werkzaamheden. Melden 48 uur voorafgaand aan natuurvrij maken, binnen 24 uur na natuurvrij maken en compensatie: Zie voorwaarden in het protocol. Natuurvrij maken van ruimten in de muur bij buitenmuurisolatie Isolatie- bedrijf/natuuraannemer/ecologisch deskundige Ja Melden 48 uur voorafgaand aan natuurvrij maken, binnen 24 uur na natuurvrij maken en compensatie: Zie voorwaarden in het protocol. Isoleren van muur via de binnenzijde Isolatie-bedrijf, ecologisch deskundige of gemeente Nee Melden 48 voorafgaand aan het isoleren bij gemeente Werkzaamheden Wie meldt? Trainingsplicht? Wat en wanneer melden? Isoleren van dak via binnenzijde Isolatie- bedrijf/natuuraannemer/ecologisch deskundige of gemeente Nee Melden 48 voorafgaand aan het isoleren bij gemeente Het plaatsen van zonnepanelen Installateur of gemeente Nee Melden 7 dagen voorafgaand aan het plaatsen van zonnepanelen bij gemeente Bijlage 3 – Toelatingsprocedure Open huis isolatiebedrijf Zeeuws Isolatieprogramma 1 Doel en reikwijdte Deze bijlage maakt onderdeel uit van de Subsidieregeling Lokale Aanpak Isolatie gemeente Borsele 2026. In deze bijlage wordt de toelatingsprocedure beschreven voor bedrijven die willen worden toegelaten tot het open huis isolatiebedrijven van het Zeeuws Isolatieprogramma (ZIP). Het ZIP is een subsidieprogramma voor advies en uitvoering van isolatiemaatregelen bij slecht geïsoleerde koopwoningen. Het programma wordt uitgevoerd door de deelnemende gemeenten Zeeland, met de gemeente Terneuzen als coördinerende gemeente. Het ZIP-team is werkzaam bij de gemeente Terneuzen en belast met de uitvoering van het programma. Deze toelatingsprocedure is van toepassing op bedrijven die binnen de deelnemende gemeenten Zeeland isolatiemaatregelen willen en kunnen uitvoeren. Het gaat om gevelisolatie, spouwmuurisolatie, bodemisolatie, vloerisolatie en dakisolatie door middel van het inblazen of inspuiten van isolatiemateriaal. Voor deze isolatiemaatregelen wordt gewerkt met een toelatingsprocedure, omdat hierbij in de praktijk extra risico’s zijn gesignaleerd voor inwoners. Daarbij gaat het onder meer om druk om snel een offerte te tekenen, onvoldoende herkenbaarheid van het bedrijf of de vertegenwoordiger en het adviseren van maatregelen die niet altijd het meest passend zijn voor de woning of de inwoner. Ook is de kwaliteit van deze maatregelen achteraf vaak minder eenvoudig zichtbaar of controleerbaar. Bij bedrijven die andere diensten uitvoeren binnen of rond het ZIP, zoals glasbedrijven, zijn deze risico’s op dit moment niet op dezelfde manier gesignaleerd. Alle ondernemingen die voldoen aan de gestelde minimumeisen en voorwaarden, worden toegelaten tot het open huis. In dit document staat welke eisen en voorwaarden gelden en welke informatie nodig is voor toelating. Alleen isolatiemaatregelen die zijn uitgevoerd door een bedrijf dat op grond van deze toelatingsprocedure is toegelaten, komen voor subsidie in aanmerking zoals bedoeld in artikel 4 van de subsidieregeling. Daarbij geldt dat ook aan de overige voorwaarden van de subsidieregeling moet zijn voldaan. Toelating tot deze procedure geeft geen recht op opdrachten van de deelnemende gemeenten. De inwoner kiest zelf een bedrijf en sluit zelf een overeenkomst met het bedrijf. 