Uitvoerings- en handhavingsprogramma 2025-2026 Het Hogeland
Locatie
Soort
Mededelingen
Gepubliceerd op
2026-03-10
Gepubliceerd door
Gemeente Het Hogeland
Informatie
Uitvoerings- en handhavingsprogramma 2025-2026 Het Hogeland Kaders waarbinnen activiteiten m.b.t. het omgevingsrecht worden uitgevoerd Inhoudsopgave 1 Inleiding. 3 1.1 Aanleiding en achtergrond. 3 1.2 Doel 3 1.3 Afbakening. 3 1.4 Opbouw. 3 2 Kader en doel 4 3 Wijze van programmeren. 7 3.1 Ontwikkelingen. 7 3.2 Toelichting taakblad. 7 4 Werkzaamheden VTH. 29 4.1 Vergunningen. 29 4.2 Toezicht en handhaving. 29 5 Personele capaciteit en financiële middelen. 30 5.1 Beschikbare en benodigde personele capaciteit 30 5.1.1 Beschikbare capaciteit VTH. 30 5.1.2 Benodigde personele capaciteit 30 5.1.3 Conclusie beschikbaar en benodigde capaciteit 31 5.2 Financiële middelen voor verbonden partijen. 31 6 Protocollen en werkinstructies. 32 1 Inleiding 1.1 Aanleiding en achtergrond De Uitvoerings- en Handhavingsstrategie 2026-2028 (U&HS) legt de basis voor de programmatische en integrale uitvoering van de wettelijke taken en het bereiken van de doelstellingen zoals in deze strategie is verwoord. Het voorliggende Uitvoerings- en handhavingsprogramma 2025-2026 (U&HP)) is gebaseerd op deze strategie en omschrijft welke capaciteit en instrumenten worden ingezet. 1.2 Doel Met de U&HP willen wij een goede programmatische en integrale invulling geven aan de uitvoering- en handhavingstaken waarbij mensen en middelen zo efficiënt mogelijk worden ingezet. Hiertoe worden de doelen uit het beleidsplan uitgewerkt in concrete acties per taakveld en gekoppeld aan de benodigde en beschikbare capaciteit. Om de uitvoering van de doelstellingen en het ambitieniveau van dit programma achteraf te kunnen toetsen, is een goede informatievoorziening van groot belang. Door te registreren (van o.a. indicatoren) en te rapporteren over de voortgang is het mogelijk om tussentijds bij te sturen en gesignaleerde knelpunten op te lossen. Het U&HP dient ook als basis voor de evaluatierapportage (ER). 1.3 Afbakening Niet alle VTH-taken worden uitgevoerd door de gemeente zelf. De Omgevingsdienst Groningen (ODG) voert voor de Groninger gemeenten en voor de provincie Groningen diverse taken uit op het gebied van de fysieke leefomgeving. Voor gemeente Het Hogeland zijn dit vergunningverlenings-, toezichts- en handhavingstaken (VTH) op het gebied van milieu (basistakenpakket). De milieutaken die door de gemeente zelf worden uitgevoerd, zijn opgenomen in de verdere uitwerking van deze U&HP. 1.4 Opbouw In hoofdstuk 2 worden het kader en het doel van het programma nader toegelicht. In hoofdstuk 3 staat de wijze van programmeren centraal en een uitwerking van de VTH-taken per taakblad. Hoofdstuk 4 beschrijft de werkzaamheden binnen de taakvelden vergunningverlening en toezicht en handhaving. In hoofdstuk 5 worden de beschikbare en benodigde personele en financiële middelen beschreven. In hoofdstuk 6 staan de protocollen en werkinstructies benoemd. 2 Kader en doel Het proces van vergunningverlening, toezicht en handhaving is aan wettelijke regels gebonden. In hoofdstuk 13 van het Omgevingsbesluit zijn onderwerpen benoemd die betrekking hebben op de invulling van de U&HS. Centraal staat de cyclische benadering van de VTH-activiteiten. Deze beleidscyclus geeft inzicht in het cyclische gedachtegoed van de wettelijk vastgestelde kwaliteitscriteria voor VTH. Het opstellen van een U&HP is een wettelijke verplichting. Het interbestuurlijk toezicht (IBT) van de provincie Groningen ziet erop toe of het uitvoeringsprogramma daadwerkelijk wordt opgesteld. Een uitvoeringsprogramma moet op basis van de wetgeving en de kwaliteitscriteria onder meer de volgende onderdelen bevatten: 1.een duidelijke verbinding met de gestelde prioriteiten en doelstellingen; 2.een weergave van de concrete activiteiten, inclusief de bijbehorende capaciteit; 3.een uitwerking in een concrete werkplanning voor alle betrokken organisatieonderdelen. Deze U&HP gaat over alle activiteiten die in 2025 en 2026 worden uitgevoerd op het gebied van VTH. Het betreft VTH-taken die volgens de Omgevingswet aan de gemeente zijn opgedragen met betrekking tot de fysieke leefomgeving (waaronder bouwen, slopen, strijdig gebruik, uitvoeren van een werk, milieu, monumenten, brandveilig gebruik). VTH-taken die voortkomen uit de Algemene Plaatselijke Verordening (APV) en een aantal bijzondere wetten, zoals de Alcoholwet, vallen er ook onder. De handhaving van regels binnen het sociaal domein (uitkeringsfraude), handhavingstaken op het gebied van kinderopvang, leerplicht en belastingen en de aanpak van adreskwaliteit vallen buiten de reikwijdte van de U&HS en de daaruit voortvloeiende U&HP. In het U&HP hanteren we de volgende begrippen: Vergunningverlening betreft het beoordelen van vergunningsaanvragen en het nemen van besluiten hierover. Hieronder valt ook het behandelen van meldingen, die binnen het vergunningverleningsproces een steeds grotere rol spelen. Het toetsen van de compleetheid en de werkingssfeer van een melding wordt daarbij gelijkgesteld aan het vergunningverleningsproces. Aan meldingen kunnen in bepaalde gevallen aanvullende voorschriften worden verbonden. Het opstellen van voorschriften speelt ook een rol bij vergunningverlening. Bij milieu zijn voorschriften vaak van belang om een activiteit mogelijk te maken, bijvoorbeeld door verruiming van normen, en ter ondersteuning van toezicht en handhaving. Bij sloopactiviteiten zijn voorschriften vooral relevant voor het veilig omgaan met gevaarlijke stoffen en het beperken van hinder of overlast voor de omgeving. Toezicht en handhaving worden vaak samen genoemd, maar betreffen twee verschillende onderdelen. Het doel van toezicht is het voorkomen dan wel beperken van onveilige, ongezonde en niet-duurzame situaties. Daarnaast draagt toezicht bij aan het behoud van ruimtelijke kwaliteit. Toezicht kan op verschillende manieren worden uitgevoerd: 1. Vergunningsgericht toezicht: controles op basis van verleende vergunningen of meldingen (objectgericht); 2. Gebiedsgericht toezicht: toezicht op gebiedsniveau naar aanleiding van surveillance, klachten, meldingen of speerpunten (informatiegestuurd toezicht); 3. Programmatisch toezicht: controles uitgevoerd volgens een cyclisch handhavingsprogramma (bijvoorbeeld milieu of brandpreventie); 4. Themagericht toezicht: integraal of enkelvoudig toezicht per thema, eventueel gebiedsgericht; 5. Toezicht naar aanleiding van klachten en meldingen. Handhaving volgt op toezicht. Wanneer overtredingen worden geconstateerd, wordt beoordeeld of en op welke wijze bestuurlijk of strafrechtelijk optreden noodzakelijk is. De U&HS vormt het kader voor de U&HP en hanteert ook bovenstaande begrippen. Daarnaast zijn strategisch meetbare doelstellingen geformuleerd op basis van de algemene doelstelling van de Omgevingswet en zijn de kwaliteitsdoelstellingen met betrekking tot dienstverlening, uitvoeringskwaliteit en financiën opgenomen. Onderstaande tabel geeft een overzicht van de belangrijkste doelstellingen, acties, indicatoren en effecten van het VTH-programma. Aspect 1. Continu verbeteren met beleidscyclus Omgevingswet & IVB 2. Voldoen én blijven voldoen aan Wet VTH / QQ 3.0 3. Toekomstbestendigheid Belangrijkste acties - Inrichten vaste PDCA-cyclus - Jaarlijkse risicoanalyse - Periodieke reflectie met partners - Vastleggen KPI’s - Opstellen en actueel houden kwaliteitshandboek - Jaarlijkse interne audits - Investeren in opleiding & vakbekwaamheid - Profileren van VTH in de organisatie- Aansluiten bij portfoliotafels- Verbetertrajecten en digitalisering Indicatoren / meetpunten - Aantal uitgevoerde PDCA-cycli - Aantal/kwaliteit risicoanalyses - Resultaten inwonersenquête (tevredenheid) - Trends in meldingen/overlast - Auditresultaten (score QQ 3.0) - Aantal medewerkers met actuele opleiding - Mate waarin IBT-aandachtspunten zijn opgevolgd - Score zelfevaluatie & externe toets- Aantal gerealiseerde verbetertrajecten- Mate van digitalisering en datagedreven werken Beoogd effect - Cyclisch en transparant werken, betere naleving, responsieve dienstverlening en efficiëntere inzet van middelen - Juridisch correcte, voorspelbare en transparante uitvoering VTH-taken; minder herstelacties en foutkosten - Wendbare en lerende organisatie; betere samenwerking, snellere dienstverlening en structureel lagere kosten Effect voor inwoners / ondernemers - Snellere en voorspelbare vergunningverlening - Betere communicatie bij meldingen/klachten - Veiliger leefomgeving door structurele risicoanalyse - Betere dienstverlening en voorspelbaarheid - Meer vertrouwen door transparante werkwijze - Minder herstel en onverwachte kosten - Eenvoudiger digitaal zaken doen - Snellere besluitvorming door betere gegevensdeling - Meer maatwerk en vroegtijdig overleg - Betere afwegingen bij ruimtelijke ontwikkelingen 3 Wijze van programmeren Dit hoofdstuk geeft een toelichting op de manier waarop de uitvoeringstaken zijn geprogrammeerd. De werkzaamheden komen voort uit wettelijke ontwikkelingen en bestuurlijke thema’s (prioriteiten). Deze zijn onder te verdelen in (reguliere) taken op gebied van uitvoering en handhaving en keuzetaken. 