Besluit van provinciale staten van Utrecht van 20 september 2023, nr. UTSP-4437239-3551, tot vaststelling van de Verordening Europese Landbouwsubsidies 2023-2027 (Verordening Europese Landbouwsubsidies 2023-2027 provincie Utrecht)

ic_location.svg

Locatie

ic_category.svg

Soort

APV

ic_calendar.svg

Gepubliceerd op

2026-11-02

ic_publisher.svg

Gepubliceerd door

Provincie Utrecht

Informatie

Besluit van Gedeputeerde Staten van Utrecht van 27 oktober 2026, nr. UTSP-4437239-7192, tot wijziging van de Verordening Europese Landbouwsubsidies 2023-2027 provincie Utrecht, nr. UTSP-4437239-3551 Gedeputeerde Staten van Utrecht; Gelet op artikel 123, vierde lid, van de EU-verordening 2021/2115 en de artikelen 2 en 3 van de Regeling uitvoering NSP GLB 2023-2027; Gelet op de artikelen 145 en 152 van de Provinciewet; Overwegende dat: •met ingang van 20 november 2023 de Verordening Europese Landbouwsubsidies 2023-2027 provincie Utrecht van kracht is geworden; •het wenselijk is de Verordening Europese Landbouwsubsidies 2023-2027 provincie Utrecht te wijzigen in verband met enkele technische wijzigingen; Besluiten vast te stellen de volgende regeling: Artikel I Wijziging regeling Europese Landbouwsubsidies 2023-2027 provincie Utrecht De Verordening Europese Landbouwsubsidies 2023-2027 provincie Utrecht wordt als volgt gewijzigd: A In artikel 1.1 worden in de alfabetische de volgende begripsbepalingen ingevoegd: agrarisch collectief: vereniging met volledige rechtsbevoegdheid bestaande uit landbouwers en andere grondgebruikers van landbouwgrond; landbouworganisatie: organisatie in de agrarische sector die aantoonbaar zowel de economische als de sociale belangen van de ondernemers in de agrarische sector behartigt; B Artikel 1.14 komt te luiden: Artikel 1.14 Beslistermijn Gedeputeerde Staten beslissen: 1.binnen 22 weken na ontvangst van de aanvraag bij de verdelingswijze op volgorde van binnenkomst van de aanvragen; 2.binnen 22 weken na afloop van de periode waarbinnen de aanvraag ontvangen moet zijn bij de verdelingswijze op volgorde van rangschikking van de aanvragen. C Artikel 2.1.3 komt te luiden: Artikel 2.1.3 Aanvrager Subsidie kan worden verstrekt aan: 1.een landbouwer; 2.een samenwerkingsverband van landbouwers; 3.een agrarisch collectief ten behoeve van landbouwers die eindbegunstigde zijn; of 4.een landbouworganisatie ten behoeve van landbouwers die eindbegunstigde zijn. D Artikel 2.1.4 komt te luiden: Artikel 2.1.4 Aanvraagvereisten In aanvulling op artikel 1.6 bevat de aanvraag: 1.een erkend certificaat of kwaliteitskeurmerk waaruit de biologische bedrijfsvoering blijkt, als deze wordt ingediend door een landbouwer met een biologische bedrijfsvoering; 2.het inschrijfnummer en documentatie van een certificerende instantie ter onderbouwing dat de bedrijfsomschakeling is gestart, als deze wordt ingediend door een landbouwer die in omschakeling is naar biologische landbouw; 3.voor elke eindbegunstigde de gegevens bedoeld in artikel 1.6, eerste lid, onder c, als deze wordt ingediend door een agrarisch collectief of een landbouworganisatie. E Artikel 2.1.6 wordt als volgt gewijzigd: 1.Onder verlettering van de onderdelen b en c tot d tot c en d wordt een onderdeel ingevoegd, luidende: b.kunnen Gedeputeerde Staten een apart subsidieplafond vaststellen voor agrarisch collectieven of landbouworganisaties; 2.In onderdeel d (nieuw) wordt ‘bepalen Gedeputeerde Staten’ vervangen door ‘kunnen Gedeputeerde Staten bepalen’. F Artikel 2.2.3 komt te luiden: Artikel 2.2.3 Aanvrager Subsidie kan worden verstrekt aan: 1.een landbouwer; 2.een samenwerkingsverband van landbouwers; 3.een agrarisch collectief ten behoeve van landbouwers die eindbegunstigde zijn; of 4.een landbouworganisatie ten behoeve van landbouwers die eindbegunstigde zijn. G Artikel 2.2.4 komt te luiden: Artikel 2.2.4 Aanvraagvereisten In aanvulling op artikel 1.6 bevat de aanvraag: 1.een erkend certificaat of kwaliteitskeurmerk waaruit de biologische bedrijfsvoering blijkt, als deze wordt ingediend door een landbouwer met een biologische bedrijfsvoering, 2.het inschrijfnummer en documentatie van een certificerende instantie ter onderbouwing dat de bedrijfsomschakeling is gestart, als deze wordt ingediend door een landbouwer die in omschakeling is naar biologische landbouw; 3.voor elke eindbegunstigde de gegevens bedoeld in artikel 1.6, eerste lid, onder c, als deze wordt ingediend door een agrarisch collectief of een landbouworganisatie. H Artikel 2.2.6 wordt als volgt gewijzigd: 1.Onder verlettering van de onderdelen b en c tot d tot c en d wordt een onderdeel ingevoegd, luidende: b.kunnen Gedeputeerde Staten een apart subsidieplafond vaststellen voor agrarisch collectieven of landbouworganisaties; 2.In onderdeel d (nieuw) wordt ‘bepalen Gedeputeerde Staten’ vervangen door ‘kunnen Gedeputeerde Staten bepalen’. I Artikel 2.3.2 wordt als volgt gewijzigd: 1.In onderdeel a vervalt ‘, te weten een vereniging met volledige rechtsbevoegdheid bestaande uit landbouwers en andere grondgebruikers van landbouwgrond’. 