2 Aanmelding voor de toelatingsprocedure 2.1 Indieningsvereisten Uw aanmelding bestaat uit de volgende documenten: •Ingevuld formulier aanmeldgegevens (bijlage 1) •Ondertekende verklaring (bijlage 2) •(kopie) uittreksel Kamer van Koophandel of handelsregister van een lidstaat van de Europese Unie of een van de overige staten die partij zijn bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte U kunt zich enkel zelfstandig aanmelden. Combinatievorming en/of het beroep op de draagkracht van derden om te voldoen aan de geschiktheidseisen is niet mogelijk. De onderneming mag zich slechts eenmaal aanmelden. 2.2 Opening en wijze van indienen aanmeldingen Aanmelding kan uitsluitend via: isolatie@reszeeland.nl Eén keer per drie maanden worden nieuwe ondernemers toegelaten. Indien op basis van de aanmeldprocedure sprake is van een volledige en geldige aanmelding, wordt het bedrijf toegelaten tot het open huis. 2.3 Beoordeling Na het verzoek tot toelating worden de volgende stappen doorlopen: •Het ZIP-team controleert de ingediende documenten. Als de aanmelding onvolledig en/of onduidelijk is, kan het ZIP-team vragen om aanvulling en/of verduidelijking. •Wanneer de aanmelding voldoet, ontvangt u per brief bericht dat u bent toegelaten tot het open huis en uw bedrijf wordt vermeld op www.zeeuwsisolatieprogramma.nl. •Inwoners kunnen vervolgens subsidie aanvragen voor uitvoering van isolatiemaatregelen door uw bedrijf. 2.4 Percelen De onderhavige toelatingsprocedure heeft betrekking op de volgende deelnemende gemeenten: 1.Borsele 2.Goes 3.Hulst 4.Kapelle 5.Middelburg 6.Noord-Beveland 7.Reimerswaal 8.Sluis 9.Terneuzen 10.Tholen 11.Veere 12.Vlissingen Het werkgebied is opgedeeld in de volgende percelen: 1.De Bevelanden 2.Tholen 3.Walcheren 4.Zeeuws-Vlaanderen Een perceel bestaat uit één of meerdere gemeente(s) in een aansluitend werkgebied. Voor deze indeling is gekozen om ook ondernemers die slechts in een deel van het werkgebied actief zijn, in de gelegenheid te stellen om toegelaten te worden tot deze open-huis-procedure. Ondernemers kunnen hun belangstelling tonen voor een of meerdere percelen. Indien een ondernemer toegelaten wenst te worden tot het open huis dient hij aan bij aanmelding aan te geven voor welk perceel de aanmelding geldt. Het is mogelijk om toegelaten te worden tot meerdere percelen. Gedurende de looptijd van het open huis kunnen er percelen bijkomen en afgaan. Ondernemers worden geïnformeerd wanneer er sprake is van een wijziging in de percelen. 2.5 Doorlooptijd Het open huis wordt opengesteld voor de duur van de subsidieregeling. De deelnemende gemeenten Zeeland behouden zich het recht voor om het open huis eerder stop te zetten. Bij beëindiging van het open huis kunnen bedrijven geen aanspraak maken op kostenvergoeding, schadevergoeding of enige andere vorm van compensatie. 3 Toelatingseisen 3.1 Minimumeisen In deze procedure stellen de deelnemende gemeenten Zeeland minimumeisen om toegelaten te worden tot het open huis. U dient zich hiermee onvoorwaardelijk en zonder voorbehoud akkoord te verklaren, bij gebreke waarvan u niet toegelaten kunt worden tot de open-huis-procedure. Het is daarom belangrijk om deze eisen goed door te lezen en de bijlagen die u bij dit document rechtsgeldig te ondertekenen en in te dienen. Met de ondertekende verklaring (bijlage 2) garandeert u onder meer -te voldoen aan de eisen inzake uitsluiting en geschiktheid (paragraaf 3.2); -te voldoen aan het Programma van Eisen (bijlage 3); 3.2 Geschiktheidseisen 3.2.1 Technische en beroepsbekwaamheid Het bedrijf toont aan dat hij technisch en beroepsmatig in staat is de isolatiemaatregelen uit te voeren waarvoor toelating wordt