Verordening op de heffing en invordering van bedrijveninvesteringszone centrumgebied Huizen e.o 2027

ic_location.svg

Locatie

ic_category.svg

Soort

APV

ic_calendar.svg

Gepubliceerd op

2026-09-23

ic_publisher.svg

Gepubliceerd door

Gemeente Huizen

Informatie

Verordening op de heffing en invordering van bedrijveninvesteringszone centrumgebied Huizen e.o 2027 De raad van de gemeente Huizen; in vergadering bijeen op 15 december 2025 (welke een uitloopavond was van 11 december 2025); gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders d.d. 4 november 2025; gelet op de artikelen 1, eerste, derde en vierde lid, 2, eerste en tweede lid, 3, eerste lid, en 7, eerste en vierde lid, van de Wet op de bedrijveninvesteringszones; gezien de uitvoeringsovereenkomst van 25 november 2025, gesloten met Stichting Ondernemersfonds ‘t Hart van Huizen en het advies van commissie Fysiek Domein; b e s l u i t : vast te stellen: Verordening op de heffing en invordering van bedrijveninvesteringszone centrumgebied Huizen e.o 2027 Artikel 1. Begripsomschrijvingen Deze verordening verstaat onder: -bedrijveninvesteringszone: het bij deze verordening aangewezen gebied in de gemeente waarbinnen de BIZ-bijdrage wordt geheven. Het aangewezen gebied is vermeld op de bij deze verordening behorende en daarvan deel uitmakende kaart; -college: college van burgemeester en wethouders van de gemeente; -uitvoeringsovereenkomst: tussen de gemeente en Stichting Ondernemersfonds ‘t Hart van Huizen op 25 november 2025 gesloten overeenkomst als bedoeld in artikel 7, derde lid, van de wet; -wet: Wet op de bedrijveninvesteringszones. Hoofdstuk II Belastingbepalingen Artikel 2. Belastbar feit en aard van de belasting 1.Onder de naam ‘BIZ-bijdrage’ wordt jaarlijks een directe belasting geheven ter zake van binnen de bedrijveninvesteringszone gelegen onroerende zaken die op grond van artikel 220a Gemeentewet niet in hoofdzaak tot woning dienen.2.De BIZ-bijdrage wordt geheven ter bestrijding van de kosten die zijn verbonden aan activiteiten in de openbare ruimte en op internet, die zijn gericht op het bevorderen van de leefbaarheid of de veiligheid in de bedrijveninvesteringszone of de ruimtelijke kwaliteit of de economische ontwikkeling van de bedrijveninvesteringszone. Artikel 3. Belastingobject Belastingobject is de onroerende zaak bedoeld in artikel 16 van de Wet waardering onroerende zaken. Artikel 4. Belastingplicht 1.De BIZ-bijdrage wordt geheven van de gebruiker, zijnde degene die bij het begin van het kalenderjaar al dan niet krachtens eigendom, bezit, beperkt recht of persoonlijk recht een in de bedrijveninvesteringszone gelegen belastingobject gebruikt; 2.Voor de toepassing van dit artikel wordt: a.gebruik door degene aan wie een deel van een belastingobject in gebruik is gegeven, aangemerkt als gebruik door degene die dat deel in gebruik heeft gegeven; degene die het deel in gebruik heeft gegeven, is bevoegd de BIZ-bijdrage als zodanig te verhalen op degene aan wie dat deel in gebruik is gegeven; b.het ter beschikking stellen van een belastingobject voor volgtijdig gebruik aangemerkt als gebruik door degene die dat belastingobject ter beschikking heeft gesteld; degene die het belastingobject ter beschikking heeft gesteld is bevoegd de BIZ-bijdrage als zodanig te verhalen op degene aan wie dat belastingobject ter beschikking is gesteld; 3.Indien een belastingobject bij het begin van het kalenderjaar geen gebruiker kent, wordt de van de gebruiker te heffen BIZ-bijdrage geheven van de eigenaar. Voor de toepassing van de vorige volzin wordt als eigenaar aangemerkt degene die bij het begin van het kalenderjaar als zodanig in de basisregistratie kadaster is vermeld, tenzij blijkt dat hij op dat tijdstip geen genothebbende krachtens eigendom, bezit of beperkt recht is. Artikel 5. Maatstaf van heffing 1.De BIZ-bijdrage wordt geheven naar een percentage van de op de voet van hoofdstuk IV van de Wet waardering onroerende zaken voor het belastingobject vastgestelde waarde voor het kalenderjaar 2026 (waardepeildatum 1 januari 2025).2.Indien met betrekking