2.In onderdeel c vervalt ‘, te weten een organisatie in de agrarische sector die aantoonbaar zowel de economische als de sociale belangen van de ondernemers in de agrarische sector behartigt’. J Artikel 2.5.8 komt te luiden: Artikel 2.5.8 Weigeringsgronden Onverminderd artikel 1.5 wordt subsidie geweigerd indien de aanvraag wordt gedaan door een reeds bestaand samenwerkingsverband, tenzij het innovatieve samenwerkingsproject waarvoor subsidie wordt aangevraagd nieuw is voor het reeds bestaande samenwerkingsverband. K Artikel 2.6.4, eerste lid, komt te luiden: 1.Een samenwerkingsverband als bedoeld in artikel 2.6.3, tweede lid, bestaat ten minste uit twee actoren waarvan ten minste één: a.landbouwer; b.agrarisch collectief; c.landbouworganisatie; of d.gebiedsspecifieke stichting die landbouwers vertegenwoordigt. L Artikel 2.7.8 komt te luiden: Artikel 2.7.8 Selectie van aanvragen en verdeling van het subsidieplafond In afwijking van artikel 1.12 vindt selectie van activiteiten die voor subsidie in aanmerking komen en verdeling van het subsidieplafond plaats door de LAG, op basis van selectiecriteria als opgenomen in de door Gedeputeerde Staten goedgekeurde LOS. Artikel II Inwerkingtreding Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Provinciaal Blad waarin zij wordt geplaatst. Aldus vastgesteld in de vergadering van Gedeputeerde Staten van Utrecht van 27 oktober 2026. Gedeputeerde Staten Utrecht, voorzitter, mr. J.H. Oosters secretaris,mr. drs. A.G. Knol-van Leeuwen Toelichting Onderdelen A en I Artikelen 1.1, 2.3.2 De termen ‘agrarisch collectief’ en ‘landbouworganisatie’ zijn toegevoegd aan paragrafen 1 en 2. Daarom zijn deze termen toegevoegd aan de begripsbepalingen. In artikel 2.3.2 is gelet hierop de omschrijving van deze begrippen geschrapt. Onderdeel B Artikel 1.14 Dit artikel bepaalde eerder dat Gedeputeerde Staten binnen 22 weken na de aanvraagperiode beslissen. De aanpassing zorgt ervoor dat een aanvrager niet te lang hoeft te wachten op een beslissing bij een lange aanvraagperiode. Onderdelen C en F Artikelen 2.1.3 en 2.2.3 2.1.3, 2.2.3: uitbreiding aanvragers Artikelen 2.1.3 en 2.2.3 zijn aangepast, waardoor nu ook agrarische collectieven en landbouworganisaties subsidie kunnen aanvragen. Eerder gold dit alleen voor (jonge) landbouwers en samenwerkingsverbanden van (jonge) landbouwers. De aanpassing vergroot de toepasbaarheid van de paragraaf. Hierbij geldt dat een collectieve aanvraag leidt tot vermindering van administratieve last voor de (eind)begunstigde. Voor sommige productieve investeringen, zoals EC- of debietmeters, is vanwege het lage eenheidsbedrag per investering een collectieve aanvraag een oplossing. Een agrarisch collectief of landbouworganisatie kan de investeringen collectief aanvragen, zodat één grote aanvraag ontstaat. Het collectief of de landbouworganisatie draagt vervolgens zorg voor de verdeling van de aangeschafte productieve investeringen onder de deelnemende landbouwers. Onderdelen D en G Artikelen 2.1.4 en 2.2.4 Als een agrarisch collectief of een landbouworganisatie aanvraagt, geldt dat de eindbegunstigde een (jonge) landbouwer moet zijn. Om dit te waarborgen, is in artikelen 2.1.4 en 2.2.4, telkens onderdeel c, een aanvraagvereiste opgenomen. Dit houdt in dat voor elke (jonge) landbouwer die als eindbegunstigde geldt, de aanvrager het btw- of fiscaal identificatienummer overlegt en, indien van toepassing, de naam van de moedermaatschappij of iedere dochteronderneming met het daarbij behorende btw- of fiscaal identificatienummer. Dit vereiste waarborgt dat de steun uiteindelijk bij landbouwers terecht komt. Onderdelen E en H Artikelen 2.1.6 en 2.2.6 Aan deze artikelen is in onderdeel b de mogelijkheid toegevoegd een apart subsidieplafond vast te stellen voor agrarisch collectieven of landbouworganisaties. Dit geeft Gedeputeerde Staten meer mogelijkheden tot maatwerk. In onderdeel d is verduidelijkt dat Gedeputeerde Staten een bevoegdheid hebben, het gaat niet om een verplichting. Onderdeel J Artikel 2.5.8 Het project dient innovatief te zijn, waarbij de innovativiteit kan bestaan uit nieuwe praktijken of uit bestaande praktijken in een nieuwe milieu- of geografische context. Een project komt niet voor subsidie in aanmerking als de aanvraag wordt gedaan door een reeds bestaand samenwerkingsverband. Deze weigeringsgrond geldt niet als het innovatieve samenwerkingsproject een nieuwe activiteit is voor het samenwerkingsverband. Het is daarnaast mogelijk dat hetzelfde samenwerkingsverband meer dan één keer voor subsidie in aanmerking komt, als het project nieuw is ten opzichte van eerdere gesubsidieerde projecten. Hierbij is het van belang dat een aanvrager goed uitwerkt dat het project zich in voldoende mate onderscheidt van eerdere projecten van het samenwerkingsverband. Dit gezien het rangschikkingscriterium 'mate van innovatie'. Onderdeel K Artikel 2.6.4 De aanpassing vergroot de toepasbaarheid van de paragraaf. Landbouwers gaven aan een hoge drempel te ervaren om deel te nemen aan een samenwerkingsverband. Een landbouworganisatie, agrarisch collectief of gebiedsspecifieke stichting kan een goede rol vervullen om landbouwers aan te laten sluiten bij een gebiedsproces. Deelname van een landbouworganisatie, agrarisch collectief of gebiedsspecifieke stichting leidt daarnaast tot vermindering van administratieve last voor individuele landbouwers. Onderdeel L Artikel 2.7.8 Deze aanpassing verduidelijkt dat selectie van aanvragen en verdeling van het subsidieplafond plaatsvindt door de lokale actiegroep als bedoeld in artikel 33 van verordening 2021/1060. Gedeputeerde Staten voornoemd, voorzitter, mr. J.H. Oosters secretaris, mr. drs. A.G. Knol-van Leeuwen

