Verordening Onderzoeken doelmatigheid en doeltreffendheid provincie Flevoland 2026
Locatie
Soort
apv
Gepubliceerd op
2026-07-14
Gepubliceerd door
Provincie Flevoland
Informatie
Verordening Onderzoeken doelmatigheid en doeltreffendheid provincie Flevoland 2026 Hoofdstuk 1 – Algemene bepalingen Artikel 1 – Begripsbepalingen In deze verordening wordt verstaan onder: a.Doelmatigheid: de mate waarin de gewenste prestaties worden gerealiseerd met een zo beperkt mogelijke inzet van middelen, of met de beschikbare middelen zo veel mogelijk resultaat wordt bereikt. b.Doeltreffendheid: de mate waarin de gewenste prestaties en de beoogde maatschappelijke effecten van beleid ook daadwerkelijk worden behaald. c.Onderzoek: het periodieke onderzoek naar de doelmatigheid en doeltreffendheid van door Gedeputeerde Staten gevoerde bestuur. Artikel 2 – Doel van de verordening Deze verordening geeft uitvoering aan artikel 217a van de Provinciewet en is bedoeld om er voor te zorgen dat het provinciale bestuur doelmatig en doeltreffend functioneert. Hoofdstuk 2 – Onderzoek Artikel 3 – Frequentie en reikwijdte Gedeputeerde Staten onderzoeken jaarlijks de doelmatigheid en/of doeltreffendheid van het door hen gevoerde bestuur. Zij doen dit door jaarlijks een opdracht te geven voor een dergelijk onderzoek naar een deel van het gevoerde bestuur. Artikel 4 – Onderzoeksplan 1.Het onderzoek wordt uitgevoerd door of onder verantwoordelijkheid van Gedeputeerde Staten. 2.Gedeputeerde Staten stellen per voorgenomen 217a onderzoek een onderzoeksplan vast.3.Gedeputeerde Staten stellen Provinciale Staten via de gebruikelijke documenten in de P&C-cyclus op de hoogte van het onderzoeksplan. De rekenkamer wordt eveneens geinformeerd. 4.In het onderzoeksplan wordt per onderzoek aangegeven: a.het onderzoeksonderwerp b.de doelstelling, de onderzoeksvraag en eventuele deelvragen; c.de reikwijdte van het onderzoek; d.de onderzoeksmethode; e.de doorlooptijd van het onderzoek; f.de wijze van uitvoering; g.welk budget beschikbaar is gesteld voor de uitvoering van een dergelijk onderzoek. Hoofdstuk 3 – Rapportage en verantwoording Artikel 5 – Rapportage 1.De uitkomsten van een onderzoek worden vastgelegd in een rapportage en indien noodzakelijk voorzien van aanbevelingen voor verbetering.2.Gedeputeerde Staten brengen schriftelijk verslag uit aan Provinciale Staten van de resultaten van het onderzoek en een eventueel plan van verbetering. Dit verslag wordt opgenomen in het Jaarverslag of op vergelijkbare wijze kenbaar gemaakt aan Provinciale Staten. 3.De rekenkamer ontvangt een afschrift van de rapportage. Hoofdstuk 4 – Slotbepalingen Artikel 6 – Evaluatie en intrekking oude regeling 1.Deze verordening wordt ten minste eenmaal per vier jaar geëvalueerd door Provinciale Staten. 2.De “Verordening onderzoeken doelmatigheid en doeltreffendheid provincie Flevoland 2004” wordt ingetrokken. Artikel 7 – Inwerkingtreding Deze verordening treedt in werking op de dag na publicatie in het Provinciaal Blad. Artikel 8 – Citeertitel Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening Onderzoeken doelmatigheid en doeltreffendheid provincie Flevoland 2026. Vastgesteld in de openbare vergadering van Provinciale Staten van 1 juli 2026. de griffier, de voorzitter, Toelichting Deze toelichting geeft uitleg bij de artikelen van de verordening en beschrijft de achterliggende gedachte en het doel van de bepalingen. Artikel 217a van de Provinciewet bepaalt dat Gedeputeerde Staten periodiek onderzoek uitvoeren naar de doelmatigheid en doeltreffendheid van het door hen gevoerde bestuur. Het artikel 217a luidt: 1. Gedeputeerde Staten verrichten periodiek onderzoek naar de doelmatigheid en de doeltreffendheid van het door hen gevoerde bestuur. Provinciale Staten stellen bij verordening regels hierover. 2. Gedeputeerde Staten brengen schriftelijk verslag uit aan Provinciale Staten van de resultaten van het periodiek onderzoek. 3. Gedeputeerde Staten stellen de rekenkamer tijdig op de hoogte van de onderzoeken die zij doen instellen en zenden haar een afschrift van een verslag als bedoeld in het tweede lid. De regels, zoals bedoeld in het eerste lid worden vastgelegd in een verordening 217a onderzoek. Dit artikel is in de Provinciewet opgenomen als gevolg van de invoering van de Wet Dualisering (2003). Deze verordening is voor het eerst in Flevoland vastgesteld in 2004. Ook de rekenkamer van de provincie verricht onderzoek naar de doelmatigheid en doeltreffendheid van provinciaal handelen. Hoewel dit in de praktijk een overlap kan hebben met 217a onderzoek, heeft de rekenkamer doorgaans de kaderstellende en controlerende rol van PS als vertrekpunt van onderzoek, terwijl 217a onderzoek zich eerder richt op bestuur en de uitvoering van beleid zoals dat door GS wordt gevoerd. Anders dan het onderzoek door de rekenkamer (artikel 79a en volgende van de Provinciewet) gaat het bij het onderzoek op grond van artikel 217a van de Provinciewet om zelfonderzoek. Overigens zullen naast doelmatigheid en doeltreffendheid als centrale aspecten ook andere elementen aan bod komen. Om dat goed te onderzoeken wordt een thema of een specifiek deel van beleid als onderwerp gekozen. Artikel 1 – Begripsbepalingen Dit artikel definieert de kernbegrippen die in de verordening worden gebruikt. Het doel is om interpretatieverschillen te voorkomen en