3.1 Ontwikkelingen De belangrijkste wettelijke ontwikkelingen die een impact hebben op de werkzaamheden zijn de Omgevingswet en de Wet Kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb) die op 1 januari 2024 in werking zijn getreden. De implementatie van deze wetgeving heeft ook in 2025 en 2026 nog impact en kost capaciteit. 3.2 Toelichting taakblad Om inzichtelijk te maken welke werkzaamheden wij het komende jaren gaan uitvoeren maken we gebruik van een format (taakblad). In elk taakblad wordt een vast aantal aspecten uitgewerkt die gebaseerd zijn op de (proces)eisen gesteld in de kwaliteitscriteria VTH. In de taakbladen wordt beschreven welke concrete activiteiten we gaan uitvoeren, hoe we dit gaan doen en welke capaciteit hiervoor benodigd is. Ook geven we aan welke bijdrage we leveren aan de strategische doelstellingen uit de U&HS. Voorbeeld taakblad 1. Toelichting taak, werkwijze en wettelijk kader Welke taken/activiteiten worden verricht, op welke wijze worden deze uitgevoerd binnen welk wettelijk kader? 2. Probleemanalyse Een probleemanalyse voor VTH omvat verschillende elementen om een duidelijk beeld te krijgen van de problemen en risico’s die aangepakt moeten worden. Hier zijn enkele voorbeelden van belangrijke problemen:. 1. Gebrek aan middelen: Onvoldoende personeel of budget.. 2. Complexe regelgeving: Moeilijkheden door veranderende wet- en regelgeving.. 3. Communicatieproblemen: Slechte communicatie tussen afdelingen.. 4. Gebrek aan training: Onvoldoende kennis en vaardigheden.. 5. Technologische uitdagingen: Verouderde systemen. Welke problemen/overtredingen doen zich voor en hoe vaak komen ze voor? Welke aandachtsveld/knelpunten zijn gesignaleerd? Als er sprake is van een hoge prioriteit uit de U&HS wordt deze nader beschreven..3. Koppeling met strategisch doel en subdoelstellingen Aan welk strategisch doel van de U&HS levert de uitvoering van deze taak een bijdrage? Welk subdoel is gekoppeld aan deze taken/problemen..4. Omvang taak en benodigde capaciteit Wat is de werkvoorraad of aanbod gestuurde activiteit van deze reguliere taak uitgedrukt in aantallen? Wat is de wijze van berekening van de uren om te komen tot een totaal benodigde capaciteit voor dit product? De verschillende producten/diensten van reguliere werkzaamheden zijn voorzien van een kengetal (uitgedrukt in uren): dit is een gemiddeld aantal uren dat benodigd is om één product te realiseren. Deze kengetallen zijn/blijven nog in ontwikkeling en zullen de komende jaren worden aangescherpt. Door het aantal producten te vermenigvuldigen met het kengetal, ontstaat een totaalbeeld van de verwachte benodigde uren. Voor bepaalde producten/diensten kunnen we geen aantal en/of kengetal inschatten; voor deze producten is volstaan met een totale urenraming..5. Indicatoren Welke indicatoren worden geregistreerd in het systeem en welke indicatoren zijn nog wenselijk? Taakblad 1: Informatievoorziening, vergunningen en meldingen Omgevingswet.1. Toelichting taak, werkwijze en wettelijk kader Een van de doelen van de Omgevingswet is om initiatiefnemers sneller duidelijkheid te geven over de haalbaarheid van hun plannen in de fysieke leefomgeving. Om deze doelen te behalen bieden wij onze inwoners en bedrijven verschillende mogelijkheden aan: Informatieverzoek We bieden de mogelijkheid aan inwoners en bedrijven om vragen te stellen per mail en telefoon. Dit noemen we een informatieverzoek. Het is een laagdrempelige manier om informatie te verkrijgen over een vergunning die nodig is voor het bouwen of slopen van een bouwwerk, of voor het uitvoeren van bepaalde activiteiten die invloed hebben op de omgeving. Ook bieden we inwoners en bedrijven de kans om langs te komen in het zogenoemde Atelier. Daarin kunnen zij alle vragen over bouwen en erfgoed, ruimtelijke kwaliteit en landschap op 1 plek stellen. De pagina “Check je plan/Verken uw idee” van gemeente Het Hogeland biedt een stappenplan waarmee inwoners hun initiatief kunnen toetsen aan de omgevingsvisie en gemeentelijke ambities. Het proces helpt bij het inschatten van vergunningen, het betrekken van de omgeving en het afstemmen op wet- en regelgeving. Omgevingsvergunningen/meldingen: Het behandelen van aanvragen omgevingsvergunning/melding voor de activiteiten bouw en omgevingsplanactiviteit. De taak vangt aan met de ontvangst van de aanvraag en wordt afgerond door: 1. het verlenen van de vergunning/toetsen op ontvankelijkheid van de melding; 2. het weigeren van de vergunning; 3. het buiten behandeling laten van de aanvraag/melding; 4. het intrekken van de vergunning en/of aanvraag op verzoek van de aanvrager. Deze taken worden uitgevoerd door de vergunningverleners. We werken conform onze vergunningenstrategie uit de U&HS. Het wettelijk kader voor de uitvoering van deze taken betreft met name de Omgevingswet en de daarbij horende amvb’s. Projecten Eemshaven waaronder PAWOZ Naast deze reguliere taken zijn er meerdere projecten in het Eemshavengebied, waaronder het project Programma Aansluiting Wind Op Zee (PAWOZ) (voor de landing van wind op zee bij Eemshaven). Het gaat om het verbinden van op zee opgewekte windenergie (uit windparken zoals Windpark Doordewind en Windpark Ten Noorden van de Waddeneilanden) via kabels of wellicht waterstofleidingen aan land in Eemshaven. Het programma onderzoekt de routes (over zee, door de Waddenzee, over land) voor de aanlanding en aansluitpunten voor elektriciteit of waterstof. Het is een rijksprogramma onder het ministerie van Ministerie van Klimaat en Groene Groei in samenwerking met onder andere de provincies en netbeheerders. Het is dus een verbindings- en aanlandingsproject: het gaat niet (alleen) over een windpark, maar over de infrastructuur (kabels/leidingen) waarmee de windenergie van zee naar land wordt gebracht – met grote ruimtelijke en vergunningstechnische consequenties. In de komende jaren verwachten wij dat hier meer capaciteit voor dienen in te zetten in de Eemshaven. We monitoren hoeveel inzet hiervoor nodig is. Voor nu is 1 fte vrijgemaakt en in de begroting vastgesteld om hier inzet op te plegen. De verwachting is dat dit meer gaat worden..2. Probleemanalyse Bij de uitvoering van activiteiten doen zich verschillende knelpunten voor: • Onvoldoende grip op initiatieven in de fysieke leefomgeving, waardoor plannen te laat of onvoldoende afgestemd worden op gemeentelijke ambities, wetgeving en omgevingskwaliteit. Dit leidt tot inefficiëntie kwaliteitsverlies en verhoogde kans op ongewenste ruimtelijke effecten. Om dit probleem te ondervangen gaan we in 2026 vormgeven aan de initiatieventafel. Dit houdt in dat we met een projectgroep gemeentebreed een voorstel maken om te komen tot een initiatievenloket. We willen de communicatie versterken via digitale tools zoals ‘Verken uw idee’ om initiatiefnemers bewust te maken van regels en gevolgen