Categorie: APV

In de categorie 'apv' worden alle apv-vergunningen zichtbaar gemaakt.

Meer meldingen zoals "Besluit van provinciale staten van Utrecht van 20 september 2023, nr. UTSP-4437239-3551, tot vaststelling van de Verordening Europese Landbouwsubsidies 2023-2027 (Verordening Europese Landbouwsubsidies 2023-2027 provincie Utrecht)"

APV

APV

Besluit van provinciale staten van Utrecht van 20 september 2023, nr. UTSP-4437239-3551, tot vaststelling van de Verordening Europese Landbouwsubsidies 2023-2027 (Verordening Europese Landbouwsubsidies 2023-2027 provincie Utrecht)

APV

APV

Verordening van het algemeen bestuur van de Veiligheidsregio Utrecht houdende regels omtrent financiën (Financiële verordening VRU)

Mededelingen

Mededelingen

Besluit tot het intrekken van het Besluit verbod onttrekken van grondwater natte landnatuur 2026

Mededelingen

Mededelingen

Besluit tot het intrekken van het Besluit verbod onttrekken van grondwater kwetsbare beeklopen met waardevolle natuur 2026

Verkeer

Verkeer

Ontwerp-verkeersbesluit N800 traject 6 snelheidsverlaging en inhaalverbod

Water

Water

Bekendmaking aanvraag om een omgevingsvergunning voor een wateractiviteit nabij Blaakweg 18 te Harskamp

Omgeving

Omgeving

Bekendmaking omgevingsvergunning voor een wateractiviteit aan de Transportweg 2 te Barneveld

Omgeving

Omgeving

Provincie Gelderland Reglement Verkeersregels en Verkeerstekens 1990 (RVV 1990), locatie alle provinciale wegen in Gelderland, in alle gemeenten in Gelderland

APV

APV

Nota risicomanagement en weerstandsvermogen Regio Foodvalley

Bestemmingsplan

Bestemmingsplan

Omgevingsplan gemeente Barneveld, verwerken Vangnetregeling 2

Omgeving

Omgeving

Provincie Gelderland Omgevingsverordening Gelderland, locatie provinciale weg N800, km 14.2-14.9 in Barneveld

Omgeving

Omgeving

Verleend, reguliere procedure, Thorbeckelaan 117 A Barneveld, het opslaan van vloeistoffen.