gevraagd. Het bedrijf overlegt daartoe, voor zover van toepassing op de betreffende maatregel: •een geldig bedrijfscertificaat van een onafhankelijke en daartoe bevoegde certificerende instelling, te noemen SKG-IKOB of Insula of geldig bedrijfscertificaat van een lidstaat van de Europese Unie of een van de overige staten die partij zijn bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte. •een geldig certificaat voor het toepassen van de betreffende isolatiemaatregel, afgegeven op basis van de daarvoor geldende beoordelingsrichtlijn, te noemen SKG-IKOB of Insula of geldig certificaat van een lidstaat van de Europese Unie of een van de overige staten die partij zijn bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte; •een geldig NVI-certificaat en registratie op www.natuurvriendelijkisoleren.nl, indien de werkzaamheden vallen onder de eisen voor Natuurvriendelijk Isoleren. Bij twijfel of onvoldoende zekerheid kunnen aanvullende stukken worden opgevraagd om te beoordelen of aan de geschiktheidseisen wordt voldaan. 3.2.2 Opleiding en ervaring Het bedrijf waarborgt dat medewerkers en onderaannemers die werkzaamheden uitvoeren aantoonbaar beschikken over passende instructie, opleiding of werkervaring voor de betreffende maatregel. Het bedrijf kan dit op verzoek aantonen met opleidingsbewijzen, interne instructies, werkprotocollen, certificaten of referentieprojecten. Het bedrijf biedt per isolatiemaatregel minimaal twee biobased varianten aan, voor zover deze materialen voor de betreffende maatregel beschikbaar zijn. 3.2.3 Verkoop en werving Het bedrijf voert geen colportage, agressieve verkoop, misleidende verkooppraktijken of andere ongewenst beïnvloedende verkooppraktijken uit. Het bedrijf mag in de drie maanden voorafgaand aan de aanmelding niet bij het ZIP-team bekend zijn vanwege signalen over colportage, agressieve verkoop, misleidende verkooppraktijken of andere ongewenst beïnvloedende verkooppraktijken richting inwoners. Onder colportage wordt in ieder geval verstaan het aan de deur actief aanbieden van isolatiemaatregelen waarbij de inwoner direct wordt bewogen om een overeenkomst te sluiten. 3.2.4 Financiële en economische draagkracht Het bedrijf moet voldoende verzekerd zijn voor de beroeps- en bedrijfsaansprakelijkheidsrisico’s die verband houden met de uitvoering van de opdracht. Het bedrijf moet deze verzekering uiterlijk op het moment van ondertekening van de verklaring hebben afgesloten. De verzekering moet dekking bieden van minimaal € 1.250.000, - per aanspraak tot ten minste € 2.500.000, - per verzekeringsjaar. 3.2.5 Beroepsbevoegdheid Het bedrijf staat ingeschreven in het handelsregister van de Kamer van Koophandel of, voor een buitenlandse ondernemer, in een vergelijkbaar beroeps- of handelsregister, met activiteiten die passen bij het uitvoeren van isolatiewerkzaamheden. 3.2.6 Uitsluitingsgronden 1.het isolatiebedrijf maakt zich schuldig aan de volgende zaken die verband houden met strafrechtelijke veroordelingen 1 : a.deelneming aan een criminele organisatie; b.omkoping; c.fraude; d.terroristische misdrijven of strafbare feiten in verband met terroristische activiteiten; e.witwassen van geld of financiering van terrorisme; f.kinderarbeid en andere vormen van mensenhandel; 2.het isolatiebedrijf voldoet niet aan alle verplichtingen met betrekking tot de betaling van belastingen of sociale premies; 3.het isolatiebedrijf maakt zich schuldig aan schending van de verplichtingen