duidelijkheid te bieden over de reikwijdte van de bepalingen. Artikel 2 – Doel van de verordening Hier wordt het wettelijke kader benoemd: artikel 217a Provinciewet. De bepaling benadrukt dat de verordening bedoeld is om de kwaliteit van het provinciale bestuur te waarborgen. a.Doelmatigheid: de mate waarin de gewenste prestaties worden gerealiseerd met een zo beperkt mogelijke inzet van middelen of waarbij met de beschikbare middelen zoveel mogelijk resultaat wordt bereikt. b.Doeltreffendheid: de mate waarin de gewenste prestatie en beoogde maatschappelijke effecten van het beleid daadwerkelijk worden behaald. c.Gevoerde bestuur: het gehele conversieproces, waarbij middelen door de provincie via prestaties en producten worden omgezet in effecten. Artikel 3 – Frequentie en reikwijdte Dit artikel legt vast dat er ieder jaar ten minste een onderzoek plaatsvindt. Daartoe is bepaald dat jaarlijks opdracht wordt gegeven voor een dergelijk onderzoek. Deze termijn zorgt ervoor dat dergelijke onderzoeken voortdurend een aandachtspunt zijn voor het college. Ook in andere provincies is een jaarlijks onderzoek gebruikelijk. De focus in de onderzoeken richt zich op doelmatigheid dan wel doeltreffendheid. Centrale vraag is daarbij primair gericht op een efficiënter en effectiever bestuur. Dit biedt ruimte voor brede thematische onderzoeken of een afgebakend inhoudelijk onderwerp. Gedeputeerde Staten bepalen wat wordt onderzocht. Indien gewenst kan daarover afstemming plaatsvinden met een commissie die zich bezighoudt met planning en control, dan wel audit. Artikel 4 – Onderzoeksplan De uitvoering ligt bij Gedeputeerde Staten, die verantwoordelijk zijn voor het dagelijks bestuur. De mogelijkheid om externe deskundigen in te schakelen om het onderzoek uit te voeren waarborgt onafhankelijkheid en kwaliteit. Hiervan wordt dan ook in de regel gebruik gemaakt. Daartoe is een jaarlijks budget in de begroting beschikbaar. Gedeputeerde Staten stellen per 217a onderzoek een onderzoeksplan vast. Vanzelfsprekend willen Provinciale Staten weten wat onderzocht wordt. Daarom worden na vaststelling van het onderzoeksplan Provinciale Staten en eveneens de rekenkamer op de hoogte gesteld. Dit gebeurt via een samenvatting van het onderzoeksplan. Deze informatie wordt opgenomen in de paragraaf Bedrijfsvoering van de Programmabegroting. Zo hebben de staten gelegenheid daarop invloed uit te oefenen. In afwijking daarvan kan worden gekozen om Provinciale Staten op andere wijze schriftelijk op de hoogte te stellen. Het onderzoeksonderwerp wordt dusdanig omschreven dat duidelijk aangegeven is wat de afbakening van het onderzoek is. De reikwijdte van ieder onderzoek heeft in beginsel betrekking op een onderdeel, een thema of deelaspect van het door Gedeputeerde Staten gevoerde bestuur. Het onderzoek kan evaluerend van aard zijn, maar ook is ontwerpend en actiegericht onderzoek denkbaar. Het kan bovendien betrekking hebben op organen, organisatie-eenheden en instellingen waarvoor de provincie bestuurlijk verantwoordelijk is of waarvan de activiteiten door de provincie geheel of in belangrijke mate door de provincie worden bekostigd. De reikwijdte kan worden ingeperkt door het aangeven van het te onderzoeken tijdvak en de te onderzoeken organen, organisatie-eenheden en instellingen. Onderzoeken moeten op onafhankelijke wijze worden uitgevoerd. Dit kan door derden een opdracht te geven voor dit onderzoek. Een andere mogelijkheid is dat een onderzoek wordt uitgevoerd door de ambtelijke organisatie, al of niet met inbreng van deskundigheid van derden. Wanneer medewerkers van de ambtelijke organisatie een onderzoek uitvoeren, dan moeten in de onderzoeksopzet duidelijke waarborgen voor objectiviteit en onafhankelijkheid worden ingebouwd voor de bevindingen, de analyse en/of aanbevelingen voor verbetering. Artikel 5 – Rapportage De rapportage van het onderzoek wordt vastgesteld door Gedeputeerde Staten. Provinciale Staten worden schriftelijk op de hoogte gebracht van de uitkomsten van het uitgevoerde 217a onderzoek. Dit kan in de vorm van een samenvatting of door een afschrift van de rapportage. Dit schriftelijke verslag moet volgens artikel 201, tweede lid, van de Provinciewet bij de jaarrekening en het jaarverslag te worden gevoegd. De informatieplicht zorgt voor transparantie richting Provinciale Staten. In ieder geval wordt verslag uitgebracht via het jaarverslag of op vergelijkbare wijze. Dit kan bijvoorbeeld in de vorm van een Mededeling aan Provinciale Staten. Deze informatie bestaat uit een verslag van het verloop van het onderzoek, de feitelijke bevindingen, een analyse van deze bevindingen, de conclusies en de aanbevelingen. De aanbevelingen worden gemonitord en daarbij kan de doorwerking van de aanbevelingen ook als onderwerp van onderzoek worden opgepakt. Artikel 6 – Evaluatie Door periodieke evaluatie van de verordening blijft zij actueel; ze kan worden aangepast aan nieuwe inzichten of wettelijke verplichtingen. Artikel 7 – Inwerkingtreding De bepaling regelt het moment van inwerkingtreding en sluit aan bij de gebruikelijke publicatie in het Provinciaal Blad. Artikel 8 – Citeertitel De citeertitel maakt het mogelijk om eenvoudig naar de verordening te verwijzen in andere documenten en besluiten.
Categorie: apv
In de categorie 'apv' worden alle apv-vergunningen zichtbaar gemaakt.

