Subsidieregeling vrijwilligersorganisaties gemeente Maashorst 2027
Locatie
Soort
APV
Gepubliceerd op
2026-08-25
Gepubliceerd door
Gemeente Maashorst
Informatie
Subsidieregeling vrijwilligersorganisaties gemeente Maashorst 2027 Het college van burgemeester en wethouders; overwegende dat het gewenst is sociaal-maatschappelijke activiteiten van vrijwilligersorganisaties te stimuleren en waarderen; gelet op artikel 3 van de Algemene subsidieverordening gemeente Maashorst 2022; b e s l u i t vast te stellen de volgende Subsidieregeling vrijwilligersorganisaties gemeente Maashorst 2027 Artikel 1. Begripsomschrijvingen In deze regeling wordt verstaan onder: a.Algemene subsidieverordening: de Algemene subsidieverordening gemeente Maashorst 2022; b.college: college van burgemeester en wethouders van de gemeente Maashorst; c.vrijwilligersorganisatie: stichting, vereniging of informele organisatie, zonder inschrijving in het CBF (register goede doelen), waarvan de activiteiten hoofdzakelijk door vrijwilligers worden uitgevoerd en gericht zijn op de inwoners van de gemeente Maashorst; d.activiteit: doorlopende of jaarlijks terugkerende activiteit van een vrijwilligersorganisatie; e.jaarlijkse subsidie: subsidie per kalenderjaar bedoeld voor activiteiten als bedoeld onder d; f.subsidieperiode: periode van 4 kalenderjaren, waarbij als eerste jaar geldt het jaar waarvoor een organisatie voor het eerst subsidie krijgt; g.startsubsidie: subsidie bedoeld voor startende vrijwilligersorganisaties. h.oprichtingskosten: eenmalige kosten van de notaris en/of de Kamer van Koophandel die een vrijwilligersorganisatie moet maken om tot een rechtspersoon te worden. i.lid: betalend lid van een vereniging op peildatum 1 januari voorafgaand aan het subsidiejaar; j.volwassen lid: betalend lid van een vereniging van 18 jaar of ouder op peildatum 1 januari voorafgaand aan het subsidiejaar; k.jeugdlid: betalend lid van een vereniging tot en met 17 jaar op peildatum 1 januari voorafgaand aan het subsidiejaar; l.aanvraagformulier: formulier in de zin van artikel 4:4 van de Algemene wet bestuursrecht dat voor deze subsidieregeling is opgesteld; m.subsidieportaal: digitaal loket op www.gemeentemaashorst.nl om subsidie aan te vragen; n.dierenweide: een beperkt opengestelde locatie voor het publiek met minimaal 100 dieren bestaande uit diverse soorten, met het oogmerk om (direct) contact tussen publiek en dieren te faciliteren. Artikel 2. Activiteiten die voor subsidie in aanmerking komen 1.Het college verstrekt subsidie op grond van deze regeling voor activiteiten van vrijwilligersorganisaties die behoren tot een van de genoemde subsidiecategorieën zoals opgenomen in artikel 10. 2.De activiteiten geven uitvoering aan gemeentelijk beleid en vinden hoofdzakelijk plaats in de gemeente Maashorst.3.De activiteiten moeten voldoen aan tenminste twee van onderstaande algemene uitgangspunten: a.Maatschappelijke meerwaarde:een organisatie c.q. activiteit komt voor subsidie in aanmerking als deze een maatschappelijke meerwaarde heeft, in de zin dat hiermee wordt bijgedragen aan een collectieve behoefte van (een groep) inwoners in Maashorst; b.Sociale cohesie:een organisatie c.q. activiteit komt voor subsidie in aanmerking als deze bijdraagt aan: -(het versterken van) de sociale cohesie in en de sociale kwaliteit van een kern, wijk, buurt, of de lokale gemeenschap als geheel en/of -het versterken van de leefbaarheid: het vergroten van de tevredenheid en zelfredzaamheid van bewoners over hun woon- en leefomgeving; c.Maatschappelijke participatie:een organisatie c.q. activiteit komt voor subsidie in aanmerking als deze bijdraagt aan: -het vergroten van de invloed van bewoners op de leefbaarheid van de woon- en leefomgeving door het bevorderen van hun zelfredzaamheid en/of -het versterken van de samenhang tussen de verschillende bevolkingsgroepen en/of -het bevorderen van de maatschappelijke participatie van kwetsbare personen; d.Toegankelijkheid:activiteiten die met behulp van een gemeentelijke subsidie worden uitgevoerd, zijn voor iedereen wonend in de gemeente Maashorst toegankelijk en bereikbaar, ook voor mensen met een beperking. Artikel 3. Onderlinge verhouding subsidies Als voor dezelfde activiteit ook een subsidie is aangevraagd bij het Maashorstfonds, beoordeelt het college eerst of de activiteit op basis van deze regeling in aanmerking komt voor een bijdrage. Artikel 4. Weigeringsgrond 1.Onverminderd het bepaalde in artikel 9 van de Algemene subsidieverordening wordt een subsidie op basis van deze regeling geweigerd als het college voor dezelfde activiteit al subsidie heeft verstrekt. 