o.b.v. milieu-, sociaal- of arbeidsrecht; 4.het isolatiebedrijf verkeert in staat van faillissement of liquidatie, diens werkzaamheden zijn gestaakt, jegens hem geldt een surseance van betaling of een (faillissements-)akkoord, of de gegadigde of inschrijver verkeert in een andere vergelijkbare toestand ingevolge een soortgelijke procedure uit hoofde van op hem van toepassing zijnde wet- en regelgeving. De onder 1 bedoelde uitsluitingsgrond geldt zowel voor het bedrijf, als voor personen die lid zijn van het bestuurs-, leidinggevend of toezichthoudend orgaan van het bedrijf of daarin vertegenwoordigings-, beslissings- of controlebevoegdheid hebben en die om de genoemde redenen veroordeeld zijn bij onherroepelijk vonnis, welk vonnis niet later dan vijf jaar geleden is gewezen sinds het moment van aanmelding. Bij aanmelding kan worden volstaan met het ondertekenen van de verklaring (bijlage 2) waarin u verklaart dat de uitsluitingsgronden niet op u van toepassing zijn. De verklaring dient naar waarheid te worden ingevuld. De uitsluitingsgronden gelden gedurende de gehele looptijd waarin het bedrijf is toegelaten tot het open huis. Indien op enig moment van de deelname een uitsluitingsgrond van toepassing is/wordt, dient u dit te melden. In dat geval wordt het bedrijf in staat gesteld aan te tonen dat er voldoende maatregelen zijn genomen om zijn betrouwbaarheid aan te tonen. 4 Overige bepaling 4.1 Aansprakelijkheid Het bedrijf is verantwoordelijk en aansprakelijk voor schade die ontstaat door of in verband met de uitvoering van de werkzaamheden door het bedrijf, diens personeel of ingeschakelde derden. De deelnemende gemeenten zijn geen partij bij de overeenkomst tussen inwoner en ondernemer en zijn niet aansprakelijk voor schade die voortvloeit uit de uitvoering van de werkzaamheden door het bedrijf. 4.2 Beëindiging van deelname aan het open huis 4.2.1 Niet naleven van voorwaarden en eisen De deelnemende gemeenten Zeeland behouden zich het recht voor om een ondernemer te schrappen van de lijst van toegelaten ondernemingen indien tijdens de uitvoering blijkt dat de ondernemer zich niet houdt aan het Programma van Eisen (PvE) en/of de overige eisen en voorwaarden die in het kader van dit toelatingsproces zijn gesteld, en het bedrijf daarbij in verzuim is. 4.2.2 Wijziging van toelatingscriteria en uitvoeringsvoorwaarden De deelnemende gemeenten Zeeland behouden de bevoegdheid om de toelatingscriteria en uitvoeringsvoorwaarden te wijzigen of aan te scherpen als dit noodzakelijk is voor rechtmatige subsidieverstrekking, kwaliteitsborging, consumentenbescherming of fraudepreventie. Als criteria of voorwaarden worden gewijzigd of aangescherpt, krijgen reeds toegelaten bedrijven in beginsel een redelijke termijn van drie maanden om aan de gewijzigde criteria of voorwaarden te voldoen. Dit geldt niet als de aard van de wijziging of de ernst van het risico een kortere termijn rechtvaardigt. 4.2.3 Klachten over het isolatiebedrijf De deelnemende gemeenten kunnen deelname beëindigen bij drie gegronde klachten van een isolatiebedrijf, of eerder indien sprake is van één of meer ernstige klachten, fraude, misleiding, veiligheidsrisico’s of andere omstandigheden waardoor voortzetting niet verantwoord is. Eventuele klachten worden onderzocht door het ZIP-team, tezamen met de deelnemende gemeente van de inwoner die de klacht heeft ingediend. De ZIP-projectmanager bepaalt of de klacht gegrond is. Het ZIP-team of de gemeenten