in een vroegtijdig stadium. • Complexiteit van bouwaanvragen: De aanvragen variëren sterk in aard en omvang, van eenvoudige tot zeer complexe projecten. Dit vraagt om een gedifferentieerde toetsingsaanpak. In 2026 evalueren wij het toetsingsprotocol en passen deze indien nodig aan zodat deze aansluit bij de praktijkervaringen, nieuwe wetgeving en of veranderende aard van aanvragen zoals aardbevingsgerelateerde bouw. • Aardbevingsproblematiek: Door de noodzaak tot het versterken van gebouwen als gevolg van aardbevingen, ontstaat een extra belasting op de capaciteit. Dit betreft niet alleen woningen, maar ook maatschappelijke voorzieningen zoals scholen en zorginstellingen. Aardbevingsaanvragen zijn technisch complex en vaak urgent vanwege veiligheidsrisico's. We pakken de aardbevingsproblematiek aan met een speciaal team dat complexe en urgente vergunningsaanvragen afhandelt binnen de wettelijke termijn. We continueren deze aanpak in 2026. • Milieutaken op afstand: Veel milieugerelateerde taken zijn uitbesteed aan de ODG. Dit vraagt om blijvende investering in samenwerking en opdrachtgeverschap. De verwachting is dat ook de komende jaren hier aandacht voor moet zijn. • Behoud van erfgoed: Voor monumenten en archeologisch waardevolle gebieden is het essentieel dat de bestaande staat behouden blijft. Vergunningverlening voor monumenten en archeologische waardevolle gebieden vereist specifieke expertise en zorgvuldige afwegingen. De instandhouding van deze objecten is essentieel, maar vergt extra inzet. We stimuleren vroegtijdig overleg met initiatiefnemers (het vooroverleg). • Ruimtelijke kwaliteit onder druk: Hoewel de gemeente ruimte wil bieden aan initiatiefnemers, leidt dit soms tot ingrepen die de ruimtelijke kwaliteit aantasten. Er is behoefte aan een betere balans tussen flexibiliteit en ruimtelijke ordening. Het bespreekbaar maken op de portfoliotafels is een maatregel die wij verder vorm gaan geven in 2026.. 3. Koppeling met strategisch doel en subdoelstellingen Door het uitvoeren van de hierboven beschreven taken leveren wij een bijdrage aan de strategische doelen uit de U&HS: • Doelstelling 1 (Continu verbeteren met beleidscyclus) °Via PDCA-cyclus en jaarlijkse risicoanalyses worden knelpunten zoals grip op initiatieven en complexiteit van aanvragen systematisch gemonitord en bijgestuurd. °Gebruik van tools als “Verken uw Idee plan” en toetsingsprotocol valt rechtstreeks onder de kwaliteitsborging en cyclische verbetering. • Doelstelling 2 (Voldoen aan Wet VTH/QQ 3.0) °Borging van de uitvoeringskwaliteit door duidelijke processen (vergunningenstrategie, toetsingsprotocol). °Samenwerking met ODG, VRG en erfgoedprocedures vallen onder kwaliteitseisen en vakbekwaamheid. • Doelstelling 3 (Toekomstbestendigheid VTH) °Digitalisering (“Verken uw Idee”) en portfoliotafels sluiten direct aan bij het streven naar wendbaarheid en datagedreven werken. °Het initiatievenloket is een voorbeeld van vroegsignalering en integrale samenwerking. Door het initiatievenloket en het Atelier wordt samenwerking tussen afdelingen en disciplines gestimuleerd, wat leidt tot een samenhangende beoordeling van initiatieven in de fysieke leefomgeving. Het programma Eemshaven plus draagt bij aan de energietransitie, vergroening van de stroomvoorziening en daarmee aan de maatschappelijke opgaven (veilig, gezond, goede omgevingskwaliteit). Subdoelstellingen: • Grip op initiatieven: In 2026 wordt het digitale hulpmiddel “Verken uw Idee’ door minimaal 80% van de initiatiefnemers gebruikt voorafgaand aan een bouwactiviteit. • Complexiteit van bouwaanvragen: In Q4 van 2026 is het toetsingsprotocol geëvalueerd. • A ardbevingsproblematiek: In 2026 worden alle aardbevingsgerelateerde aanvragen binnen de termijn afgehandeld door het speciaal team. • Milieutaken op afstand (ODG): In 2026 worden minimaal 4 gezamenlijke kwaliteitscontroles uitgevoerd met de ODG om regie en samenwerking te versterken. • Behoud van erfgoed: In 2026 wordt bij 80% van de aanvragen voor monumenten en archeologie een overlegmoment ingepland via het initiatievenloket. • Ruimtelijke kwaliteit onder druk: In 2026 worden alle grote ruimtelijke ingrepen besproken met de relevante teams. • Pawoz: Zorgdragen voor een tijdige, zorgvuldige en goed afgestemde uitvoering van de VTH-taken rondom PAWOZ, zodat de aansluiting van wind op zee in Eemshaven mogelijk wordt gemaakt met behoud van veiligheid, natuurwaarden en leefkwaliteit.. 4. Omvang taak en benodigde capaciteit 11.418 uur (8,1 fte). 5. Indicatoren Indicatoren per doelstelling •Gebruik “Verken uw Idee” 1.Aantal unieke gebruikers van “Verken uw Idee” per kwartaal 2.Percentage van vergunningsaanvragen voorafgegaan door gebruik van het hulpmiddel •Geactualiseerd toetsingsprotocol •Aardbevingsgerelateerde aanvragen 1.Percentage aanvragen binnen wettelijke termijn afgehandeld 2.Aantal aanvragen behandeld door het projectteam •Samenwerking ODG 1.Aantal gezamenlijke kwaliteitscontroles met ODG 2.Evaluatiescore van samenwerking (interne audit) •Erfgoedoverleg via initiatievenloket 1.Percentage erfgoedaanvragen met voorafgaand overleg 2.Aantal ingeplande overlegmomenten •Portfoliotafel ruimtelijke kwaliteit 1.Aantal ingrepen besproken in portfoliotafel-overleggen 2.Aantal betrokken afdelingen per overleg Taakblad 2: Vergunning/melding op grond van de APV en bijzondere wetten 1. Toelichting taak, werkwijze en wettelijk kader Op het terrein van de APV en bijzondere wetten is het verlenen van diverse vergunningen mogelijk. Behalve vergunningen worden er ook de nodige ontheffingen verleend en meldingen afgehandeld. Onder bijzondere wetten verstaan we in dit kader onder andere de Alcoholwet, Wet op de kansspelen, Marktverordening, Winkeltijdenwet en Wet Bibob: •· Behandelen van informatieverzoeken (zowel intern als extern) •· Behandelen van aanvragen voor een vergunning, ontheffing, melding en verklaring van geen bezwaar •· Opvragen van adviezen van (keten)partners •· Ambtshalve intrekkingen vergunning •· Ambtshalve wijziging van voorschriften •· Voeren van vooroverleg en integraal overleg Deze taken worden uitgevoerd door de vergunningverleners APV en administratieve ondersteuners. We werken volgens onze vergunningenstrategie uit de U&HS, waarin de basiswerkwijze en het toetsingskader(s) nader zijn omschreven. 2. Probleemanalyse Er zijn enkele belangrijke knelpunten: 1. Ontvankelijkheid van evenementenaanvragen: Veel organisatoren dienen hun aanvraag te laat of onvolledig in. Dit belemmert een tijdige en zorgvuldige beoordeling. De gemeente zet in op intensiever vooroverleg om de kwaliteit en tijdigheid van aanvragen te verbeteren. Aandachtspunt hierbij is Launch, die te rigide is ingericht waardoor het indienen van bepaalde bijlagen niet lukt. 2.Ontbreken van nadere regels en beleidsregels: Voor de uitvoering van de APV en andere verordeningen is het wenselijk om heldere kaders te hebben. Zo zijn er bijvoorbeeld geen nadere regels op basis van de Marktverordening opgesteld en ontbreekt beleid ten aanzien van standplaatsen. Het opstellen van nadere regels en beleidsregels vraagt extra inzet. 