2.Vrijwilligersorganisaties waarvoor een specifieke subsidieverordening, -regeling of besluit van kracht is, komen niet in aanmerking voor subsidie op grond van deze regeling. 3.Organisaties die zijn opgenomen in het register goede doelen van Toezichthouder goede doelen CBF en daarmee als goed doel zijn gekwalificeerd, zijn uitgesloten van deze subsidieregeling. Artikel 5. Doelgroep 1.Subsidie op grond van deze regeling wordt uitsluitend verstrekt aan vrijwilligersorganisaties.2.Verenigingen moeten tenminste 10 betalende leden hebben om voor subsidie in aanmerking te komen.3.Informele organisaties moeten tenminste 10 deelnemers per activiteit hebben. Artikel 6. Procedurebepalingen 1.Een subsidieaanvraag wordt ingediend bij het college via het subsidieportaal van de gemeente op www.gemeentemaashorst.nl.2.Iedere vrijwilligersorganisatie vraagt zelf de subsidie aan. Aanvragen die onder penvoering van een andere organisatie worden ingediend, worden niet in behandeling genomen.3.Bij de aanvraag overlegt de aanvrager in elk geval de gegevens die in het subsidieportaal of op het aanvraagformulier worden gevraagd. Artikel 7. Aanvraagtermijn 1.Een aanvraag voor een jaarlijkse subsidie wordt ingediend uiterlijk 1 september voorafgaand aan de subsidieperiode.2.Een aanvraag voor een startsubsidie wordt ingediend binnen drie maanden na de oprichting van de stichting of vereniging. Artikel 8. Kosten die (niet) voor subsidie in aanmerking komen 1.Voor subsidie in aanmerking komen kosten die noodzakelijk gemaakt moeten worden om de activiteit(en) te kunnen uitvoeren.2.Niet voor subsidie in aanmerking komen de kosten voor aankoop, beheer en exploitatie van accommodaties.3.Niet voor subsidie in aanmerking komen activiteiten waarvan de kosten hoofdzakelijk worden besteed aan eten en drinken, representatie, reis en verblijf, waaronder entrees.4.Niet voor subsidie in aanmerking komen kosten voor het organiseren van activiteiten waarvan de opbrengst ten goede komt aan een formeel of informeel goed doel of missiewerk.5.Niet voor subsidie in aanmerking komen kosten voor het vieren van jubilea van de organisatie. Artikel 9. Beoordeling aanvraag jaarlijkse subsidie 1.Een aanvraag als bedoeld in artikel 7, lid 1, wordt beoordeeld volgens de bepalingen van deze regeling. Het uitgangspunt is dat het college een subsidie toekent voor de duur van 4 kalenderjaren (subsidieperiode).2.De hoogte van het subsidiebedrag wordt in principe voor 4 jaar bepaald en jaarlijks verstrekt, inclusief indexering.3.Het toegekende subsidiebedrag voor het eerste kalenderjaar wordt voor het tweede tot en met vierde kalenderjaar jaarlijks geïndexeerd met de index zoals opgenomen in de gemeentelijke begroting van dat jaar.4.Bij het bepalen van het jaarlijkse subsidiebedrag hanteert het college de categorieën en bijbehorende berekeningen en bepalingen bedoeld in artikel 10. Indien aanwezig zijn de statuten van de vrijwilligersorganisatie leidend bij het bepalen van de categorie. Anders wordt het activiteitenplan als leidend beschouwd.5.In afwijking van artikel 10 en 11 bedraagt de subsidie nooit meer dan de totale activiteitenkosten die uit de begroting van de vrijwilligersorganisatie blijken of het gevraagde bedrag.6.Na 2 jaar is bijstelling van de subsidie mogelijk, mits er een stijging is van tenminste 25% van het aantal leden. Hiervoor kan de vrijwilligersorganisatie een verzoek indienen. Artikel 10. Subsidiecategorieën en berekening subsidie voor stichtingen en verenigingen 1. Met inachtneming van het bepaalde in artikel 9, lid 4 hanteert het college voor de berekening van de jaarlijkse subsidie de volgende categorieën en maximale bedragen (peiljaar 2024). 2. In afwijking van lid 1 geldt voor de categorieën scouting (onder jeugd), buitensport, dierenweides en speeltuinen in artikel 10 peiljaar 2026. a.Hulp en gezondheidAlgemeen •Per stichting een basisbedrag van € 1.200 wanneer zij actief zijn, zowel qua leden als het organiseren van jaarlijkse activiteiten, in 1 kern. Bij activiteiten in 2 kernen is het basisbedrag € 1.800 en bij activiteiten in 3 kernen of meer is het basisbedrag € 2.400. •Bij verenigingen € 15 per lid met een maximum van € 2.400. EHBO: •Per organisatie een vast bedrag van € 2.000. b.Ouderenwerk •Per stichting een vast bedrag van € 3.000. •Bij verenigingen € 15 per lid met een maximum van € 10.000. c.Buurt en wijk •Per stichting een vast bedrag van € 1.200 •Bij verenigingen een vast bedrag per eenheid ledenaantallen: 0 - 9 leden € 0 10 - 75 leden € 500 76 - 150 leden € 1.250 151 - 250 leden € 2.000 > 250 leden € 3.000 d.Immaterieel erfgoedAlgemeen •Per stichting een vast bedrag van € 2.500. • Bij verenigingen € 15 per lid met een maximum van € 2.500. • Aanvullend: wanneer een organisatie in de kern waarin zij actief is het primaire organiserende comité is voor activiteiten op één van de volgende nationaal erkende feestdagen: dodenherdenking, Bevrijdingsdag, sinterklaasintocht en/of Koningsdag, krijgt ze per activiteit € 1.000 bovenop het berekende bedrag per stichting of vereniging. Dit geldt alleen wanneer de activiteiten toegankelijk zijn en georganiseerd worden voor alle inwoners van de desbetreffende kern. Carnaval •Per carnavalsvereniging/-stichting die het primair organiserend comité is voor de carnavalsactiviteiten in een kern, een vast bedrag van €2.500. e.JeugdAlgemeen •Per stichting vast bedrag van € 3.000. • Bij verenigingen € 15 per lid met een maximum van € 3.000. • Wanneer er minimaal 2, unieke meerdaagse activiteiten worden georganiseerd van diverse aard, met meer dan 50 deelnemende kinderen, ontvangt een organisatie € 3.000 bovenop het berekende bedrag per stichting of vereniging • Aanvullend: wanneer een organisatie in de kern waarin zij actief is het primaire organiserende comité is voor activiteiten op één van de volgende nationaal erkende feestdagen: dodenherdenking, Bevrijdingsdag, sinterklaasintocht en/of Koningsdag, krijgt ze per activiteit € 1.000 bovenop het berekende bedrag per stichting of vereniging. Dit geldt alleen wanneer de activiteiten toegankelijk zijn en georganiseerd worden voor alle inwoners van de desbetreffende kern. • Wanneer een organisatie bij tenminste één van hun meerdaagse activiteiten intensief samenwerkt met andere maatschappelijke organisaties om een preventieve activiteit aan te bieden aan de jeugd gericht op hun mentale dan wel fysieke gezondheid, krijgen ze hiervoor aanvullend per kalenderjaar € 2.000 bovenop het berekende bedrag per stichting of vereniging. Kinderclubs •Per organisatie een vast bedrag van € 2.000. Scouting •Per organisatie een vast bedrag van € 500 aangevuld met € 16 per lid met een maximum van € 10.000. f.Binnensport •Per vereniging een vast bedrag van € 250 aangevuld met € 15 per lid met een maximum van € 10.000. •Voor stichtingen is de berekening als volgt:van de begrote subsidiabele kosten wordt: - tot € 1.740 elke begrote euro voor 100% gesubsidieerd; - elke daaropvolgende begrote euro tot € 3.480 voor 60% en - elke daaropvolgende begrote euro tot € 5.220 voor 20%. De subsidie bedraagt daarom maximaal € 3.132 per organisatie (alle bedragen afgerond en prijspeil 2026) g.Buitensport •Per vereniging een vast bedrag van € 250 aangevuld met € 10 per jeugdlid en € 5 per volwassenlid met een maximum van € 10.000. • Voor stichtingen is de berekening als volgt: • van de begrote subsidiabele kosten wordt: • tot € 1.740 elke begrote euro voor 100% gesubsidieerd; • elke daaropvolgende begrote euro tot € 3.480 voor 60% en • elke daaropvolgende begrote euro tot € 5.220 voor 20%. De subsidie bedraagt daarom maximaal € 3.132 per organisatie (alle bedragen afgerond en prijspeil 2026) h.Leefomgeving Algemeen •Per stichting een vast bedrag van € 3.000. •Bij verenigingen € 15 per lid met een maximum van € 3.000. i.CultuurAlgemeen •per vereniging, met uitzondering van muziekkorpsen, bedraagt de subsidie een vast bedrag per eenheid aantallen volwassen leden: 0 - 9 leden € 0 10 - 15 leden € 400 16 - 30 leden € 500 31 - 45 leden € 600 46 - 60 leden € 700 > 60 leden € 1.000 •Voor jeugdleden € 30 per lid.De subsidie bedraagt maximaal € 10.000 per organisatie. •Voor stichtingen, met uitzondering van muziekkorpsen, is de berekening als volgt:van de begrote subsidiabele kosten wordt: -tot € 1.740 elke begrote euro voor 100% gesubsidieerd; - elke daaropvolgende begrote euro tot € 3.480 voor 60% en - elke daaropvolgende begrote euro tot € 5.220 voor 20%. De subsidie bedraagt daarom maximaal € 3.132 per organisatie (alle bedragen afgerond en prijspeil 2026). j.MuziekkorpsenMuziekkorpsen zijn uitgesloten van subsidie op grond van deze subsidieregeling. Zij kunnen subsidie ontvangen op grond van de specifieke subsidieregeling die voor muziekkorpsen van kracht is in de gemeente Maashorst. k.Dierenweides •Per organisatie een vast bedrag van € 8.000 voor onderhoud en kosten die samenhangen met dierenwelzijn, zoals dierenarts en voer • Aanvullend: wanneer de organisatie minstens 2 maal per jaar een activiteit organiseert samen met het onderwijs en de kinderopvang dan ontvangt zij € 1.200 extra • Aanvullend: wanneer een organisatie gedurende het jaar een actieve samenwerking heeft met een zorg- of welzijnsorganisatie en de omgang met dieren dan wel de inzet op de dierenweide wordt ingezet ter bevordering van het welzijn van de