kunnen daarnaast een toets uitvoeren of de inwoners tevreden zijn met de geleverde dienst. De uitkomsten van deze toets kunnen meegewogen worden bij uitsluiting. Voor het indienen van een klacht bij de gemeente wordt altijd eerst geprobeerd de klacht rechtstreeks met het bedrijf op te lossen. Deze paragraaf heeft geen betrekking op klachten in de zin van hoofdstuk 9 Awb. 5 Klachtenregeling over de open-huis-procedure Bent u het niet eens met deze procedure of met een onderdeel daarvan, dan is hiervoor een klachtenmeldpunt. Uw eventuele klachten kunt u enkel per e-mail indienen op het volgende e-mailadres: klachten@terneuzen.nl. Klachten worden behandeld volgens de klachtenprocedure van de gemeente Terneuzen. 6 Vragen Mocht er iets onduidelijk zijn in dit document of in de voorwaarden die de gemeente stelt, dan kunt u hier vragen over stellen. Vragen kunt u stellen via isolatie@reszeeland.nl. Bijlage 1: Aanmeldgegevens Toelatingsprocedure isolatiebedrijf Zeeuws Isolatie Programma Gegevens ondernemer Bedrijfsnaam (zoals bij inschrijving KvK) (Eventuele) handelsnaam Postadres Huisnummer Postcode Woonplaats Bezoekadres Huisnummer Postcode (bezoekadres) Woonplaats (bezoekadres) Land E-mailadres (hier wordt het inkoopordernummer naar gestuurd) Tel. Nr. (algemeen) KvK-nummer 2 Btw-registratienummer IBAN-nummer Naam bankrekeninghouder Gegevens contactpersoon Aanhef Achternaam (en toevoegsel) Voornaam Geschiktheidseisen Certificering Ik verklaar een geldig bedrijfscertificaat van een onafhankelijke en daartoe bevoegde certificerende instelling te hebben. Ik leg op verzoek binnen 5 werkdagen bewijs over in de vorm van een kopie van het certificaat. ☐ Ik verklaar een geldig bedrijfscertificaat van een onafhankelijke en daartoe bevoegde certificerende instelling te hebben voor het toepassen van de betreffende maatregelen zoals vermeld in het aanmeldformulier. Ik leg op verzoek binnen 5 werkdagen bewijs over in de vorm van een kopie van het certificaat. ☐ Ik verklaar een geldig NVI-certificaat en registratie op www.natuurvriendelijkisoleren.nl, te hebben voor de werkzaamheden die vallen onder de eisen voor Natuurvriendelijk Isoleren ☐ Biobased materiaal Ik kan ten minste twee biobased isolatievarianten aanbieden per soort isolatiemaatregel voor zover deze materialen voor de betreffende maatregel beschikbaar zijn. ☐ Isolatiemaatregel Biobased isolatiemateriaal wat aangeboden kan worden: Bodemisolatie Dakisolatie Gevelisolatie Spouwmuurisolatie Vloerisolatie Verkoop en werving Het bedrijf verklaart dat het gedurende een periode van ten minste drie maanden voorafgaand aan de aanmelding geen colportage, agressieve verkoop, misleidende verkooppraktijken of andere ongewenst beïnvloedende verkooppraktijken heeft uitgevoerd. ☐ Verzekering Ik verklaar voldoende verzekerd te zijn voor de beroeps- en bedrijfsaansprakelijkheidsrisico’s die verband houden met de uitvoering van de opdracht. De verzekering biedt dekking tot minimaal € 1.250.000, - per aanspraak tot ten minste € 2.500.000, - per verzekeringsjaar. Ik leg op verzoek binnen 5 werkdagen bewijs over in de vorm van een kopie van de polis. ☐ Bijlagen Ik verklaar de volgende bijlagen te hebben toegevoegd: -Uittreksel uit het handelsregister van de Kamer van Koophandel (max 3 maanden oud) -Kopie bedrijfscertificaten -Een kopie van de polis voor de beroeps- en bedrijfsaansprakelijkheidsverzekering ☐ Rechtsgeldige ondertekening Ondernemer (bedrijfsnaam) Rechtsgeldig vertegenwoordiger 