3. Kwaliteit van Alcoholwet-vergunningaanvragen: Aanvragen voldoen vaak niet aan de eisen, bijvoorbeeld doordat leidinggevenden niet beschikken over de juiste diploma’s. Ook de indiening van gegevens en bescheiden op basis van de Wet bibob laat te wensen over. Dit vraagt om extra inzet op voorlichting en toetsing..3. Koppeling met strategisch doel en subdoelstellingen Door het uitvoeren van de hierboven beschreven taken leveren wij een bijdrage aan het strategisch doel uit de U&HS: Doelstelling 1 – Continu verbeteren met de beleidscyclus Door het organiseren van vooroverleggen bij risicovolle evenementen en het gebruik van een evenementenkalender wordt de kwaliteit en tijdigheid van aanvragen structureel verbeterd. Deze werkwijze maakt het mogelijk om knelpunten vroegtijdig te signaleren en bij te sturen via de PDCA-cyclus. Doelstelling 2 – Voldoen én blijven voldoen aan kwaliteitscriteria 3.0 Door gerichte voorlichting en ondersteuning bij Alcoholwet-vergunningen wordt de juridische en inhoudelijke kwaliteit van aanvragen verhoogd. Dit draagt bij aan voorspelbare en rechtmatige uitvoering van VTH-taken en vermindert het aantal herstelacties. Doelstelling 3 – Toekomstbestendigheid VTHDe inzet op digitalisering (zoals de digitale evenementenkalender), vroegtijdig overleg en samenwerking met ketenpartners vergroot de wendbaarheid van de organisatie. Door deze aanpak kunnen aanvragen efficiënter en klantgerichter worden afgehandeld. Subdoelstellingen: • Evenementen: In 2026 wordt bij minimaal 50% van de risicovolle evenementen een vooroverleg georganiseerd en wordt 80% van de aanvragen binnen de gestelde termijn afgehandeld. • Alcoholwet: Minimaal 80% van de aanvragen voldoet bij aan de indieningsvereisten dankzij gerichte voorlichting en ondersteuning..4. Omvang taak en benodigde capaciteit 6063 uur (4,3 fte).5. Indicatoren •Percentage tijdig ingediende aanvragen •Aantal vooroverleggen •Percentage vergunningen afgehandeld binnen termijn •Aantal zienswijzen, bezwaren en (hoger) beroepen tegen verleende vergunningen •Percentage volledig ingediende Alcoholwet-aanvragen •Aantal aanvragen met aanvullende toetsing, afwijzing of beëindiging omdat het verkeerde product is aangevraagd of geen beschikking nodig is Taakblad 3: Toezicht Omgevingswet 1. Toelichting taak, werkwijze en wettelijk kader Wij voeren de volgende taken uit: Toezicht op verleende omgevingsvergunningen: Deze taak betreft het ter plaatse controleren of de werkzaamheden/activiteiten overeenkomstig de omgevingsvergunning worden uitgevoerd. Dit geldt voor bouwwerken in gevolgklasse 2 en 3 en verbouwactiviteiten die vallen onder gevolgklasse 1. Gevolgklasse 2 en 3 zijn bijvoorbeeld appartementencomplexen en grote bouwwerken met een publieke functie. Technisch toezicht op gevolgklasse 1 voeren wij niet uit. De toezichthouders hebben ook aandacht voor omgevingsveiligheid en welstand. Op administratief afgehandelde aanvragen is geen toezicht. De toezichthouder is verantwoordelijk voor de uitvoering van deze taken. We gaan ervan uit dat de vergunninghouder bouwt volgens de vergunning, zowel technisch als ruimtelijk. We houden in beginsel geen toezicht op bouwwerken die vergunningsvrij worden gebouwd. Uiteraard zal bij indicaties, waarbij er sprake is van constructief onveilige situaties of in het geval van verzoeken tot handhaving, wel inzet plaatsvinden volgens onze nalevingsstrategie. Toezicht houden op activiteiten zonder vergunning (illegale bouw)/in strijd met omgevingsplan (strijdig gebruik): De taak betreft toezicht op het gebruiken van gronden of bouwwerken in strijd met het omgevingsplan zonder dat hiervoor een omgevingsvergunning is verleend om af te wijken van het omgevingsplan. Dit geldt zowel in de bebouwde kom als in het buitengebied, waarbij tegelijkertijd aandacht wordt besteed aan mogelijke strafbare activiteiten (hennepkwekerijen, productie van synthetische drugs, etc.) in lege loodsen e.d. Dit doen wij op basis van een combinatie van meldingen en klachten en eigen waarnemingen. Illegale bewoning en verpauperde panden zijn de aandachtspunten. Controles in het kader van handhavingsverzoeken De taak betreft het onderzoeken of er sprake is van overtredingen van wet- en regelgeving aangehaald in het handhavingsverzoek. Het kan hier gaan om meerdere controles. (Ambtshalve) controles van meldingen en eigen constatering De taak betreft het toezicht op het naleven van wet- en regelgeving op basis van signalering en eigen constateren. Controles brandveilig gebruik Op verzoek van VRG (bij twijfel) of andersom (wijziging vergunning) gaan toezichthouders en VRG samen op controle. VRG informeert de toezichthouders over de uitkomsten. 2. Probleemanalyse Verpauperde panden Verpauperde panden vormen een structureel probleem dat meerdere domeinen raakt. Deze panden brengen veiligheidsrisico’s met zich mee, zoals instortingsgevaar, brandgevaar en gezondheidsproblemen door bijvoorbeeld schimmel of asbest. De gemeente heeft een stimuleringsregeling waarbij inwoners een bijdrage kunnen ontvangen om hun pand te verbeteren. In de praktijk blijkt deze bijdrage vaak onvoldoende om de panden daadwerkelijk op een acceptabel niveau te herstellen, waardoor de gewenste verbetering uitblijft. Dit leidt tot een toename van handhavingsdruk, omdat de gemeente vaker moet optreden bij onveilige of hinderlijke situaties. De handhavingscapaciteit wordt hierdoor extra belast, terwijl de beschikbare middelen beperkt zijn. Daarnaast hebben verpauperde panden een negatieve invloed op de ruimtelijke kwaliteit en het bestuurlijk imago van de gemeente, vooral in dorpskernen en gebieden met cultuurhistorische waarde. De problematiek is bovendien verweven met sociale en financiële omstandigheden van bewoners, waardoor een juridische of technische oplossing alleen niet volstaat. Dit vraagt om een integrale aanpak waarin handhaving, sociaal beleid en ruimtelijke ordening samenwerken. Overbewoning en illegale kamerverhuur In onze gemeente is onvoldoende zicht op het aantal gevallen van overbewoning en illegale kamerverhuur, met name in gebieden zoals de Eemshaven waar veel arbeidsmigranten worden gehuisvest. Deze situaties kunnen leiden tot onveilige woonomstandigheden, zoals brandgevaar, overbelasting van voorzieningen en verminderde leefbaarheid. Daarnaast ontstaan er maatschappelijke spanningen door overlast, parkeerdruk en sociale problematiek. Vaak is er sprake van strijdig gebruik van panden, waarbij woningen worden ingezet voor kamerverhuur zonder de juiste vergunningen of meldingen. Dit maakt handhaving complex en vraagt om een integrale aanpak. De problematiek raakt meerdere domeinen: juridisch, sociaal en ruimtelijk. De gemeente beschikt momenteel niet over een volledig beeld van de omvang van deze problematiek. In 2026 wordt daarom gewerkt aan een gerichte aanpak, mede ondersteund door regionale samenwerking via het Regionale Interventieteam Ondermijning (RIT) en meldingen vanuit de Wet goed verhuurderschap. Deze meldingen vormen een belangrijk hulpmiddel om signalen te verzamelen en gericht toezicht uit te voeren. Strijdig gebruik bij zorgwonen Er is een apart project gestart waarin VTH wordt ingezet om situaties van strijdig gebruik bij zorgwonen te signaleren, te beoordelen en waar nodig te handhaven. Zorgwonen betreft huisvesting voor zorgbehoevenden, zoals begeleid wonen, kleinschalige zorginstellingen of beschermd wonen. Deze vormen van gebruik passen niet altijd in het omgevingsplan, waardoor sprake kan zijn van strijdig gebruik en kan zorgen voor: •Onveilige situaties (bijv. brandveiligheid, overbewoning); •Overlast voor omwonenden; •Ruimtelijke knelpunten; •Gebrek aan regie en overzicht. De gemeente heeft onvoldoende zicht op de omvang van deze problematiek. Daarom is een project gestart waarin VTH actief betrokken is bij het signaleren, beoordelen en handhaven van strijdig gebruik bij zorgwonen. Karakteristieke objecten in het buitengebiedIn het buitengebied komen veel karakteristieke objecten voor. Wanneer hier een overtreding wordt geconstateerd, leidt dit vaak tot een onomkeerbare situatie, omdat herstel niet eenvoudig of soms zelfs onmogelijk is. Dit heeft directe gevolgen voor de bestuurlijke geloofwaardigheid en het imago van de gemeente, zeker wanneer het gaat om cultuurhistorisch waardevolle landschappen. Handhaven is lastig omdat het buiten het zicht plaatsvindt en overtredingen pas laat worden gesignaleerd. Daarom wordt ingezet op meer bewustwording bij toezichthouders en boa’s, zodat zij deze situaties actief meenemen in hun controles. Door vroegtijdige signalering kan schade worden beperkt en kan adequater worden optreden..3. Koppeling met strategisch doel en subdoelstellingen Het toezicht in het kader van de Omgevingswet – op vergunningen, illegale bouw, strijdig gebruik, handhavingsverzoeken, zorgwonen en karakteristieke objecten – draagt integraal bij aan de drie strategische VTH-doelstellingen van gemeente