tot het belastingobject geen waarde is vastgesteld op de voet van hoofdstuk IV van de Wet waardering onroerende zaken wordt de heffingsmaatstaf van dat belastingobject bepaald met toepassing van artikel 6, alsmede met overeenkomstige toepassing van het bepaalde bij of krachtens de artikelen 17, 18 en 20, tweede lid, van de Wet waardering onroerende zaken. Artikel 6. Vrijstellingen 1.In afwijking in zoverre van artikel 5 wordt bij de bepaling van de heffingsmaatstaf buiten aanmerking gelaten, voor zover dit niet al is gebeurd bij de bepaling van de in dat artikel bedoelde waarde, de waarde van: a.voor de land- of bosbouw bedrijfsmatig geëxploiteerde cultuurgrond, daaronder mede begrepen de open grond, alsmede de ondergrond van glasopstanden, die bedrijfsmatig aangewend wordt voor de kweek of teelt van gewassen, zonder daarbij de ondergrond als voedingsbodem te gebruiken; b.glasopstanden, die bedrijfsmatig worden aangewend voor de kweek of teelt van gewassen, voor zover de ondergrond daarvan bestaat uit de in onderdeel a bedoelde grond; c.onroerende zaken die in hoofdzaak zijn bestemd voor de openbare eredienst of voor het houden van openbare bezinningssamenkomsten van levensbeschouwelijke aard, een en ander met uitzondering van delen van zodanige onroerende zaken die dienen als woning; d.één of meer onroerende zaken die deel uitmaken van een op de voet van de Natuurschoonwet 1928 aangewezen landgoed dat voldoet aan de voorwaarden genoemd in artikel 8 van het Rangschikkingsbesluit Natuurschoonwet 1928 , met uitzondering van de daarop voorkomende gebouwde eigendommen; e.natuurterreinen, waaronder mede worden verstaan duinen, heidevelden, zandverstuivingen, moerassen en plassen, die door rechtspersonen met volledige rechtsbevoegdheid welke zich uitsluitend of nagenoeg uitsluitend het behoud van natuurschoon ten doel stellen, beheerd worden; f.openbare land- en waterwegen en banen voor openbaar vervoer per rail, een en ander met inbegrip van kunstwerken; g.waterverdedigings- en waterbeheersingswerken die worden beheerd door organen, instellingen of diensten van publiekrechtelijke rechtspersonen, met uitzondering van de delen van zodanige werken die dienen als woning; h.werken die zijn bestemd voor de zuivering van riool- en ander afvalwater en die worden beheerd door organen, instellingen of diensten van publiekrechtelijke rechtspersonen, met uitzondering van de delen van zodanige werken die dienen als woning; i.werktuigen die van een onroerende zaak kunnen worden afgescheiden zonder dat beschadiging van betekenis aan die werktuigen wordt toegebracht en die niet op zichzelf als gebouwde eigendommen zijn aan te merken; j.belastingobjecten voor zover die bestemd en in gebruik zijn voor de publieke dienst van de gemeente; k.straatmeubilair, waaronder begrepen alle zodanige gebouwde eigendommen - niet zijnde gebouwen - welke zijn geplaatst voor het belang van het publiek, ten dienste van het verkeer of ter verfraaiing van de gemeente, zoals lichtmasten, verkeersinstallaties, standbeelden, monumenten, fonteinen, banken, abri's, hekken en palen; l.plantsoenen, parken en waterpartijen, die bij de gemeente in beheer zijn of waarvan de gemeente het genot heeft krachtens eigendom, bezit of beperkt recht, met uitzondering van delen van zodanige onroerende zaken die dienen als woning; m.begraafplaatsen, urnentuinen en crematoria, met uitzondering van delen van zodanige onroerende zaken die dienen als woning; n.onroerende zaken voor zover die bestemd zijn te worden gebruikt voor de publieke dienst van de gemeente, en onroerende zaken die bestemd zijn te worden gebruikt voor het geven van onderwijs, dienstencentra, en hiermee gelijk te stellen instellingen zonder direct commercieel belang. 