3 Functie Plaats Datum Handtekening Bijlage 2: Verklaring Toelatingsprocedure Isolatiebedrijf Zeeuws Isolatie Programma Hierbij verklaart ondergetekende: 1. Onvoorwaardelijk en zonder voorbehouden in te stemmen met de bepalingen in het document Toelatingsprocedure Isolatiebedrijf Zeeuws Isolatie Programma en de daarbij behorende bijlagen: -Bijlage 1 – Aanmeldgegevens -Bijlage 2 – Verklaring -Bijlage 3 – Programma van eisen 2. Zich aanmeldt voor*: -☐ Perceel 1 De Bevelanden -☐ Perceel 2 Tholen -☐ Perceel 3 Walcheren -☐ Perceel 4 Zeeuws-Vlaanderen *Aanvinken voor welk perceel u zich aanmeldt. Meerdere percelen is mogelijk. Gedurende de looptijd van het open huis kunnen er percelen bij komen of afgaan. Het bedrijf wordt hierover tijdig in kennis gesteld. 3.Zich aanmeldt voor het toepassen van de volgende isolatiemaatregelen: -☐ Bodemisolatie -☐ Dakisolatie -☐ Gevelisolatie -☐ Spouwmuurisolatie -☐ Vloerisolatie 4. Dat er geen van de in de toelatingsprocedure benoemde uitsluitingsgronden van toepassing zijn. 5. Indien ten tijde van het open huis (na ondertekening van de verklaring) op enig moment één of meerdere uitsluitingsgronden van toepassing zijn dient het bedrijf dit per direct te melden aan de gemeente Terneuzen. 6. In te stemmen met het volgende: 6.1Indien de deelnemende gemeenten Zeeland reden hebben aan te nemen dat ondergetekende handelt in strijd met bovenstaande bepalingen, zijn de gemeenten gerechtigd om de samenwerking met ondergetekende te beëindigen. 6.2Indien de deelnemende gemeenten Zeeland drie gegronde klachten ontvangen over de werkwijze van ondergetekende binnen op grond van deze procedure verkregen opdrachten, zijn de gemeenten gerechtigd om de samenwerking met de ondergetekende te beëindigen. 6.3Aansprakelijk te zijn indien het bedrijf, of de bij of voor hem werkzame personen schade berokkenen bij de uitvoering van de opdracht. Rechtsgeldige ondertekening Ondernemer (bedrijfsnaam) Rechtsgeldig vertegenwoordiger 4 (voor- en achternaam) Functie Plaats Datum Handtekening Bijlage 3: Programma van eisen Eisen voor werkzaamheden Eis nr. Eis 1 De uitvoering van alle opdrachten gedurende de toelatingsperiode wordt uitgevoerd met inachtneming van -de ten tijde van de uitvoering van de opdracht geldende wet- en regelgeving -en door ZIP voorafgaande aan de opdracht schriftelijk verstrekte instructies 2 Gedurende de gehele toelatingsperiode, zal de communicatie in de Nederlandse taal, in woord en geschrift, gevoerd worden. Hier mag uitsluitend van worden afgeweken voor mondelinge communicatie bij de inwoner thuis indien u beide een andere taal machtig bent. 3 Alle uitgevoerde maatregelen zijn gecertificeerd volgens SKG-IKOB of Insula. Het bedrijf verstrekt op verzoek van ZIP de relevante certificaten of rapportages. 4 Het bedrijf voert spouwmuur-, dak- en borstweringsisolatie uit conform de voorwaarden uit de landelijke richtlijn NVI (Natuurvriendelijk Isoleren). Dit houdt in ieder geval in: het beschikken over een NVI-certificaat met registratie op www.natuurvriendelijkisoleren.nl en het melden van isolatiewerkzaamheden via de meldingsapp van BIJ12. 