Het Hogeland: Doelstelling 1 – Continu verbeteren met de beleidscyclus •Door structurele controles (o.a. bij overbewoning, zorgwonen en karakteristieke objecten) en het vastleggen van bevindingen in gemeentelijke overzichten en werkprogramma’s, worden signalen systematisch gebruikt om beleid en uitvoering te verbeteren. •De PDCA-cyclus wordt versterkt doordat indicatoren (zoals aantal controles, meldingen en casussen) jaarlijks worden gemonitord en geëvalueerd. Doelstelling 2 – Voldoen en blijven voldoen aan kwaliteitscriteria 3.0 •· Toezicht en handhaving worden uitgevoerd volgens vastgestelde wettelijke kaders en werkprocessen, waardoor de kwaliteit aantoonbaar is geborgd. •· Jaarlijkse verslaglegging in het uitvoeringsprogramma en juridische afhandeling van overtredingen zorgen voor transparantie en verifieerbaarheid. •· Preventieve adviezen en vaste protocollen (bijv. bij zorgwonen, handhavingsverzoeken) verhogen de voorspelbaarheid en rechtmatigheid. •· Integrale samenwerking met ketenpartners (sociaal domein, RO, VRG, RIT) versterkt vakbekwaamheid en eenduidigheid in de uitvoering. Doelstelling 3 – Toekomstbestendigheid VTH •Gemeentelijk overzicht van overbewoning en illegale kamerverhuur biedt grip op maatschappelijke ontwikkelingen zoals arbeidsmigrantenhuisvesting. •Intensieve samenwerking met partners en benutten van signalen uit de Wet goed verhuurderschap vergroten de wendbaarheid van toezicht. •Vroegtijdige signalering van slingersloten en preventieve adviezen beperken onomkeerbare schade en beperken de risico’s. Subdoelstellingen: Aanpak overbewoning en illegale kamerverhuur In 2026 voert gemeente Het Hogeland minimaal 20 gerichte controles uit op mogelijke overbewoning en illegale kamerverhuur, met bijzondere aandacht voor arbeidsmigrantenhuisvesting in de Eemshaven, en legt de bevindingen vast in een gemeentelijk overzicht. Strijdig gebruik zorgwonen In 2026 heeft gemeente Het Hogeland alle signalen van strijdig gebruik bij zorgwonen beoordeeld en verwerkt in het VTH-werkprogramma, waarbij minimaal 10 casussen zijn opgepakt in samenwerking met het sociaal domein en ruimtelijke ordening. Karakteristieke objectenIn de werkoverleggen van 2025 en 2026 informeert de gemeente toezichthouders en boa’s actief over de problematiek rondom slingersloten, zodat zij deze structureel meenemen in hun controles en signaleren vóórdat onomkeerbare situaties ontstaan..4. Omvang taak en benodigde capaciteit 5.651 uur (4,01 fte).5. Indicatoren Indicatoren: •Aantal uitgevoerde controles op overbewoning en illegale kamerverhuur •Aantal signalen opgepakt uit meldingen Wet goed verhuurderschap en RIT •Percentage controles met geconstateerde overtredingen •Aantal casussen opgenomen in het VTH-werkprogramma •Aantal integrale overleggen met sociaal domein en RO •Percentage casussen met juridische afhandeling •Aantal aanvragen slingersloten •Aantal controles waarbij slingersloten zijn meegenomen •Aantal geconstateerde overtredingen met betrekking tot gedempte watergangen •Percentage overtredingen dat binnen de begunstigingstermijn is beëindigd. Taakblad 4: Toezicht vergunning/melding op grond van de APV en bijzondere wetten 1. Toelichting taak, werkwijze en wettelijk kader De medewerkers toezicht en handhaving/boa’s houden toezicht in de openbare ruimte. Dit varieert van surveillance in alle wijken, gebieden en parken. Hierbij controleren de boa’s of voorgeschreven regels in lokale verordeningen en landelijke wetgeving worden nageleefd. Daarbij leveren de boa’s een bijdrage aan de veiligheid en leefbaarheid van onze gemeente. Deze medewerkers dragen doorgaans een uniform met herkenbaar insigne en doen het werk per auto, fiets of lopend. Dit bevordert de zichtbaarheid op straat. Voor het efficiënt en effectief uitoefenen van taken van de boa’s, is het van belang dat zij samenwerken met zowel interne als externe relaties (bijv. de politie, de ODG, toezichthouder etc.). De boa’s dienen jaarlijks een training te volgen om de taken te kunnen uitvoeren. De taken van de boa’s zijn onder te verdelen in twee categorieën: 1. Preventie: preventie is gericht op het voorkomen van overlast. Dit kan gebeuren door voorlichting en actieve surveillance. Hierbij vervullen de boa’s tevens een signaalfunctie voor de algemene dienst op zowel het gebied van beheer openbare ruimte, groenvoorziening en reiniging. 2. Repressie: repressie richt zich op het toezicht en de handhaving. De boa’s controleren op de naleving van regels. Daarnaast reageren de boa’s op binnengekomen meldingen van burgers, bedrijven en samenwerkingspartners. De boa’s handelen ook grotendeels de binnenkomende meldingen via meldpunt overlast af. Toezicht op vergunningverlening APV richt zich op de onderstaande categorieën: • Aanleggen of veranderen van een weg of uitweg • Maken van handelsreclame • Opslaan roerende goederen • Vellen van een houtopstand/herplantplicht (kap) • Controle meldingen • Geluidscontrole knalapparaten • Controle geluidhinder • Oudejaarscontrole • Ontheffingen carbidschieten • Ontheffingen brandplaatsen/vreugdevuren • Standplaatsvergunningen • Overige APV vergunningen Naast deze taken voeren de boa’s ook taken uit voor de aanpak tegen ondermijning..3. Probleemanalyse Het werkterrein van de boa’s is zeer divers. De afhandeling van meldingen neemt een groot gedeelte van de tijd in beslag en de resterende tijd wordt gebruikt voor preventie door surveillance. We zijn bezig met een straatteam voor de jeugd met jeugdboa’s. Deze werken samen met andere maatschappelijke organisaties zoals scholen en sportverenigingen. Deze worden boa’s worden apart opgeleid en vormen een sub-team. Hiervoor wordt een apart plan van aanpak opgesteld. Overeenkomstig de risicoanalyse krijgen de onderstaande thema’s prioriteit bij het aansturen van de boa’s: •· Bijtincidenten: Het aantal bijtincidenten is gestegen in de afgelopen jaren. We hebben hiervoor een bijtincidentenprotocol dat door de boa’s wordt toegepast. Er is een aparte boa aangewezen voor de bijtincidentenproblematiek waardoor we dit probleem breder oppakken. De samenwerking met de politie zorgt voor een integrale benadering. We continueren deze aanpak. •· Alcoholverstrekking aan minderjarigen: Sinds de verhoging van de leeftijdsgrens naar 18 jaar wordt een stijging geconstateerd in het verstrekken en gebruiken van alcohol door minderjarigen. Deze ontwikkeling brengt risico’s met zich mee voor de gezondheid en ontwikkeling van jongeren en doet afbreuk aan de naleving van geldende wet- en regelgeving. Tot aan de vaststelling van het gemeentelijk alcohol- en preventiebeleid wordt uitvoering gegeven aan de bestaande wettelijke verplichtingen en vindt handhaving plaats op de naleving daarvan. Na vaststelling van het alcohol- en preventiebeleid wordt een integrale aanpak geborgd, waarin preventieve maatregelen, voorlichting en gerichte handhaving in samenhang worden toegepast..4. Koppeling met strategisch doel en subdoelstellingen De uitvoering van toezicht en handhaving op grond van de APV en bijzondere wetten draagt integraal bij aan de strategische VTH-doelstellingen: Doelstelling 1 – Continu verbeterenDoor structurele inzet van PDCA, jaarlijkse evaluaties en thematische controles wordt toezicht voortdurend gemonitord, geëvalueerd en waar nodig bijgestuurd. Dit versterkt de samenhang tussen beleid, uitvoering en evaluatie. Doelstelling 2 – Voldoen aan kwaliteitscriteria 3.0De boa’s voeren hun taken uit binnen duidelijke wettelijke kaders en volgens vastgelegde processen. Daarmee borgen we uitvoeringskwaliteit, rechtmatigheid en vakbekwaamheid. Doelstelling 3 – Toekomstbestendigheid VTH Door signalen uit toezicht (bijv. meldingen, trends in overlast, maatschappelijke ontwikkelingen) actief te vertalen naar beleid en samenwerking met partners (politie, omgevingsdienst, inwoners), vergroten we de wendbaarheid en voorspelbaarheid van onze inzet. Digitalisering en datagedreven werken versterken dit proces. Subdoelstellingen: 1.