2.In afwijking in zoverre van artikel 5 wordt bij de bepaling van de heffingsmaatstaf voor de BIZ-bijdrage van de gebruiker buiten aanmerking gelaten de waarde van gedeelten van het belastingobject die in hoofdzaak tot woning dienen dan wel in hoofdzaak dienstbaar zijn aan woondoeleinden. Artikel 7. Tarief BIZ-bijdrage Het tarief van de BIZ-bijdrage bedraagt voor: a.een belastingobject gelegen binnen ring A: voor het kalenderjaar: 2027 2028 2029 2030 2031 - een percentage als bedoeld in artikel 5, lid 1 van 0,3423 0,3492 0,3561 0,3633 0,3705 met een minimumbedrag van € 551,- € 562,- € 573,- € 584,- € 596,- en een maximumbedrag van €1.642,- €1.675,- €1.709,- €1.743,- €1.778,- b.een belastingobject gelegen binnen ring B: voor het kalenderjaar: 2027 2028 2029 2030 2031 - een percentage als bedoeld in artikel 5, lid 1 van 0,2318 0,2365 0,2412 0,2460 0,2510 met een minimumbedrag van € 361,- € 368,- € 375,- € 383,- € 391,- en een maximumbedrag van € 726,- € 741,- € 756,- € 771,- € 786,- Artikel 8. Wijze van heffing De BIZ-bijdrage wordt jaarlijks bij wege van aanslag geheven. Artikel 9. Termijnen van betaling 1.In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 worden de aanslagen betaald binnen twee maanden na de dagtekening van het aanslagbiljet.2.De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste lid gestelde termijnen. Artikel 10. Looptijd belastingheffing De BIZ-bijdrage wordt ingesteld voor een periode van 5 jaar. Artikel 11. Nadere regels door het college Het college kan nadere regels stellen met betrekking tot de heffing en de invordering van de BIZ-bijdrage. Hoofdstuk III Subsidiebepalingen Artikel 12. Buiten toepassing algemene subsidieverordening Op de subsidie bedoeld in artikel 16 is de Algemene subsidieverordening 2025 niet van toepassing. Artikel 13. Aanwijzing stichting Stichting Ondernemersfonds “t Hart van Huizen wordt aangewezen als de stichting bedoeld in artikel 7 van de wet, waarmee een overeenkomst als bedoeld in artikel 4:36 van de Algemene wet bestuursrecht is gesloten, waarin is bepaald dat de activiteiten waarvoor de subsidie wordt verstrekt verplicht moeten worden verricht. Artikel 14. Subsidieverlening 1.De subsidie wordt betaald in twee termijnen namelijk vóór 1 juli en 1 december van elk jaar waarin de BIZ-bijdrage wordt geheven. Waarbij de datum 1 december bezien moet worden als een nabetaling van nog ingekomen belastinggelden en variabele kosten e.e.a. conform de Uitvoeringsovereenkomst.2.De subsidie bedraagt maximaal het bedrag van de jaarlijks te ontvangen BIZ-bijdragen, nadat daarop de perceptiekosten voor de heffing en invordering van de BIZ-bijdragen in mindering zijn gebracht. Artikel 15. Subsidieverplichtingen De B Naast de in artikel 4:37 van de Algemene wet bestuursrecht genoemde verplichtingen kunnen aan de stichting ook andere doelgebonden verplichtingen worden opgelegd. Deze verplichtingen zijn opgenomen in de met de stichting gesloten uitvoeringsovereenkomst. Artikel 16. Subsidievaststelling 1.De subsidie voor de uitvoering van de activiteiten die zijn opgenomen in de uitvoeringsovereenkomst wordt verstrekt aan de in artikel 13 aangewezen stichting.2.De stichting is verplicht om binnen 5 maanden na afloop van het subsidiejaar de in de uitvoeringsovereenkomst opgenomen stukken te overleggen. Artikel 17. Melding van relevante wijzigingen De stichting stelt het college zo spoedig mogelijk schriftelijk op de hoogte van: -meer dan ondergeschikte veranderingen in haar financiële situatie, -een wijziging van de statuten, -verandering of beëindiging van activiteiten. Hoofdstuk IV Slotbepalingen Artikel 18. Intrekken oude verordening en overgangsrecht De “Verordening bedrijveninvesteringszone centrumgebied Huizen e.o. 2022” wordt ingetrokken op de datum van ingang van de heffing, bedoeld in artikel 19, tweede lid, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan. Artikel 19. Inwerkingtreding 1.Deze verordening treedt in werking met ingang van de derde dag nadat het college heeft bekendgemaakt dat van voldoende steun als bedoeld in artikel 4 van de wet is gebleken.2.De datum van ingang van heffing is 1 januari 2027. Artikel 20. Citeertitel Deze verordening wordt aangehaald als: ‘bedrijveninvesteringszone centrumgebied Huizen e.o. 2027’. Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 15 december 2025, welke een uitloop was van 11 december 2025. De griffier, De voorzitter, Bijlage 1 BIZ gebied 2027-2031