5 Bedrijven dienen de uitvoering van eDNA bij een woning te melden bij de certificeringsinstantie. Het bedrijf moet op verzoek van het ZIP: 1. De meldingen kunnen overleggen 2. Het rapport met uitslag eDNA-onderzoek kunnen overleggen 6 Het bedrijf beschikt over een geldig certificaat van een onafhankelijke en daarvoor bevoegde certificerende instelling (SKG-IKOB of Insula). Het bedrijf meldt de uitgevoerde maatregelen voor alle woningen aan bij de certificerende instelling. Op verzoek van ZIP verstrekt het bedrijf op postcode 6 niveau het aantal aanmeldingen van geïsoleerde woningen aan de certificeringsorganisatie. Op verzoek levert het bedrijf procescertificaten (rapportages op huisniveau over de kwaliteit van de uitgevoerde maatregelen) die uitgegeven zijn door de certificeringsorganisatie. Op basis van de certificaten zijn de werkzaamheden goed uitgevoerd. 7 Er worden geen materialen toegepast die strijdig zijn met geldende regelgeving, veiligheidseisen of algemeen aanvaarde gezondheidskundige inzichten. 8 Bodemisolatie wordt uitsluitend uitgevoerd indien spouwmuur-, gevel- of dakisolatie technisch niet mogelijk of niet passend is, dan wel indien de inwoner na deugdelijke voorlichting uitdrukkelijk voor bodemisolatie kiest. 9 Het bedrijf biedt minimaal 2 biobased varianten aan per isolatiemaatregel. Het bedrijf informeert inwoners, voor zover technisch toepasbaar en beschikbaar, actief over biobased isolatievarianten. Indien het bedrijf biobased varianten kan toepassen, worden deze als volwaardige optie in de offertefase benoemd. Eisen voor ondernemer Eis nr. Eis 10 Het bedrijf staat ingeschreven in het handelsregister van de Kamer van Koophandel of, voor een buitenlandse ondernemer, in een vergelijkbaar beroeps- of handelsregister, met activiteiten die passen bij het uitvoeren van isolatiewerkzaamheden. 11 De werkzaamheden worden uitgevoerd met inachtneming van de door ZIP gestelde eisen. Het bedrijf toont op verzoek aan dat instructies aan de werknemers zijn verstrekt en dat de werknemer daarmee heeft ingestemd. 12 Het bedrijf voert geen agressieve, misleidende of ongewenst beïnvloedende verkooppraktijken uit. Het is het bedrijf niet toegestaan inwoners aan de deur direct een overeenkomst te laten sluiten. Tussen het eerste aanbod aan de deur en het sluiten van de overeenkomst geldt een minimale afkoelperiode van 3 dagen. Het bedrijf informeert de inwoner vooraf duidelijk over het wettelijke recht om een overeenkomst die buiten de verkoopruimte of op afstand is gesloten binnen 14 dagen te ontbinden, en over de wijze waarop van dat recht gebruik kan worden gemaakt. Ontbinding moet ten minste digitaal mogelijk zijn en niet moeilijker zijn dan het aanvragen van een offerte of het sluiten van de overeenkomst. Het bedrijf vermeldt op zijn website duidelijk hoe de inwoner van deze mogelijkheid gebruik kan maken. 13 Het bedrijf beschikt over een klachtenregistratie- en klachtenafhandelingsprocedure. Deze procedure is voor de inwoner uiterlijk bij aanvang van de opdracht kenbaar. Het bedrijf draagt er zorg voor dat digitale of schriftelijke klachtenformulieren beschikbaar zijn. Indien het bedrijf in het kader van een via het Zeeuws Isolatieprogramma uitgevoerde maatregel een klacht ontvangt, stelt het bedrijf ZIP daarvan binnen 5 werkdagen in kennis en verstrekt hij op verzoek een kopie of zakelijke samenvatting van de klacht, voor zover dit noodzakelijk is en in overeenstemming is met de AVG. Er mag naar het oordeel van het ZIP-team geen sprake zijn van een onevenredig aantal gegronde klachten, dan wel van een patroon van ernstige klachten. 14 Het bedrijf mag zonder uitdrukkelijk voorafgaande schriftelijke toestemming in publicaties, reclame-uitingen of anderszins geen gebruik maken van de namen of logo’s van de gemeenten en het ZIP en /of zal deze op eerste verzoek van ZIP verwijderen. Eisen voor werknemer Eis nr. Eis 15 Het bedrijf zet uitsluitend werknemers of onderaannemers in die aantoonbaar vakbekwaam zijn voor de werkzaamheden die zij uitvoeren. 