Verordening rechtspositie raads- en commissieleden gemeente Heemskerk 2026
Locatie
Soort
APV
Gepubliceerd op
2026-10-15
Gepubliceerd door
Gemeente Heemskerk
Informatie
Verordening rechtspositie raads- en commissieleden gemeente Heemskerk 2026 Wettelijke grondslag: De raad van de gemeente Heemskerk; Gelezen het advies van het presidium van 17 augustus 2026 en de commissie BFE van 1 september 2026; Gelet op de artikelen 95, eerste en tweede lid, 96, eerste en tweede lid, en 97, 98, 99 van de Gemeentewet en de artikelen 3.1.1, vijfde lid, 3.1.3, eerste lid, 3.1.4, eerste lid, 3.1.4a, eerste lid, 3.1.8, eerste lid, 3.1.9, eerste lid, 3.3.2, 3.3.3, tweede lid, 3.4.1, eerste lid, 3.4.2 en 3.3.8 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers; Besluit vast te stellen de: Verordening rechtspositie raadsleden en commissieleden gemeente Heemskerk 2026 Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen Artikel 1 Definitiebepalingen In deze verordening wordt verstaan onder: A.Commissie: commissie ingesteld op grond van de artikelen 82, 83 of 84 van de Gemeentewet; B.Commissielid: lid van een commissie als bedoeld in de artikelen 82, 83 en 84 van de Gemeentewet, dat niet tevens raadslid is of ambtenaar die als zodanig tot lid van een commissie is benoemd; C.Griffier: de griffier, bedoeld in artikel 107 van de Gemeentewet; D.Raadslid: lid van de gemeenteraad. Artikel 2 Vergoeding voor de werkzaamheden van raadsleden Van de vergoeding voor de werkzaamheden, bedoeld in artikel 3.1.1, eerste lid, van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers, wordt 10% uitgekeerd op basis van het aantal bijgewoonde raadsvergaderingen ten opzichte van het aantal gehouden vergaderingen. Artikel 3 Toelage raadslid onderzoekscommissie [en bijzondere commissie] 1.Een raadslid dat lid is van een onderzoekscommissie als bedoeld in artikel 155a, derde lid, van de Gemeentewet ontvangt een maandelijkse toelage van € 153,33 zolang de commissie actief is. De toelage is per jaar maximaal driemaal de maandelijkse vergoeding voor de werkzaamheden, bedoeld in artikel 3.1.1, eerste lid, van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers.2.Een raadslid dat lid is van een bijzondere commissie als bedoeld in artikel 3.1.4, eerste lid, van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers ontvangt een maandelijkse toelage van maximaal het bedrag genoemd in artikel 3.1.4, eerste lid, zolang de commissie actief is. Artikel 4 Verhoging vergoeding commissieleden (niet-raadsleden) voor het bijwonen van commissievergaderingen i.v.m. bijzondere deskundigheid of zwaarte taak 1.Een commissielid krijgt een verhoogde vergoeding van 0% boven op de vergoeding van artikel 3.4.1, eerste lid, van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers, als het commissielid op grond van zijn bijzondere beroepsmatige deskundigheid deelneemt aan de commissie.2.Een commissielid krijgt een verhoogde vergoeding van 0% bovenop de vergoeding van artikel 3.4.1, eerste lid, van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers, als de vergoeding van artikel 3.4.1, eerste lid, niet redelijk wordt geacht ten opzichte van de zwaarte van zijn taak en/of de omvang van de werkzaamheden. Artikel 5 Niet-partijpolitiek georiënteerde scholing raads- en commissieleden 1.Een raads- of commissielid dat een vergoeding wil ontvangen in verband met het deelnemen aan niet-partijpolitiek georiënteerde scholing voor de uitvoering van zijn functie, als bedoeld in artikel 3.3.3 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers, dient daarvoor vooraf een gemotiveerd verzoek in bij het presidium via de griffier.2.Bij dit verzoek worden documenten met de benodigde inhoudelijke informatie meegestuurd. Ook wordt een kostenspecificatie meegestuurd waaruit blijkt dat de prijs-kwaliteitverhouding van de desbetreffende scholing redelijk is, en dat de kosten ervan niet al op een andere basis kunnen worden betaald. Artikel 6 Informatie- en communicatievoorzieningen raads- en commissieleden 1.Een raads- of commissielid tekent een bruikleenovereenkomst wanneer hem ten laste van de gemeente voor de duur van de uitoefening