· Bijtincidenten: We continueren de samenwerking met de politie door minimaal twee keer per jaar een evaluatieoverleg te organiseren over bijtincidenten en handhaving, om zo de integrale aanpak aantoonbaar te versterken. 2.· Alcoholverstrekking aan minderjarigen: Vanaf 2026 voeren we jaarlijks minimaal 15 gerichte controles uit op naleving van de alcoholleeftijdsgrens (18+), waarvan de resultaten worden verwerkt in de evaluatie van het alcohol- en preventiebeleid in 2026..5. Omvang taak en benodigde capaciteit 7963 uren (5,65 fte).6. Indicatoren •· Percentage naleving bij hercontroles (mate waarin overtredingen zijn opgelost). •· Afname van specifieke vormen van overlast (bijv. geluidsoverlast, illegale stook, bijtincidenten). •· Doorlooptijd tussen melding en afhandeling. Taakblad 5: Juridische bijdrage VTH.1. Toelichting taak, werkwijze en wettelijk kader De juristen dragen bij aan het behouden en beschermen van de fysieke leefomgeving en zorgen ervoor dat individuen, bedrijven en organisaties zich houden aan de geldende wet- en regelgeving om de veiligheid en duurzaamheid van de samenleving te waarborgen. Deze taak betreft: • Het geven van juridische advies: De jurist verstrekt advies aan VTH-medewerkers en externe belanghebbenden (zoals de constructeurs, de ODG, de VRG, RWLP) over kwesties met betrekking tot het omgevingsrecht. Dit omvat advies over de interpretatie van wetten, regelgeving en vergunningen. • Het starten/voeren van handhavingsprocedures: Als er inbreuken op wet- en regelgeving worden vastgesteld, kan de jurist handhavingsprocedures starten. Dit omvat het opstellen van waarschuwingen, vooraankondigingen, opdrachten tot herstel (last onder dwangsom/bestuursdwang), het opleggen van (bestuurlijke) boetes en het intrekken van besluiten. We onderzoeken altijd de legalisatiemogelijkheden van eventuele overtredingen. • Het voeren van juridische procedures: De jurist vertegenwoordigt het bevoegde gezag in bezwaar- en beroepsprocedures en schrijft juridische documenten, zoals hoger beroepschriften en verweerschriften. • Advies en informatie: De jurist kan proberen zaken op te lossen door gesprekken te voeren. Dit kan onder meer door actief te informeren en de mensen hun verhaal te laten doen. Soms leidt dit tot het beëindigen van de overtreding. • Het bijhouden van juridische ontwikkelingen: De jurist houdt zich op de hoogte van jurisprudentie en/of wijzigingen in wet- en regelgeving. • Samenwerking: De jurist werkt vaak samen met andere professionals, zoals inspecteurs, stedenbouwkundigen, beleidsmakers en OOV-medewerkers om de handhaving van wet- en regelgeving effectief te coördineren. Daarnaast met externe ketenpartners zoals politie, OM, VRG, ODG en andere overheden, zoals provincie en waterschap. • Interne en bestuurlijke overleggen: het bespreken van casussen met collega's en met de portefeuillehouder. We handelen volgens de nalevingsstrategie van de U&HS. De hierin genoemde LHSO en de strategie voor handhavingsverzoeken en meldingen is relevant voor dit taakblad. De toezichthouders, boa’s en juristen bepalen het in te zetten sanctiemiddel met behulp van de interventiematrix..2. Probleemanalyse Door capaciteitsgebrek is er beperkte ruimte voor bredere juridische ondersteuning, zoals het opstellen van beleidsnotities, advisering in complexe dossiers en proactieve kwaliteitsborging. De krapte op de arbeidsmarkt leidt ertoe dat nieuwe medewerkers vaak minder ervaring meebrengen en dat het aantrekken van gekwalificeerde juristen een aanzienlijke uitdaging vormt. Dit vergroot de druk op de huidige formatie en brengt risico’s met zich mee voor de continuïteit en kwaliteit van de juridische werkzaamheden. In 2026 wordt de formatie uitgebreid met één jurist. Hoewel dit verlichting zal bieden, blijft het noodzakelijk om aandacht te besteden aan kennisontwikkeling, begeleiding van minder ervaren medewerkers en strategische personeelsplanning om de kwaliteit en continuïteit structureel te borgen..3. Koppeling met strategisch doel en subdoelstellingen Doelstelling 1 – Continu verbeteren met de beleidscyclus •Juridische capaciteit wordt structureel betrokken bij de PDCA-cyclus, zodat signalen uit de handhavingspraktijk tijdig vertaald worden naar beleidsaanpassingen. •Kennisdeling en intervisie zorgen voor continue kwaliteitsverbetering van juridische producten en besluiten. Doelstelling 2 – Voldoen én blijven voldoen aan kwaliteitscriteria 3.0 •Door het opstellen van een kwaliteitshandboek en interne audits wordt de juridische kwaliteit geborgd, ook met minder ervaren medewerkers. •Investeren in opleiding en begeleiding van nieuwe juristen verhoogt de vakbekwaamheid en vermindert fouten- en bezwaarprocedures. Doelstelling 3 – Toekomstbestendigheid VTH •Strategische personeelsplanning en samenwerking met externe partners (bijv. omgevingsdienst, gespecialiseerde advocatenkantoren) vergroten de wendbaarheid van de organisatie. •Digitalisering en kennismanagementsystemen worden ingezet om juridische kennis beter te borgen en toegankelijk te maken voor zowel ervaren als nieuwe medewerkers..4. Omvang taak en benodigde capaciteit 3956 uren (2,8 fte).5. Indicatoren •Tijdige afhandeling van handhavingsverzoeken (% binnen termijn). •Percentage juridische besluiten dat standhoudt in bezwaar en (hoger) beroep. Taakblad 6: Algemene werkzaamheden en overleg.1. Toelichting taak, werkwijze en wettelijk kader Naast de reguliere taken zijn ook andere taken relevant voor een goede uitvoering van de U&H-taken: • Kwaliteitszorg: Opstellen, begeleiden en monitoren van de uitvoering van de U&HS, het uitvoeringsprogramma, het jaarverslag en andere beleidsdocumenten die met VTH te maken hebben. De werkzaamheden kennen een cyclisch karakter en vloeien met name voort uit onderdelen van de P&C-cyclus (waaronder het opmaken van jaarverslag en kwartaalrapportages) en de Big 8-beleidscyclus; • Advies aan bestuur en collega’s over de voor ons relevante ontwikkelingen; • Bewaken van de kwaliteit en updaten van de (werk)processen. • Bevorderen en onderhouden van de kennis en deskundigheid door trainingen en opleidingen. • Beleidsnota’s en informatienota’s: zorgdragen voor het opzetten, ontwikkelen en actualiseren van adequate juridische programma’s, beleidsnota’s en management- en sturingsinformatie • Procesinrichting en informatiebeheer voor alle VTH-werkzaamheden met betrekking tot de informatie die via onze applicaties wordt ontsloten, alsmede de procesinrichting van onze werksystemen. • Bedrijfsvoering: Dit omvat allerlei werkzaamheden in het kader van bedrijfsvoering, niet zijnde bedrijfsvoering die specifiek in een andere categorie terugkomt. Voorbeelden van bedrijfsvoering binnen deze categorie zijn: administratieve werkzaamheden, planning en controlecyclus, budgetbeheer, voorbereidingen portefeuillehoudersoverleg, alle structurele werkoverleggen van teamleden. Hieronder verstaan we ook het bijhouden van juridische ontwikkelen en training en opleiding. • Coördinatie VTH-ketenpartners: Ook valt hieronder samenwerken met de samenwerkingspartners in de regio, zoals met de ODG (Contact behouden en sturen werkzaamheden ODG, Accounthoudersoverleggen, begeleiden en adviseren m.b.t. bestuursvergaderingen verbonden partijen) en de VRG (opdrachtformulering afstemmen met VRG en input leveren voor regionaal uitvoeringsprogramma VRG). Deze werkzaamheden worden uitgevoerd door de VTH-regisseurs, de applicatiebeheerders en administratief medewerkers..2. Probleemanalyse De beleidscyclus VTH is de afgelopen jaren niet volledig doorlopen, doordat in sommige jaren geen uitvoeringsprogramma en bijbehorend jaarverslag zijn opgesteld. Dit is ook door het interbestuurlijk toezicht van de provincie Groningen gesignaleerd. Hierdoor ontbreekt structurele monitoring en verantwoording over de uitvoering van VTH-taken. Dit beperkt het inzicht in de effectiviteit en doelmatigheid van de uitvoering, belemmert tijdige bijsturing en brengt risico’s met zich mee voor de kwaliteit en continuïteit van het beleid. Daarnaast kan dit leiden tot negatieve bevindingen bij het