16 Werknemers die woningen opnemen, adviseren of werkzaamheden uitvoeren beschikken over aantoonbare instructie, opleiding of werkervaring die past bij de betreffende maatregel. 17 Werknemers die bij inwoners thuis komen gedragen zich professioneel, respectvol en terughoudend en zetten inwoners niet onder druk om een overeenkomst te sluiten. 18 Uitvoerend personeel draagt herkenbare bedrijfskleding en gebruikt herkenbaar vervoer vanuit het bedrijf waar de inwoner opdracht aan heeft verstrekt. Eisen administratie en facturatie Eis nr. Eis 19 Offertes en facturen zijn inzichtelijk, controleerbaar en herleidbaar tot de daadwerkelijk uitgevoerde maatregel. 20 Aan het begin van de offerte wordt per maatregel ten minste vermeld: a.het type isolatiemaatregel; b.het aantal te isoleren vierkante meters; c.de meldcode; d.de isolatiewaarde; e.de prijsopbouw, uitgesplitst naar materiaal en arbeid, tenzij het ZIP-team schriftelijk instemt met een andere opbouw. 21 Aan het begin van de factuur wordt per maatregel ten minste vermeld: ohet type isolatiemaatregel ohet daadwerkelijk uitgevoerde aantal vierkante meters; ode meldcode; ode datum of periode van uitvoering; ode prijsopbouw, uitgesplitst naar materiaal en arbeid, tenzij het ZIP-team schriftelijk instemt met een andere opbouw. 22 Niet-subsidiabele onderdelen, zoals afwerking of andere werkzaamheden, worden afzonderlijk en duidelijk herkenbaar vermeld. 23 Het bedrijf verleent op verzoek van de inwoner of het ZIP-team medewerking aan de verificatie van offerte, factuur en uitvoering, waaronder het geven van een toelichting op oppervlaktes, materiaalkeuze, toegepaste methode en subsidiabiliteit. Privacy, informatiebeheer en dataveiligheid Eis nr. Eis 24 De door het bedrijf aangeboden diensten moeten aantoonbaar voldoen aan de eisen gesteld in de AVG. Op eerste verzoek verschaft het bedrijf inzage in de documentatie die hij volgens de AVG moet opstellen zoals de privacyverklaring, het register van verwerkersactiviteiten, het register van datalekken en eventuele andere verplichte documenten.
Categorie: APV
In de categorie 'apv' worden alle apv-vergunningen zichtbaar gemaakt.

Meer over deze regio

Meer meldingen zoals "Subsidieregeling Lokale Aanpak Isolatie gemeente Borsele 2026"

APV
Subsidieregeling Lokale Aanpak Isolatie gemeente Borsele 2026

Mededelingen
Beleidsregel veilige jaarwisseling Borsele 2026/2027

Mededelingen
Lotingsprotocol voor loting door Digitaal Portaal Ontheffingen

APV
Besluit van gedeputeerde staten van Zeeland houdende openstelling en vaststelling subsidieplafond restauratie rijksmonumenten 2027

Mededelingen
Algemeen subsidiebesluit Zeeland 2023

Mededelingen
Publicatie voornemen tot 2-jarige verpachting (Ellewoutsdijk)

Mededelingen
Algemeen subsidiebesluit Zeeland 2023

Mededelingen
Publicatie voornemen tot 4-jarige verpachting (Serooskerke)

Mededelingen
Intrekkingsbesluit Subsidieregels dorpsraden

Mededelingen
Publicatie voornemen tot 4-jarige verpachting (Scharendijke, Brouwershaven)

Mededelingen
Tijdelijk beleid voor het gedogen van werkgerelateerd verblijf recreatieparken Scheldeoord en Stelleplas in verband met het herstel van betonschade van de Westerscheldetunnel in 2027

Mededelingen
Kennisgeving verkoop grond (Kamperland)