cliënten, dan ontvangt zij € 750 extra. l.Speeltuinen •Organisaties die in een wijk of kern een speeltuin exploiteren, ontvangen een basissubsidie van € 1.000 • Aanvullend: heeft de organisatie minder dan 40 toestellen dan ontvangt zij jaarlijks een subsidie van € 500 voor onderhoud • Aanvullend: heeft de organisatie 40 toestellen of meer dan ontvangt zij jaarlijks een subsidie van € 1.500 voor onderhoud • Aanvullend: houden vrijwilligers van de organisatie toezicht tijdens openingstijden én organiseert de organisatie jaarlijks minimaal 5 aanvullende activiteiten, dan ontvangt zij jaarlijks een extra subsidie van € 2.500. m.OverigeDeze categorie is vanaf 2027 van toepassing op nieuwe aanvragen van vrijwilligersorganisaties die gezien de aard van de activiteiten niet onder te brengen zijn bij één van de andere categorieën. Algemeen • Per stichting een basisbedrag van € 1.200 wanneer zij actief zijn, zowel qua leden als locatie van de jaarlijkse activiteiten, in 1 kern. Bij activiteiten in 2 kernen is het basisbedrag € 1.800 en bij activiteiten in 3 kernen of meer is het basisbedrag € 2.400 • Bij verenigingen € 15 per lid met een maximum van € 2.400. Artikel 11. Berekening subsidie voor informele organisaties 1.Voor informele organisaties is de berekening als volgt:van de begrote subsidiabele kosten wordt: •tot € 1.740 elke begrote euro voor 100% gesubsidieerd; •elke daaropvolgende begrote euro tot € 3.480 voor 60% en •elke daaropvolgende begrote euro tot € 5.220 voor 20%. De subsidie bedraagt daarom maximaal € 3.132 per organisatie (alle bedragen afgerond en prijspeil 2026). Artikel 12. Berekening van de startsubsidie De startsubsidie bedraagt: a.maximaal € 732 (prijspeil 2026) voor oprichtingskosten, maar nooit meer dan de werkelijke kosten en b.een bedrag voor activiteitenkosten, berekend volgens artikel 10 van deze regeling voor de eerste twee jaar van hun bestaan als vrijwilligersorganisatie. Artikel 13. Vaststelling van de subsidie Subsidies die op grond van deze regeling worden verstrekt, worden direct vastgesteld. Artikel 14. Verantwoording 1.In afwijking van de artikelen 13, 14 en 15 van de algemene Subsidieverordening hoeven organisaties die op grond van deze regeling een subsidie ontvangen, geen verantwoording in te dienen.2.Het College kan steekproefsgewijs een controle uitvoeren op de besteding van de subsidie.3.Als blijkt dat de verstrekte subsidie niet volgens deze regeling is besteed, kan het College de subsidie terugvorderen. Artikel 15. Overgangsrecht Voor organisaties die voor het eerst op grond van deze regeling subsidie ontvangen, maar wel al eerder op grond van een ander besluit subsidie van gemeente Maashorst hebben gekregen, geldt de volgende overgangsregeling: a.Organisaties die volgens deze subsidieregeling per kalenderjaar ten opzichte van hun ‘oude’ subsidiebedrag een negatief verschil hebben van € 400 of minder, komen niet in aanmerking voor de overgangsregeling. Het te veel verstrekte subsidiebedrag over 2024 wordt niet teruggevorderd. b.Organisaties die volgens deze subsidieregeling per kalenderjaar ten opzichte van hun ‘oude’ subsidiebedrag een positief verschil hebben van € 400 of minder, komen niet in aanmerking voor de overgangsregeling. Zij krijgen met terugwerkende kracht het verschil meteen uitbetaald als een aanvullende subsidie. c.Organisaties die volgens deze subsidieregeling per kalenderjaar ten opzichte van hun ‘oude’ subsidiebedrag een positief of negatief verschil hebben van € 401 of meer, vallen onder de overgangsregeling. d.De overgangsregeling houdt in dat de subsidie in een periode van 3 kalenderjaren in gelijke stappen wordt verhoogd/verlaagd tot het bedrag volgens deze regeling, volgens onderstaande tabel: Erop vooruit ten opzichte van oude regeling* Erop achteruit ten opzichte van oude* regeling 2027 oud* + 1/3 van het verschil = 2027 nieuw Geen wijziging 2028 2027 nieuw + 1/3 van het verschil 2027 nieuw - 1/3 van het verschil 2029 2028 + 1/3 van het verschil = op niveau basisbedrag volgens deze regeling 2028 - 1/3 van het verschil 2030 Op niveau basisbedrag volgens deze regeling Op niveau basisbedrag volgens deze regeling Artikel 16. Slotbepalingen 1.De Subsidieregeling vrijwilligersorganisaties gemeente Maashorst 2024 wordt ingetrokken. 2.Deze subsidieregeling treedt in werking een dag na die van bekendmaking.3.Deze regeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling vrijwilligersorganisaties gemeente Maashorst 2027. Maashorst, 18 augustus 2026 de secretaris,J.A.G.M. van Aaken de burgemeester,Drs. J.H. van der Pas
Categorie: APV
In de categorie 'apv' worden alle apv-vergunningen zichtbaar gemaakt.