Meer over deze regio
Meer meldingen zoals "Verordening Onderzoeken doelmatigheid en doeltreffendheid provincie Flevoland 2026"

apv
Verordening Onderzoeken doelmatigheid en doeltreffendheid provincie Flevoland 2026

mededelingen
Beleidsregels Marginaal en Parttime Ondernemerschap 2026

mededelingen
Lijst van gevallen van provinciaal belang provincie Flevoland

mededelingen
Besluit tot intrekking Subsidieregeling Emotioneel Herstel gedupeerden Kinderopvangtoeslagaffaire

omgeving
Verschillende Kennisgevingen Besluit activiteiten leefomgeving (milieu) op verschillende locaties in Almere

omgeving
Gemeente Almere - verlenen - aanvraag standplaats - vis en aanverwante Visboer Albert 31-08-2026 / 30-08-2028 (Verkoopdagen/tijden) - 1A1 (Centrum Almere Haven), Brink

lokaal nieuws
Voorlopige portefeuilleverdeling college van B&W Almere 2026-2030

lokaal nieuws
Xenevieve wordt vierde kinderburgemeester van Almere 2026-2027

lokaal nieuws
Arbeidsmarktregio Flevoland ontvangt Europese subsidie voor arbeidsmarkttoeleding

mededelingen
Aanwijzingsbesluit cameratoezicht Almere Haven centrum 1 juli 2026

lokaal nieuws
Nul‑emissiezone vanaf 2028, met passende regeling voor ondernemers

verkeer
Verkeersbesluit voor het instellen van een nul-emissiezone voor bedrijfs- en vrachtauto’s in de kernwinkelgebieden van Almere Stad, Almere Haven en Almere Buiten in de gemeente Almere