Categorie: APV

In de categorie 'apv' worden alle apv-vergunningen zichtbaar gemaakt.

Meer meldingen zoals "Verordening op de heffing en invordering van bedrijveninvesteringszone centrumgebied Huizen e.o 2027"

APV

APV

Verordening op de heffing en invordering van bedrijveninvesteringszone centrumgebied Huizen e.o 2027

APV

APV

Besluit van gedeputeerde staten van Utrecht van 10 december 2024, nr. UTSP-390784346-831, houdende nadere regels op grond van de Algemene subsidieverordening provincie Utrecht 2022 (Subsidieregeling Bereikbaarheid 2025-2029 provincie Utrecht)

APV

APV

Besluit van Gedeputeerde Staten van Utrecht van 12 mei 2026 UTSP-2075818508-9967 houdende nadere regels op grond van de Algemene subsidieverordening provincie Utrecht 2022 (Subsidieregeling Klimaatmitigatie en Circulaire samenleving provincie Utrecht...

Mededelingen

Mededelingen

Beleidsregels van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Eemnes voor de gemeentelijke rangschikking van aanvragen voor transportcapaciteit voor onderwijs- en woningbouwprojecten 2026 (Gewijzigde beleidsregels gemeentelijke...

Mededelingen

Mededelingen

Beleidsregels van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Blaricum voor de gemeentelijke rangschikking van aanvragen voor transportcapaciteit voor onderwijs- en woningbouwprojecten 2026 (Beleidsregels gemeentelijke prioritering...

APV

APV

Financiële Verordening Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied 2025

Mededelingen

Mededelingen

Algemene voorwaarden en tarieven gemeentelijke jachthavens gemeente Huizen 2026-2027– particuliere vaart

Mededelingen

Mededelingen

Algemene voorwaarden en tarieven cruise- en werkhaven gemeente Huizen van 1-1-2027 t/m 31-12-2027 (zakelijke vaart)

Omgeving

Omgeving

Aanvraag vergunning voor het plaatsen van 1 dakkapel aan de voorzijde en 1 dakkapel aan de achterzijde op de locatie Koggewagen 13, 1261KA te Blaricum, ingekomen 15 september 2026 (zaaknummer OMG 2026-0445)

Omgeving

Omgeving

Toestemming voor het uitbreiden van de woning, het vervangen van kozijnen en het vervangen van dakkapellen voor dakramen op de locatie de Maten 7, 1261SB te Blaricum (zaaknummer OMG 2026-0354)

Omgeving

Omgeving

Toestemming voor het aanleggen van een inrit op de locatie Booket 32, 1261LS te Blaricum (zaaknummer OMG 2026-0240)

Bestemmingsplan

Bestemmingsplan

Natura 2000-beheerplan Naardermeer 2026-2032