interbestuurlijk toezicht en druk op de bestuurlijke verantwoording. Om dit structureel te verbeteren, wordt vanaf 2026 jaarlijks een volledig uitvoeringsprogramma en jaarverslag opgesteld. Deze documenten worden geborgd in de beleidscyclus en afgestemd met relevante interne en externe partners. Daarnaast wordt een format ontwikkeld waarin prioriteiten, indicatoren en resultaten systematisch worden vastgelegd, zodat monitoring, evaluatie en bijsturing beter verankerd zijn. Het jaarverslag wordt expliciet gekoppeld aan de strategische doelstellingen en kwaliteitscriteria 3.0, zodat de samenhang met de bredere VTH-strategie aantoonbaar is..3. Koppeling met strategisch doel en subdoelstellingen Doelstelling 1 – Continu verbeteren Door jaarlijks een uitvoeringsprogramma en jaarverslag vast te stellen, wordt de PDCA-cyclus hersteld en ontstaat een structurele basis voor monitoring, evaluatie en bijsturing. Doelstelling 2 – Voldoen aan kwaliteitscriteria 3.0 Het borgen van de beleidscyclus en jaarlijkse verantwoording zorgt voor aantoonbare naleving van de kwaliteitscriteria en voldoet aan de eisen van het interbestuurlijk toezicht. Doelstelling 3 – Toekomstbestendigheid VTHDoor de beleidscyclus te versterken en systematisch te koppelen aan prioriteiten en indicatoren, vergroot de organisatie haar wendbaarheid en blijft zij in staat om in te spelen op nieuwe maatschappelijke en juridische ontwikkelingen. Subdoelstelling: Vanaf 2026 wordt de beleidscyclus volledig hersteld door elk jaar vóór 1 april een vastgesteld uitvoeringsprogramma en een jaarverslag op te leveren..4. Omvang taak en benodigde capaciteit 11.248 uur (7,98 fte).5. Indicatoren •Jaarlijks vaststellen van een uitvoeringsprogramma (ja/nee). •Jaarlijks vaststellen van een jaarverslag (ja/nee). •Aantal vastgestelde verbeterpunten uit de evaluatie dat is opgepakt in het nieuwe uitvoeringsprogramma. Taakblad 7: Milieu.1. Toelichting taak, werkwijze en wettelijk kader Bodem Taken gericht op bodemonderzoek en advisering: •Beoordelen van bodemonderzoeken en adviseren over resultaten •Verstrekken van bodeminformatie, inclusief ligging van kabels en leidingen •Advisering bij bodemvraagstukken, zoals verontreiniging of hergebruik •Ondersteuning bij Veilig Verklaarde Locaties (VVL) •Advies aan makelaars over bodemkwaliteit bij vastgoedtransacties •Gebruik van Nazca voor bodemdata-analyse Milieu Milieugerelateerde meldingen en beoordelingen: •Melding en beoordeling van milieubelastende activiteiten (MBA) •Controle op meldingen via ODG •Beoordeling van bodemenergiesystemen •Verwerking van meldingen grondwateronttrekking en grondverzet •Advies bij milieueffectrapportages (MER) Geluid Activiteiten rondom geluidbeheer: •Zonebeheer voor industrielawaai, inclusief monitoring en handhaving REV (Regionale Externe Veiligheid) Beleid en samenwerking met veiligheidsregio: •Algemene REV-werkzaamheden •Afstemming met VRG •Beleidsontwikkeling op het gebied van veiligheid en milieu Overige werkzaamheden Niet-projectgebonden of interne taken: •Samenwerking met ODG •Advisering bij vergunningverlening en overige milieuaspecten •BSV-gerelateerde taken (bijv. bodem, sanering, veiligheid) Wettelijk kader: Omgevingswet, Wet milieubeheer en amvb’s..2. Probleemanalyse Onvoldoende vertaalslag van juridische kaders naar praktische maatwerktoepassing De juridische beoordeling van wet- en regelgeving is op orde, maar de vertaalslag naar de praktijk blijkt in concrete dossiers nog onvoldoende. Met name het opstellen van maatwerkvoorschriften die goed aansluiten bij specifieke initiatieven of situaties, vraagt extra aandacht. Dit vergroot het risico dat besluiten minder goed uitvoerbaar of handhaafbaar zijn en dat kansen voor maatwerk onvoldoende worden benut. Om dit te verbeteren, investeren we de komende jaren in het versterken van de kennis en vaardigheden rondom het toepassen van maatwerkvoorschriften. Dit doen we door: •het opstellen van interne richtlijnen en praktijkvoorbeelden, •het bieden van gerichte trainingen en intervisie voor medewerkers, •en het delen van casuïstiek met ketenpartners om te leren van concrete situaties. Daarnaast wordt maatwerk structureel onderdeel van de beleidscyclus (PDCA), zodat ervaringen uit de praktijk leiden tot verbetering van processen en instructies. Voorbereiden op wettelijke verplichting geluidsemissiekaarten Een andere ontwikkeling is die van geluidszones wegverkeer die in 2026 gaat spelen: Gemeentes zijn vanaf 2026 wettelijk verplicht de geluidsemissie van wegen met intensiteiten hoger dan 2.500 voertuigen per etmaal inzichtelijk te maken (basis geluidsemissie). Op basis daarvan wordt een geluidszonekaart gemaakt. Bij de bouw van woningen kan hierdoor snel nagegaan worden in welke mate geluid van wegen een rol speelt bij de planvorming. Hierdoor wordt plantoetsing efficiënter. De benodigde voorbereiding – zoals het verzamelen van verkeersgegevens, het opstellen van een geluidszonekaart en het inrichten van processen voor plantoetsing – is nog niet volledig uitgewerkt. Zonder tijdige voorbereiding kan dit leiden tot vertragingen in vergunningverlening en planontwikkeling, In 2026 gaan we hier mee aan de slag. Vertaling van de bruidsschat naar het omgevingsplan De vertaling van de bruidsschat naar het omgevingsplan vraagt om een zorgvuldige inbreng van VTH-medewerkers, zodat de regels goed aansluiten op de uitvoeringspraktijk. Op dit moment is die input nog niet volledig geborgd, waardoor het omgevingsplan nog niet optimaal werkbaar is. Er is behoefte aan duidelijke kaders en eenduidige regelgeving die zowel juridisch als praktisch toepasbaar zijn. Om dit te realiseren is de komende jaren structurele capaciteit nodig voor afstemming, uitwerking en implementatie..3. Koppeling met strategisch doel en subdoelstellingen • Doelstelling 1 – Continu verbeteren Het vastleggen van leerervaringen en casuïstiek in de beleidscyclus zorgt voor een structurele kwaliteitsverbetering in de toepassing van maatwerk. • Doelstelling 2 – Voldoen aan kwaliteitscriteria 3.0 Door interne richtlijnen, audits en scholing wordt de juridische en organisatorische kwaliteit aantoonbaar geborgd, ook bij complexe dossiers. • Doelstelling 3 – Toekomstbestendigheid VTHHet vergroten van kennis en vaardigheden rondom maatwerk versterkt de wendbaarheid en maakt de organisatie beter in staat om flexibel in te spelen op nieuwe initiatieven en maatschappelijke ontwikkelingen. Subdoelstellingen: •In 2026 beschikt de organisatie over een goed toepasbaar en breed gedragen werkwijze voor het opstellen van maatwerkvoorschriften, ondersteund door interne richtlijnen, praktijkvoorbeelden en structurele kennisdeling (training en intervisie). Hierdoor worden besluiten beter uitvoerbaar en sluit maatwerk beter aan op de praktijk. • Integreren van de wettelijke basisgeluidsemissiegegevens en geluidszonekaart in de VTH-werkprocessen, zodat plantoetsing en toezicht efficiënter en risicogericht uitgevoerd kunnen worden. • In 2026 hebben we een goed lopend proces voor het geluidsdeelplan in de Eemshaven..4. Omvang taak en benodigde capaciteit 7.151 uren (5,07 fte).5. Indicatoren •Aantal gevolgde trainingen/intervisiebijeenkomsten over toepassing maatwerk. •Aantal uitgewerkte praktijkvoorbeelden/richtlijnen beschikbaar voor medewerkers. •Gereedheid geluidszonekaart (gereed/niet gereed) per 31-12-2026 •Percentage wegen met >2.500 mvt/etmaal waarvoor geluidsemissie is berekend •Aantal vergunning- of planprocedures waarin de geluidsemissiekaart aantoonbaar is toegepast •Evaluatie van doorlooptijd plantoetsing vóór en ná invoering van de kaart 4 Werkzaamheden VTH In de U&HS staan de doelen voor de uitvoering van de VTH-taken. Met voorliggend U&HP wordt hieraan een bijdrage geleverd. Gedurende het jaar wordt gemonitord of koers is gehouden om de doelen te bereiken. In de evalutierapportage wordt gerapporteerd wat in het voorgaande jaar bereikt is en zo nodig vindt bijstelling plaats in het nieuwe uitvoeringsprogramma. 