van zijn functie informatie- en communicatievoorzieningen ter beschikking worden gesteld als bedoeld in artikel 3.3.2 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers. Het college stelt het model van de bruikleenovereenkomst vast.2.Het raads- of commissielid levert binnen twee maanden na beëindiging van zijn functie de ter beschikking gestelde informatie- en communicatievoorzieningen in bij de gemeente.3.Overname van de informatie- en communicatievoorzieningen na schoning is mogelijk tegen vergoeding van de resterende waarde van de voorzieningen in het economisch verkeer. Artikel 7 Aanwijzing als eindheffingsbestanddeel 1.Als eindheffingsbestanddeel als bedoeld in artikel 31, eerste lid, onderdeel f, van de Wet op de loonbelasting 1964 worden aangewezen de vergoedingen, tegemoetkomingen en verstrekkingen, genoemd in artikel 3.3.8 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers.2.Als eindheffingsbestanddeel als bedoeld in artikel 31, eerste lid, onderdeel f, van de Wet op de loonbelasting 1964 worden verder aangewezen de vergoedingen, tegemoetkomingen en verstrekkingen, genoemd in deze verordening, voor zover deze worden gerekend tot een vergoeding, tegemoetkoming of verstrekking als bedoeld in artikel 31a, tweede lid, onderdelen a tot en met h, van de Wet op de loonbelasting 1964. Artikel 8 Betaling vaste vergoedingen commissieleden De betaling van de vergoeding van commissieleden, bedoeld in artikel 3.4.1 het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers vindt maandelijks plaats met inachtneming van een vergoeding per bijgewoonde vergadering, tenzij het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers of de Regeling rechtspositie decentrale politieke ambtsdragers anders bepalen. Artikel 9 Betaling en declaratie van onkosten 1.Tenzij het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers of de Rechtspositieregeling decentrale politieke ambtsdragers anders bepalen, vindt de betaling van kosten die op grond van deze verordening voor vergoeding of tegemoetkoming in aanmerking komen plaats door: a.betaling uit gemeentelijke middelen, op basis van een rechtstreeks aan de gemeente toegezonden factuur; b.betaling vooruit uit eigen middelen; of c.betaling ten laste van de gemeentelijke creditcard. 2.Een verzoek om een vergoeding van de onkosten als bedoeld in dit artikel gaat vergezeld van een declaratieformulier en bewijsstukken. Het vereiste om bewijsstukken te overleggen geldt niet wanneer de vergoeding een forfaitair bedrag betreft.3.Het declaratieformulier en de bewijsstukken worden binnen twee maanden na factuurdatum of betaling door raads- of commissieleden ingediend bij de griffier en beoordeeld door de griffier.4.Voor zover van toepassing draagt de gemeente er zorg voor dat de betaling aan raads- of commissieleden binnen 30 dagen na het indienen van de aanvraag wordt overgemaakt. Artikel 10 Titel en inwerkingtreding 1.Deze verordening wordt aangehaald als Verordening rechtspositie raads- en commissieleden gemeente Heemskerk 2026 en treedt in werking met ingang van de dag na datum van publicatie van het Gemeenteblad waarin deze regeling wordt geplaatst. 2.De Verordening rechtspositie raads- en commissieleden, zoals vastgesteld in de openbare vergadering van de gemeenteraad van Heemskerk van 28 november 2019, wordt ingetrokken met ingang van de datum van inwerkingtreding van deze verordening. Artikel 11 Overgangsbepalingen 1.De rechten en verplichtingen die zijn ontstaan onder de Verordening rechtspositie raads- en commissieleden, zoals vastgesteld op 28 november 2019, blijven van toepassing op aanspraken die zijn ontstaan vóór 1 april 2026.2.De bepalingen van deze verordening zijn van toepassing op aanspraken die zijn ontstaan met ingang van 1 april 2026, zijnde de datum van aanvang van de raadsperiode 2026–2030. Aldus vastgesteld door de raad van de gemeente Heemskerk in zijn openbare vergadering van 24 september 2026; de raad voornoemd, de griffier, de voorzitter, Toelichting op de Verordening rechtspositie raads- en commissieleden gemeente Heemskerk 2026 Artikel 2 — Vergoeding voor de werkzaamheden van raadsleden (presentiegeld) Op grond van artikel 3.1.1, zesde lid, van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers kan de raad bij verordening bepalen dat een deel van de maandelijkse raadsvergoeding wordt uitbetaald als presentiegeld, op basis van het aantal bijgewoonde raadsvergaderingen ten opzichte van het totaal aantal gehouden vergaderingen. Het gaat niet om een extra vergoeding, maar om een verdeling van de bestaande vergoeding. Het presidium heeft op 17 augustus 2026 besloten dit artikel toe te passen met een percentage van 10%. Dit betekent dat 90% van de maandelijkse raadsvergoeding op vaste basis wordt uitbetaald en 10% naar rato van aanwezigheid bij raadsvergaderingen. De regeling geldt objectief en zonder uitzonderingen voor alle raadsleden — ook bij afwezigheid wegens ziekte. Uitgangspunt is dat aanwezigheid bij raadsvergaderingen behoort tot de professionele verantwoordelijkheid van een raadslid. Artikel 3 — Toelage raadslid onderzoekscommissie Dit artikel regelt de toelage voor raadsleden die lid zijn van een onderzoekscommissie (artikel 155a Gemeentewet) of een bijzondere commissie (artikel 3.1.4 Rechtspositiebesluit). De hoogte van de toelage is gekoppeld aan het Rechtspositiebesluit, zodat de verordening automatisch meebeweegt bij indexatie. De voorzitterstoelage is op verzoek van het presidium niet opgenomen. Artikel 4 — Verhoging vergoeding commissieleden (niet-raadsleden) Dit artikel biedt de mogelijkheid om de vergoeding voor commissieleden die geen raadslid zijn te verhogen met een percentage (0–20%), in geval van bijzondere beroepsmatige deskundigheid of een zwaardere taaklast. De VNG heeft dit artikel aangemerkt als niet-facultatief: het moet in de verordening staan, maar het in te vullen percentage is een vrije keuze van de raad. Het presidium heeft op 17 augustus 2026 besloten het percentage vast te stellen op 0%. Dit betekent dat er in de praktijk geen verhoogde vergoeding wordt toegekend. De reden is dat een dergelijke regeling als moeilijk uitvoerbaar wordt beschouwd. Het artikel blijft opgenomen in de verordening conform het VNG-model. Artikel 11 — Overgangsbepalingen De verordening treedt formeel in werking op de dag na bekendmaking in het Gemeenteblad. De raadsperiode 2026–2030 is echter aangevangen op 1 april 2026. Om te voorkomen dat raads- en commissieleden over de periode april–september 2026 in een rechtspositierechtelijk vacuüm verkeren, regelt artikel 11 dat de nieuwe verordening materieel van toepassing is op aanspraken die zijn ontstaan met ingang van 1 april 2026. Aanspraken die zijn ontstaan vóór die datum blijven vallen onder de verordening uit 2019. Terugwerkende kracht van regelgeving is in het algemeen alleen gerechtvaardigd in bijzondere omstandigheden. In dit geval is de terugwerkende kracht beperkt tot de overbruggingsperiode en vloeit voort uit de logica van de nieuwe raadsperiode. De aanspraken die over deze periode zijn gemaakt zijn inhoudelijk identiek aan die onder de oude verordening, zodat er geen nadeel ontstaat voor de betrokkenen.
Categorie: APV
In de categorie 'apv' worden alle apv-vergunningen zichtbaar gemaakt.

Meer over deze regio

Meer meldingen zoals "Verordening rechtspositie raads- en commissieleden gemeente Heemskerk 2026"

Mededelingen
Rectificatie publicaties kennisgevingen gemeente Beverwijk

APV
Verordening rechtspositie raads- en commissieleden gemeente Heemskerk 2026

Mededelingen
Beleidsregel van Gedeputeerde Staten van de provincie Noord-Holland van 6 september 2016 houdende regels omtrent natuur (Beleidsregel natuurbescherming Noord-Holland)

Mededelingen
Beleidsplan aanpak mensenhandel

Mededelingen
Leidraad invordering waterschapsbelastingen HHNK 2026

APV
Openstellingsbesluit Natuur Noord-Holland 2027

Mededelingen
Natuurbeheerplan 2027

Mededelingen
Aanwijzingsbesluit Klachtencoördinator

Mededelingen
Reglement van orde gemeenteraad Heemskerk 2026

APV
Verordening op de raadscommissies gemeente Heemskerk 2026

Bestemmingsplan
Kennisgeving ontwerp wijziging werkingsgebieden en bijlagen Omgevingsverordening NH2022 2026-II

APV
Verordening op de werkgeverscommissie gemeente Heemskerk 2026