Meer over deze regio
Meer meldingen zoals "Subsidieregeling vrijwilligersorganisaties gemeente Maashorst 2027"

Mededelingen
Beleidsregels aanvraag prioriteit transportcapaciteit woningbouwprojecten en onderwijshuisvesting Gemeente Maashorst

Mededelingen
Besluit tot intrekking 2e uitbreiding onttrekkingsverbod uit oppervlaktewater

APV
Subsidieregeling vrijwilligersorganisaties gemeente Maashorst 2027

Mededelingen
Besluit 2e uitbreiding onttrekkingsverbod uit oppervlaktewater

Mededelingen
Beleidsregels aanvraag prioriteit transportcapaciteit woningbouwprojecten Meierijstad 2026

Omgeving
Molenstraat 7, Evenementenvergunning muziekevenement 26 en 27 september 2026

Omgeving
Provincie Noord-Brabant – besluit aanvraag omgevingsvergunning - Gemeente Maashorst, gehele bebouwde kom van Uden

Mededelingen
Besluit namens burgemeester en wethouders van de gemeente Boekel inzake intrekken blizz@de Mouthoeve als vaste trouwlocatie

Bestemmingsplan
Waterschapsverordening waterschap Aa en Maas 2027

Omgeving
Molenstraat 9, Aanvraag omgevingsvergunning voor het afwijken van het omgevingsplan voor het toevoegen van drie bouwkavels

Bestemmingsplan
Waterschapsverordening waterschap Aa en Maas 2027

Mededelingen
Bekendmaking voornemen wegslepen voertuigwrak op de carpoolplaats langs de Noordelijke Randweg te Sint-Oedenrode