4.1 Vergunningen Het behandelen van vergunningaanvragen is een vraaggestuurd proces, waarop in kwantitatieve zin geen invloed kan worden uitgevoerd. Alle binnenkomende aanvragen moeten worden afgehandeld binnen de daarvoor geldende termijnen. Sturing vindt daarom vooral plaats op het toetsingsniveau (de diepgang) waarop aanvragen worden afgehandeld. Binnen de wettelijke en beleidsmatige kaders wordt met de aanvrager meegedacht. De kwaliteit van de beslissingen op vergunningaanvragen heeft voortdurend de aandacht. Het kwaliteitsniveau op zowel juridisch als op procedureel vlak ligt vast in de vergunningenstrategie (zie hoofdstuk 5 van de U&HS). In de kwaliteitscriteria worden eisen gesteld aan een probleemanalyse vergunningverlening. Hiervoor dient in kaart te worden gebracht de hoeveelheid, aard en complexiteit van de verwachte vergunningaanvragen, het type bouwwerk of aard van de inrichting en of het om vergunningen gaat met planologische strijdigheden en hoeveel urencapaciteit nodig is voor de behandeling ervan. 4.2 Toezicht en handhaving Algemeen doel voor toezicht en handhaving is dat naast de sturing op basis van een inschatting van risico’s, steeds meer gestuurd wordt op basis van (nalevings)informatie. De focus ligt uiteraard op de VTH-taken met hoge prioriteit en juist op die taken moet de naleving worden verbeterd. Toezichtstaken zijn vraaggestuurd als het om toezicht op verleende vergunningen gaat. Ook een melding of een verzoek om handhaving kan aanleiding zijn voor het uitvoeren van een controle. Bij handhaving vormt het waarnemingsrapport van een toezichthouder de basis voor het aanleggen van een handhavingsdossier. Met uitzondering van verzoeken om handhaving, kan de handhavingscapaciteit vooral worden ingezet op overtredingen waarvoor de U&HS prioriteiten stelt. Vanuit een oplossingsgerichte in plaats van proceduregerichte aanpak en houding wordt eerst het gesprek aangegaan met de overtreder. Zo mogelijk wordt de doorlooptijd van handhavingsdossiers korter, waarbij de kwaliteit in het oog wordt gehouden. De handhavingsvoorraad loopt zo niet onnodig op, waarbij achterstanden worden voorkomen door tijdig bij te sturen. In de U&HS is een risicoanalyse met de daarbij gehanteerde systematiek van prioritering opgenomen. 5 Personele capaciteit en financiële middelen Het hebben van een professionele organisatie is een voorwaarde om de U&HS en het uitvoeringsprogramma adequaat te kunnen uitvoeren. Zoals beschreven in de U&HS is de gemeente de aankomende jaren in staat om een gedetailleerd overzicht te creëren van benodigde en beschikbare financiële en personele middelen per doelstelling omdat er SMART doelstellingen zijn opgenomen en er is gekozen voor risicogestuurd toezicht dat de schaarse middelen inzet op de grootste risico’s. 5.1 Beschikbare en benodigde personele capaciteit In de overzichten wordt gebruik gemaakt van ‘full-time equivalenten’. 1 Fte = 1410 effectieve uren per jaar. 5.1.1 Beschikbare capaciteit VTH De werkzaamheden worden uitgevoerd door het team RO/VTH. In 2025 was hiervoor de volgende formatie (inclusief inhuur) beschikbaar: functiegroep fte Uren Vergunningen Leefomgeving 1. 7924 Vergunningen APV/BW 3,56 5020 Toezicht Omgevingswet 3,89 5485 Toezicht APV/BW/BOA 6,56 9250 Juridisch 1. 3948 Milieu 3,62 5104 Algemeen 7,28 10265 totaal 33,33 46.996 Voor de uitvoering van alle werkzaamheden binnen VTH zijn 46.996 effectieve uren beschikbaar. Dit staat gelijk aan 33,33 Fte. 5.1.2 Benodigde personele capaciteit Voor de uitvoering van voorgenomen VTH taken zijn de volgende benodigde uren in kaart gebracht. taakblad Benodigde uren fte Omgevingsvergunning activiteit Bouw, Sloop, Brandveilig gebruik en/of meldingen Milieu 11.418 8,10 Vergunning/melding op grond van de Algemeen Plaatselijke verordening of Bijzondere Wetten 6.063 4,30 Toezicht Omgevingswet 5.651 4,01 Toezicht vergunning/melding op grond van de Algemeen Plaatselijke verordening of bijzondere wetten incluis BOA 7.963 5,65 Juridisch 3.956 2,80 Algemeen Overleg en projecten 11.248 7,98 Milieu 7.151 5,07 totaal uren 53.450 totaal fte 37,90 Voor de uitvoering van alle werkzaamheden binnen VTH zijn effectieve uren 53.450 uur benodigd. Dit staat gelijk aan 37,9 Fte. 5.1.3 Conclusie beschikbaar en benodigde capaciteit Voor de uitvoering van alle werkzaamheden binnen VHT is er in principe voldoende capaciteit beschikbaar omdat de gemeenteraad heeft ingestemd met een structurele uitbreiding van het team RO/VTH. Fte Beschikbaar Fte totaal 33,33 Benodigd Fte totaal 37,90 Totaal Fte benodigd versus beschikbaar -4,57 Aanleiding hiervoor was de toenemende werkdruk als gevolg van de invoering van de Omgevingswet, een groeiend aantal vergunningaanvragen en de toename van gemeentelijke projecten. Om de kwaliteit en tijdigheid van de uitvoering te waarborgen, is besloten tot een structurele formatie-uitbreiding van het team VTH. De uitbreiding wordt volledig gedekt uit de structureel hogere legesopbrengsten van omgevingsvergunningen. Hiermee wordt invulling gegeven aan de ambitie om de uitvoeringskracht van de organisatie op peil te houden en adequaat te kunnen inspelen op de ruimtelijke en maatschappelijke opgaven binnen de gemeente. In 2026 verwachten we voldoende capaciteit te hebben om de werkzaamheden uit te voeren, als we in staat zijn alle openstaande vacatures (tijdig) in te vullen. 5.2 Financiële middelen voor verbonden partijen Veel gemeentelijke taken worden uitgevoerd door het team RO/VTH. Echter, specifieke uitvoeringstaken worden door de zogenaamde verbonden partijen (gemeenschappelijke regelingen) uitgevoerd. Die taken worden dus ‘uitbesteed’. De reden hiervan kan zijn dat dat verplicht gebeurt, maar het kan ook een eigen keuze betreffen. De hieraan verbonden uitgaven zijn opgenomen in de begroting. 6 Protocollen en werkinstructies Volgens de kwaliteitscriteria dient de gemeente te handelen op grond van protocollen en werkinstructies (VTH-software) voor de voorbereiding en uitvoering van alle Omgevingswet-taken. De procedurebeschrijvingen en werkinstructies zijn in lijn met de strategie voor vergunningverlening. We hebben protocollen en werkinstructies voor reguliere werkzaamheden op gebied van VTH. Communicatie is een belangrijk hulpmiddel om naleving van wet- en regelgeving te bevorderen. Van goede voorlichting aan burgers en bedrijven gaat een preventieve werking uit. Door de bekendheid met de wet- en regelgeving te vergroten, vermindert het aantal onbewuste overtredingen. Door duidelijk te communiceren over de beleidskaders en de consequenties van strijdig handelen met de wet- en regelgeving wordt meer duidelijk dat de gemeente haar taken serieus neemt. Het spontane naleefgedrag kan hiermee worden vergroot.
Categorie: Mededelingen
De categorie 'mededelingen' is een restcategorie. De inhoud hiervan is sterk wisselend per gemeente en bevat zaken zoals gedoogbesluiten, huisnummerbesluiten, agenda’s en notulen, openingstijden en verkiezingen. Geadviseerd wordt om deze categorie niet zonder additionele zoektermen te gebruiken.

Meer over deze regio
Meer meldingen zoals "Uitvoerings- en handhavingsprogramma 2025-2026 Het Hogeland"

Mededelingen
Voornemen tot verkoop van twee percelen ten behoeve van sanering door de gemeente Eemsdelta

APV
Openstellingsbesluit Subsidieregeling Innovatie Oogst van Groningen

Evenementen
Besluit evenementenvergunning Centrum Winsum

APV
Derde openstellingsbesluit Versneller Innovatieve Ambities provincie Groningen 2025-2026

APV
Subsidieregeling wolfwerende rasters provincie Groningen 2026

APV
Plafondbesluit Subsidieregeling wolfwerende rasters provincie Groningen 2026

Mededelingen
Beleidsregel intrekken omgevingsvergunning Het Hogeland 2026

Omgeving
Ontvangst aanvraag omgevingsvergunning, Hoofdstraat W 37, 9951AA Winsum

Omgeving
Besluit op omgevingsvergunning, Hoofdstraat W 37, 9951AA Winsum

Evenementen
Besluit evenementenvergunning in Winsum

Omgeving
Besluit op omgevingsvergunning, Hoofdstraat W 37, 9951AA Winsum

Omgeving
Ontvangst aanvraag omgevingsvergunning, Trekweg naar Onderdendam 3, 9951TE Winsum

